Naar ‘de Putten’

De dag was begonnen met meevallers bij het boerderijtje en op het strandje, maar dat we niet bij de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ konden komen was toch even een tegenvaller. Hopend dat we bij ons volgende doel meer geluk zouden hebben, vervolgden we ons ritje. We reden via het westen naar de noordkant van de Leijen …

Tot een jaar of tien geleden liep ik vanaf het keerpunt aan het eind van de doodlopende Mienskerwei (kaartje OpenStreetMaps) regelmatig naar een uitzichtpunt op de oever van de Leijen aan de kant van Estermar. Dat uitzichtpunt stelde op zichzelf niet zoveel voor. Meer dan een verhoging van ruim 1 meter met rondom een houten hek bestaande uit paaltjes was het niet. Maar je had er wel een mooi uitzicht over de Leijen …

Daar kan ik dus al een jaar of tien niet meer komen, omdat het laatste deel van de Mienskerwei is afgesloten voor autoverkeer. Het uitzichtpunt kwam daardoor met een loopafstand van ongeveer 1 km buiten mijn bereik te liggen. Het omringende weideland werd teruggegeven aan de natuur. Het nieuwe natuurgebied ‘de Putten’ bestaat nu vooral uit rietland en moeras. Ik was benieuwd hoe het er bij het oude uitzichtpunt nu uit zou zien …

Met beleid en voorzichtigheid kon ik met de Joiny net langs de afsluitboom aan het eind van het doodlopende weggetje. Daarna volgden we een slecht gemaaid pad dat in de richting van het vroegere uitzichtpunt voerde. Het enige wat ik er van vroeger herkende was het scheef hangende hek waar we langs liepen. Het stukje weide daarachter is onveranderd gebleven. Kennelijk is het nog steeds privébezit, want er lopen nog altijd pony’s …

So far so good, op naar het uitzichtpunt van weleer …

Mooie optrekjes

Oranjewoud staat bekend om zijn mooie landhuizen en andere aardige stulpjes. Dit optrekje met oprijlaan en snelle dure auto staat tegenover het landgoed dat we hier gisteren hebben bekeken …

Aan het eind van de Lindelaan staat het statige Landgoed Oranjestein. Op de plek waar eens de rentmeesterswoning van het stadhouderlijk lusthof zich bevond, liet de Leeuwarder koopman Pieter Cats in 1820 een buitenplaats bouwen. Het oude gedeelte van de prachtige tuin die het neoclassicistische huis omringt, werd in 1822 ontworpen door de gisteren ook al genoemde tuinarchitect Lucas Pieter Roodbaard

Oranjestein staat aan de Marijkemuoiwei. Een stukje verderop aan die straat passeren we dit kleine huisje in het bos. Klein, maar fijn. Maar verkijk je er niet op, want er zit wel een EIGEN WEG bij …

En nog weer wat verderop staat de Oranjerie van Oranjestein. Na een wandeling door de tuin is hier gelegenheid om te aandacht te besteden aan de inwendige mens. Dat zat er nu niet in, want de Oranjerie was gesloten en heeft maar beperkte openingstijden …

Enkele minuten later reden we Brongergea binnen, tussen de 14e en de 16e eeuw was het een kerkdorp, dat van groter belang was dan Oranjewoud. Na verloop van tijd verloor Brongergea aan betekenis en werd het dorp voorbijgestreefd door dorpen als De Knipe en Mildam. Tegenwoordig is Brongergea een kleine buurtschap onder de rook van Oranjewoud …

wordt vervolgd

De andere kant van ’t eiland

– Een virtuele vakantie 21 –

Op de derde en laatste dag van ons korte verblijf op Terschelling besloten we een fietstocht over de zuidkant van het eiland te maken, langs het Wad en tussen de weilanden door. Hoewel ik als enige in het gezelschap over een e-bike beschikte, lieten de ritjes van de voorgaande dagen zich flink voelen in mijn bovenbenen.

Het hek en vooral het waarschuwingsbord op de eerste twee foto’s kwamen me eerlijk gezegd dan ook wel goed uit. Even een moment van rust en humor. Volgens onze gids moesten we over de dijk, om dan aan de zeezijde verder naar het oosten te fietsen. De beide vrouwen stonden erop om alle drie de fietsen gezamenlijk naar boven te brengen, zodat ik mijn benen nog even kon ontzien. Wat een kanjers, hè …!?