We vervolgden onze weg naar de Jan Durkspolder. Op het laatste stuk let ik altijd even extra op, omdat ik hier regelmatig een sprong reeën in het land zie staan …
Ook vrijdag zag ik de eerste schim van een ree al staan, ruim voordat hij binnen het bereik van onze camera’s was. Ik vertelde Jetske dat ze nog wel even wat verder konden rijden, zodat we ze voorbij een bosschage beter in beeld konden krijgen …
Eenmaal daar bleken er meerdere kleine groepjes reeën te lopen. Wij richtten onze camera’s op het groepje van drie dat zich het dichtst bij ons bevond. Eén van de reeën bleef ons voortdurend in de gaten houden. Omdat we rustig bij de auto bleven staan, gaven de reeën ons alle gelegenheid om een mooie fotoserie te maken …
Onderweg naar de Jan Durkspolder trof ik gisteren een sprong reeën waar ik ze nog niet eerder had gezien. Zodra ik de auto in de berm had laten uitrollen, draaiden een reebok en een hinde de blik in mijn richting …
Iets verderop liep een derde ree door een droge sloot of een greppel. Al snel volgden ook de andere twee. Eigenlijk liepen ze net wat te ver weg voor mooie foto’s, maar elke ontmoeting is er één en ik geniet steeds weer van zo’n groepje reeën …
Enkele kilometers verderop zag ik een tweede sprong reeën in een stuk land lopen. Dit is een bekende groep op een bekend plekje. Vergelijk het gras op de eerste drie foto’s eens met dat op de volgende foto’s …
Ik heb de reeën van de eerste drie foto’s niet zien grazen. En dat is ook niet zo gek, want daar was niets voor ze te vreten. Ze doorkruisten dat weiland linea recta op zoek naar wat lekkers, want in die eindeloze weilanden met raaigras is niets voor ze te vinden. Er groeit geen bloemetje of wat dan ook. Nee, dan hebben de reeën het in het kruidenrijke gras in de Jan Durkspolder een stuk beter …
Het was gisteren een frisse, maar zonnige ochtend in Drachten en omgeving. Na de koffie ben ik in de auto gestapt om een ritje te maken naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder. Nog voordat ik aan de hut toe was, kon ik de camera al uit de tas halen om een sprong reeën te fotograferen …
Zodra ik de ranke dieren zag, liet ik de auto rustig in de berm uitrollen. Een vijfkoppige sprong reeën stond rustig te grazen in een weiland. Af en toe keken één of twee van de dieren even op om te kijken of er gevaar dreigde. Ik vormde geen enkele bedreiging in mijn mobiele kijkhut. En ook de jonge vrouw die in de verte voorbij holde, bracht ze niet in beweging …
Nadat het dinsdag een groot deel van de ochtend had geregend, brak aan het eind van de ochtend de zon door. Een blik op de buienradar leerde dat er weliswaar nog buien over de provincie zouden trekken, maar er leken toch ook wel wat zonnige periode op komst. Gewapend met mijn medicijnen, de camera en wat mondvoorraad besloot ik in de auto te stappen om een ritje te maken …
Via kleinere wegen en een paar maal een korte stop om wat foto’s te maken van de buienlucht, kwam ik uiteindelijk toch weer terecht in de Ecokathedraal. Daar hoopte ik wat foto’s te kunnen maken van de schaduwen van de kalende takken op de bouwwerken. Dat viel echter tegen, want de lucht trok al snel weer dicht.
Na een korte rondgang door het voorste deel van het project en even schuilen onder de Porta Celi om een bui te laten passeren, ben ik via ommelandse wegen terug gereden. De zon scheen af en toe weer, de bomen bleven kleuren, een paar reeën stonden te grazen bij Hemrik, de klokkenstoel van de kerk Wijnjeterp had een mooie kleurige omlijsting gekregen en het was nog steeds nat in de weilanden …
Eind april heb ik op een vrij donkere en kille dag weer eens een ritje door de omgeving gemaakt. Eerst heb ik even een kijkje genomen in de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen. Daar blies de wind zo venijnig naar binnen, dat ik vrijwel meteen weer rechtsomkeert heb gemaakt. Daarna ben ik even doorgereden naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder. Daar was de situatie niet veel beter, het voordeel was dat de luiken aan de windzijde waren gesloten, maar aan de lijzijde was er geen vogel te zien. Daar was ik dus ook snel uitgekeken …
uitzicht over de Leijenuitzicht over de Jan Durkspolder
Het gevolg was dat ik al snel weer in de auto zat. Met de kachel op ‘standje hoog’ om weer wat op te warmen, reed ik met een omweg huiswaarts. Onderweg werd mijn dag in fotografische zin alsnog goedgemaakt, omdat ik een sprong reeën tussen de pinksterbloemen trof …
Zodra ik ze zag, heb ik de auto rustig laten uitrollen in de berm. Nadat ik het raampje naar beneden laten glijden, kon het genieten die dag echt beginnen. Vooral deze kleine kluwen van vier reeën vond ik erg leuk ..
Vorige week maandag, 13 maart, trok de eerste officiële storm van 2023 over ons land. Nadat ik een halfuurtje met mijn mond open had gezeten bij de mondhygiëniste, besloot ik rond het middaguur nog even een ritje naar de Jan Durkspolder te maken. Aan die polder ben ik niet toegekomen, omdat ik onderweg werd opgehouden …
Ik trof namelijk een grote sprong reeën aan, in totaal heb ik er 15 geteld. Het lijkt me een typische wintersprong, die binnenkort uiteen zal vallen wanneer het echt voorjaar is. De reeën gaan dan solitair of in kleine gezinsverbanden de zomer tegemoet. Het was aan de opwaaiende vacht goed te zien hoe hard het waaide. Op de donkere plekken strijkt de wind tegen de richting van de haren in. Ze leken bijna uit hun jasje te waaien. En er waaiden ook nogal eens wat takjes voor de lens van mijn camera langs …
Maar terug naar de wintersprong. Aan het eind van de herfst zoeken de kleine gezinsverbanden en meer solitair levende reeën elkaar op. In grotere groepen is het ’s winters veiliger om op zoek te gaan naar het dan toch wat schaarsere voedsel. Terwijl ze in hun sprong staan te grazen, zijn er altijd andere groepsleden, die spiedend in het rond kijken of er mogelijk gevaar dreigt …
Ik kreeg de indruk dat de reeën al grazend langzaam in de richting van hun vermoedelijke beschutte rustplek liepen. Daarom nam ik na een minuut of tien een andere positie in, zodat ik ze het bosje in kon zien gaan …
Ik sluit af met de mooiste, waarschijnlijk de dominante reebok van de sprong. Als enige had hij zijn volgroeide gewei zo te zien al goeddeels kaal geborsteld aan boompjes en takken. Echt een prachtig dier …
Tot slot: voor wie nog eens een uurtje over heeft, dit is een mooie informatieve, 50 minuten durende film over het ree: “Capreolus Capreolus, reeënsprongen in Nederland”…
Het aanhoudend grijze weer lokt me nog steeds niet voor mijn plezier naar buiten. Gisteren moest ik er twee keer op uit omdat ik afspraken buitenshuis had. Van die gelegenheid heb ik toch maar gebruik gemaakt om een ritje naar de Jan Durkspolder te maken. Op en rond het water viel niks te beleven, maar mijn ritje werd toch beloond …
Ik was net aan de terugweg over de Westersânning begonnen, toen ik in een aantal bruine vlekken in de verte een groepje reeën meende te herkennen. Om vrij zicht over het weiland te hebben reed ik een klein stukje achteruit, daar zette ik de auto met de rechterwielen in de berm …
Ze stonden ver weg, maar door afstand heb ik me nog nooit laten weerhouden om iets te fotograferen. Wazige of anderszins slechte foto’s kun je altijd nog weggooien, zeg ik altijd maar. Het werden ondanks het grijze weer nog alleszins acceptabele foto’s waar ik me niet voor hoef te schamen…
Normaal gesproken vind ik het op zo’n moment vaak wel aardig om dan wat langer te blijven zitten kijken. Daar had ik gisteren met het waterkoude weer geen zin in. Het was mooi om deze sprong reeën weer eens aan te treffen, want ik had ze al een paar maanden niet meer gezien, maar daarmee was het eerst ook wel weer klaar …