Terug over de Waddendijk

Nadat Jetske het verzoek had gekregen om te stoppen met fotograferen bij het podium, besloten we terug te gaan richting auto. We hadden de bijzondere setting op de Peazemerlânnen aan de rand van het Wad bekeken en we ook de oude palenrij hadden we weer gezien. Het was goed zo …

Nadat we op de heenweg op de normale manier over de dijk waren geklommen, stelde ik voor om op de terugweg gebruik te maken van de trap. Technisch gesproken bevinden die trappen en de brug zich maar op beperkte hoogte boven de dijk. Voor hoogtevrees was ik dan ook niet bang …

Maar ik moet toegeven, dat ik die brug toch knap hoog begon te vinden, toen ik aan de voet van de trap stond. En even later van boven naar beneden kijkend – waar Jetske intussen ook aan de klim was begonnen – vond ik toch een knappe diepte. Maar het uitzicht over het operaterrein en de daarachter liggende Wadden, was dan wel weer heel mooi …

Ik moet ook gewoon niet te steil naar beneden kijken, dan is er niets aan de hand. Voor Jetske, die nog net wat meer last van hoogtevrees heeft, viel het niet echt mee. Zwaar bepakt en bezakt daalde ze stapje voor stapje af. Daar werd ze vanaf het terras aan de overkant van de straat met een applausje beloond …

Omdat het intussen ook tijd was om aan de inwendige mens te denken, lieten we ons een stuk appeltaart en een stuk oranjekoek op dat terras goed smaken. Hoewel het al tegen het eind van de middag liep, stelde ik Jetske voor om na de koffie nog even een kijkje te nemen bij de coupures in de oude zeedijk ten zuidoosten van Paesens. Hoewel ze niet meteen wist wat ze zich er bij voor moest stellen, moesten we dat maar doen, vond Jetske …

Maar voordat we naar die dijkcoupures gaan, morgen eerst nog wat foto’s die ik vanaf de brug over de dijk heb gemaakt.

Repeteren is vooral wachten

Sneller dan normaal hield ik het ditmaal bij de palenrij voor gezien. Die palen zouden er bij een volgend bezoek aan Paesens ook nog wel staan, bij het gebeuren rond de opera lag dat even anders …

Ik nam mijn plekje aan de rand van het podium weer in en legde de camera weer op schoot. Zo kon ik lekker zittend en genoeglijk om me heen kijkend weer wat foto’s maken …

Het beeld dat zich voor mijn ogen ontspon was een stuk minder dynamisch dan wat ik eerder op de middag had gezien …

Het zal duidelijk zijn: repeteren is vooral wachten. Dat is natuurlijk wel een bekend gegeven, maar ik vond het wel vermakelijk om dat hier ter bevestiging nu eens te kunnen aanschouwen …

Intussen was mijn fotomaatje Jetske ook teruggekeerd van de palenrij. Zwaar beladen met rugtas en camera’s ging ze pontificaal staan fotograferen. Terwijl ik me weer naar het podium wendde, liep er iemand vanaf het podium naar Jetske toe. Ik kon het niet helemaal volgen, maar het komt erop neer dat ze in het Engels het verzoek kreeg om te stoppen met fotograferen. Tja, je bent ‘paparazzi fotograaf’ of niet … 😉

Er restte ons weinig anders dan maar eens terug te gaan over de Waddendijk. Maar dat is voor morgen.

Theatertechniek aan ’t Wad

Orkest, koor en solisten kunnen bij een voorstelling als deze nog zo goed hun best doen, zonder de mensen van licht- en geluidstechniek en de mensen die zorg dragen voor de bouw van podium, tenten en tribune, zouden ze zich hier al snel verloren voelen, lijkt me …

Daarom hieronder even een blik op een deel van de grote hoeveelheid technische randzaken rond de Wadopera …

Morgen richt ik de blik nogmaals op het podium.

Op de begraafplaats

Na onze rondgang langs het museum, het Zodenhuis en ‘het Stekje’ staken we de Camstrawei over (Google Maps)

Daar wandelden we over het pad naar de begraafplaats en de Toren van Firdgum bovenop de terp …

Eenmaal op de begraafplaats konden we de toren ook vanaf de oostkant bekijken. Terwijl Jetske enige tijd over de begraafplaats rondscharrelde, ging ik lekker op één van de bankjes aan de zijkant zitten …

Ik sluit vandaag af dit bijzonder grafmonument … ‘een bijzondere vogel vliegt weg …’

Morgen gaan we terug naar de auto om daarna onze weg te vervolgen.

Het ‘Stekje van Firdgum’

Wat vooraf ging

Het natte najaar van 2013 werd het Zodenhuis noodlottig. In november 2013 is tot grote teleurstelling van iedereen die eraan heeft meegewerkt een groot deel van het zodenhuis ingestort. Een gebeurtenis die nogal wat impact had na alle arbeid en inzet van alle betrokken. Na inspectie bleek dat het huis niet is ingestort als gevolg van een zwakke dakconstructie. De zodenmuur was bij een van de deuropeningen ingewaterd en had daardoor zijn draagkracht verloren. Maar het zodenhuis werd herbouwd. Met de lessen van de bouw van ‘Zodenhuis 1’ werd op 6 november 2015 ‘Zodenhuis 2’ opgeleverd …

Voor Jetske en mij was het intussen tijd geworden om afscheid te nemen van het Zodenhuis. Dat doe ik met een paar close-ups die mooi de structuren van de kleizoden laten zien. Deel 2 van de documentaire over de bouw van het Zodenhuis is onderaan deze post te vinden …

Tussen de weg, het museum en het Zodenhuis is een ontmoetingsplek gecreëerd op het dorpsplein van Firdgum. Uitgangspunten voor dit ‘stekje’ was de gelaagde geschiedenis van Firdgum. Uiteindelijk heeft keramiste Paulien Ploeger uit het nabije St.-Jacobiparochie dit bijzonder ontwerp gerealiseerd dat helemaal op deze plek past …

Het Stekje is gebaseerd op de ontstaansgeschiedenis van Firdgum. Ploeger heeft zich laten inspireren door de gelaagde structuur van het landschap en de relatie van de terp met de zee. Beide zijn niet direct te zien, maar haar ontwerp maakt de landschapsgeschiedenis zichtbaar en laat bezoekers stilstaan bij het verleden …

Het volledige verhaal achter het ‘Stekje van Dijkshoek, Firdgum, de Mieden’ is te lezen op een bordje aan de rand van het pleintje …

Dit hoofdstuk sluit ik af met ‘Het Zodenhuis deel 2’ van Omrop Fryslân …

Morgen nemen we een kijkje op de begraafplaats van Firdgum.

Het Zodenhuis in Firdgum

Tegenwoordig is het noordelijk kustgebied goed beschermd door een zware en metershoge dijk langs de Waddenzee. In vroeger eeuwen was dat anders en werd een groot deel van Fryslân en Groningen regelmatig overspoeld door het zeewater. Toch werd dit gebied al vroeg bewoond …

Het Fries-Groningse kustgebied was lang een leeg en kaal landschap. De vruchtbare kweldergebieden liepen regelmatig tot ver landinwaarts onder water. Om er te kunnen leven en wonen, werden er terpen en wierden opgeworpen, kunstmatige hoogten in het landschap. Daar konden de kustbewoners bescherming tegen hoog water vinden …

Over hoe er gewoond werd was lang veel minder bekend. Van terpafgravingen hier in Firdgum en diverse andere terpdorpen in de omgeving heeft men intussen geleerd, dat de muren van terpboerderijen uit de 5e t/m 7e eeuw voornamelijk bestonden uit dikke muren van gestapelde kleizoden …

Het Yeb Hettinga Museum en de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) maakten in Firdgum een reconstructie van een oude boerderij van graszoden. Het ontwerp van het Zodenhuis dateert van ongeveer 700 na Christus. Er is gekozen voor een stalgebouw met dakdragende muren van zoden. De zoden voor dit wetenschappelijk experiment (11.000 stuks) komen uit het buitendijkse gebied bij Hallum, ongeveer een km ten noorden van de Zeedijk …

Omdat zowel het museum als het Zodenhuis gesloten waren, konden we alleen even naar binnen kijken door de gedeeltelijke open rand tussen de muren en het dak. Zo is toch mooi te zien dat er bijna overal gebruik gemaakt is van pen-en-gatverbindingen. Omdat het zodenhuis veilig moet zijn voor publiek, is op enkele plekken node gebruik gemaakt van draadstaalverbindingen …

Omrop Fryslân heeft het hele proces van de bouw van het Zodenhuis vastgelegd in een tweedelige documentaire. Archeoloog Daniël Postma van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) neemt ons in aanloop naar de bouw mee op een studiereis naar IJsland en Schotland om daar informatie te vergaren over de zodenhuizen of de restanten daarvan, die daar nog goed bewaard in het landschap te vinden zijn.

O, en laat je niet afschrikken door het feit dat het een documentaire van Omrop Fryslân is. Het gaat om een Nederlands- en Engelstalige productie …

Morgen meer over het Zodenhuis van Firdgum en deel 2 van deze boeiende documentaire.

Bij het Yeb Hettinga Museum

Tegenover de ingang van de begraafplaats vinden we het Yeb Hettinga Museum. Yeb Hettinga (1938-1999) verzamelde in zijn vrije tijd o.a. oude landbouwwerktuigen. Ook zocht hij samen met zijn dorpsgenoot Wietse Leistra, die in het bezit was van een metaaldetector naar oude voorwerpen. Na verloop van tijd had hij een ruime collectie aan munten en kledinghaakjes uit 1700 en allerlei andere voorwerpen …

In 1986 kocht Hettinga Camstra State, een sterk verwaarloosde, maar historische boerderij in Firdgum. In een deel van het pand richtte hij een mini-museum in. Later kocht hij het uit 1900 daterende schooltje in Firdgum, tegenwoordig is zijn verzameling daar te bezichtigen …

Het museum was helaas gesloten toen wij er waren. Maar dat wil niet zeggen dat we er voor niks naar toe gelopen waren. Op het terrein van het museum staat in het kader van Sense of Place ook een Zodenhuis. Dit Zodenhuis is in de periode 2012-2015 gebouwd in het kader van een samenwerkingsproject van het museum en de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Morgen kom ik daar op terug …

Onderweg naar het Zodenhuis liepen we weer enige vertraging op, omdat Jetske weer een beestje had gevonden. Ditmaal ging het om een kleine vos …

Ik heb me intussen niet verveeld hoor. We zijn er allebei al sinds 2006 aan gewend om ons eigen onderwerp uit te zoeken, wanneer de ander geconcentreerd bezig is. Dat vosje was mij te klein om het nog steeds grijze weerbeeld op te fleuren, ik koos voor de pompoenen …

Morgen gaan we het hebben over de geschiedenis van het Zodenhuis.