Lytse reade Robin, zo noem ik onze vast roodborstige wintergast: kleine rode Robin voor niet-Friestaligen …
Hoe zachter de winters zijn, hoe langer het duurt voordat hij zich weer laat zien, zo lijkt het. Maar vanmorgen liet hij zich dan toch weer even bewonderen op één van de voederplekjes in de tuin …
Nadat ik vorig jaar juli op een warme zomeravond vanwege een dicht wolkendek vruchteloos had uitgekeken naar de volledige maansverduistering, kreeg ik afgelopen nacht een herkansing. Omdat er rond het tijdstip van de verduistering matige vorst op het programma stond, zag ik het niet zo zitten om de wekker ervoor te zetten. Ik gokte erop dat ik wellicht tussen half zes en half zeven wel wakker zou worden voor een sanitaire stop. In dat geval had ik me voorgenomen om er maar het beste van te maken. En zo geschiedde …
En dus stond ik vanmorgen in alle vroegte bij een temperatuur van ruim -5 ºC met mijn nieuwe camera op het statief in de achtertuin. En toen kwam ik er dus achter, dat de menu-structuur van mijn nieuw camera toch echt heel anders in elkaar zat dan bij zijn voorganger het geval was. Ondanks mijn zondagse voorstudie was ik vanmorgen grotendeels aangewezen op gevoel en improvisatievermogen. Van de bijna 100 foto’s die ik heb gemaakt, heb ik de twee beste eruit gehaald. En dat heeft met enige nabewerking tot deze resultaten geleid …
Nu heb ik van Blue Monday nog nooit veel last gehad, maar vandaag slaat die depressiviteit al helemaal nergens op. Of het moest al zijn vanwege het feit dat de temperatuur intussen is opgeklommen tot bijna anderhalve graad in de plus en dat er sneeuw dreigt te vallen. En dat zijn geen goede ontwikkelingen voor de liefhebbers van natuurijs. We wachten het maar weer af.
Het Tripgemaal dat mijn weblog de afgelopen dagen sierde, hoeft tegenwoordig in feite alleen nog maar mooi te zijn. Het wordt beoordeeld op zijn uiterlijk en niet op zijn maalvaardigheid. En dat is maar goed ook, want malen is er niet meer bij voor het Tripgemaal …
Het zware werk is in 1976 overgenomen door het gemaal Fjouwer Kriten, dat een kilometer zuidelijker aan De Deelenweg staat. Deze foto’s en de close-ups van gisteren heb ik gemaakt vanaf de Hooivaartsweg.
Het is een stuk minder mooi om te zien dan het Tripgemaal, het is eerder eenvoudig en degelijk. Gemaal Fjouwer Kriten heeft de beschikking 3 schroefpompen met een capaciteit van 200 m³, daarmee kan het gemaal 600 m³ per minuut pompen. Daar valt niet tegenop te drinken, maar het houdt de polder wel droog …
En nu maar hopen dat de Friese gemalen voorlopig tot laten we zeggen tot eind februari stil staan, want dat zou betekent dat er zicht is op een mooie lange winterperiode met een goede kans op schaatstochten op natuurijs.
Zoals ik gisteren al schreef, toonde voormalig eigenaar Thom Mercuur (1940 – 2016) in de expositieruimte van het Tripgemaal o.a. gebruiksvoorwerpen, foto’s, boeken, etc. die de turfwinning en de slechte sociale leefomstandigheden in deze streek weer in herinnering brachten. Daarvan is ook vandaag de dag aan de buitenzijde van het gemaal nog wat terug te zien. Daarom ben ik via de verderop gelegen brug naar de overkant van de Heafeart gereden.
Aan de zuidgevel van het gebouw kijkt het stilistische portret van de Nederlands politicus, sociaal-anarchist, en antimilitarist Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846 – 1919) nog steeds uit over het polderland. Domela Nieuwenhuis geldt als één van de oprichters van de socialistische beweging in Nederland. Ook was hij de oprichter van het tijdschrift Recht voor Allen …
Domela was in Nederland populair door zijn optredens bij stakingen van ambachtslieden, maar zeker ook bij die van de veenarbeiders. In veel arbeiderswoningen was een foto van hem te vinden. Omdat hij opkwam voor de Friese veenarbeiders, kreeg hij de bijnaam Us Ferlosser …
Domela’s muur – 1
Domela’s muur – 2
Domela’s muur – 3
Tot zover het hier al eerder besproken portret van Domela. Dan nu nog iets wat ik nog niet eerder onder de aandacht heb gebracht. Of ze een bepaalde betekenis hebben, weet ik niet, maar op de zijdeuren van het gemaal staan al jaren een paar ezeltjes geschilderd. En wat hier tot slot nog opvallend is: de bovengrondse bedrading met de ‘isolatiepotjes’ bovenin de palen aan de rechterkant van de weg, zoals ik ze nog ken uit mijn kinderjaren …
ezeltjesdeur – 1
ezeltjesdeur – 2
ezeltjesdeur – 3
Ik sluit dit logje over Us Ferlosser ook nu maar weer af met “De Internationale”, ditmaal in een uitvoering van Rob van de Meeberg. Want de strijd is nog altijd niet gestreden …
Het uit 1876 daterende Tripgemaal staat aan de spiegelende Heafeart (Google Maps) bij Gersloot. Althans, dat heb ik tot voor kort altijd gedacht. Maar sinds 2013 staat het Tripgemaal formeel in de buurtschap Gersloot-Polder. In 2013 zijn – op initiatief van het lokale Plaatselijk Belang – witte plaatsnaamborden geplaatst. “Het dorp Gersloot-Polder heeft in 1978 geen eigen postcode en plaatsnaam gekregen in het postcodeboek, voor de postadressen ligt het daarom sindsdien ‘in’ Gersloot,” aldus de hier vaak reagerende Frank van den Hoven op de pagina over Gersloot-Polder op zijn website www.plaatsengids.nl …
Het gemaal is vernoemd naar de familie Trip die drie generaties lang de machinisten van het gemaal waren. Samen met de bijbehorende machinistenwoning vormt het gemaal een rijksmonument. In 1988 is het leegstaande gemaal gekocht door Thom Mercuur (kunstverzamelaar, kunsthandelaar, galeriehouder, curator, uitgever en museumdirecteur). Hij heeft het complex indertijd verbouwd en ingericht als tentoonstellingsruimte en woonhuis. Mercuur toonde hier gebruiksvoorwerpen, foto’s, boeken, etc. die de turfwinning en de slechte sociale leefomstandigheden weer in herinnering brachten. Op dat laatste kom ik hier morgen nog even terug, wanneer we de blik op de zijkant van het gemaal richten …