De volgende stop was bij de buurtschap Koehool (Google Maps), het kleine vissersdorpje waar na de dijkverhoging van de jaren ’70 nog maar een paar van de originele huisjes zijn overgebleven …
Jetske had het verhaal van ‘de Waadfisker’ natuurlijk al gelezen op mijn blog, maar foto’s van het monument had ze er nog niet gemaakt. Dat heeft ze bij deze gelegenheid wel goedgemaakt …
Omdat ik het beeld en het verhaal al kende, ging mijn aandacht op dat moment vooral uit naar de andere kant van de weg. Daar speelde zich wel een aardig tafereeltje af …
Een vriendelijk groetende wandelaar liep samen met zijn niet aangelijnde hond de dijk op. Daarbij negeerde hij twee borden waarop te lezen was dat honden alleen aangelijnd de dijk op mogen. Dat is op zich tot daar aan toe, maar ik vond het vooral lullig dat hij ook de schaapachtige boa bij ’t hek het nakijken gaf …
Nadat Jetske in fotografische zin rond ‘de Waadfisker’ aan haar trekken was gekomen, besloten we een stukje verderop nog even een kijkje te nemen bij het witte gebouwtje, dat in de verte tegen de dijk lijkt te zijn aangeplakt …
Eerder dan verwacht kreeg het bezoek aan de kwelder bij Westhoek een vervolg. Er ontstond namelijk reboelje om de kwelder …
Reboelje is niet alleen een Friestalige folkrock band, die van 1987 tot 2003 nogal aan de weg timmerde, reboelje is ook het Friese woord voor oproer (opstand, revolte, verzet, commotie, onrust). Dit blogje gaat niet over een optreden van Reboelje op de kwelder, maar om de discussie die hier recentelijk op gang is gekomen over een plan van Vogelbescherming Nederland om een verkeerslicht te plaatsen op de kwelder bij Westhoek …
Een verkeerslicht daar op die kale kwelder …? Jawel, want toeval of niet, een dag na de prachtige rit die ik met Aafje naar die kwelder heb gemaakt, stond het onderstaande bericht in de Leeuwarder Courant …
Daar kwam meteen na het weekend al een reactie op van het CDA in de gemeente Waadhoeke. “Een stoplicht hoort niet thuis in de natuur,” zo luidde het verweer …
Omrop Fryslân kwam een dag later met het bericht dat in de kwelder bij Westhoek is onderzocht hoe vaak de vogels daar worden verstoord en hoe je daar, en elders, iets aan kunt doen. Vogelbescherming Nederland, Sovon Vogelonderzoek en It Fryske Gea werken hier samen om dat voor elkaar te krijgen. Daarbij is gebruik gemaakt van de nieuwste technieken, zoals wifi-tellers op twee palen langs het paadje in de kwelder. Gemakshalve verwijs ik hier verder naar het interessante artikel: Onderzoek naar ‘verstoorders’ van waddenvogels bij Westhoek. Enfin, wordt vervolgd, want ik vermoed dat deze discussie zeker tot volgend voorjaar zal duren …
Intussen had ik al een paar foto’s van de vele Wadvogels gedeeld met mijn fotomaatje. In vergelijking met mij staat Jetske al een trapje hoger in de rangorde der vogelaars, zij stelde dan ook enthousiast voor om op onze volgende gezamenlijke fotodag nog maar eens een ritje naar het Wad te maken. En zo geschiedde het, dat we vrijdag 8 oktober opnieuw samen over de Wâldwei reden, terwijl de laatste mistslierten oplosten. …
Ter hoogte van de voetgangersbrug ‘de Slachtetille’(Google Maps) over de A31 scheen de zon al volop. Deze voetgangersbrug is de Alpe d’Huez van de Slachtemarthon, die één keer in de vier jaar gelopen wordt over de bijna 42 km lange, eeuwenoude Slachtedyk …
Leuk te horen dat de foto’s en (korte) verhalen uit de Friese Waddenstreek op prijs worden gesteld. Daar had ik stiekem wel op gehoopt natuurlijk, daarom kan ik vandaag ook meteen starten met een tweede serie.
Eind september heb ik opnieuw een ritje langs het Wad gemaakt, ditmaal niet met fotomaatje Jetske maar met mijn vandaag jarige levensmaatje Aafje. Deze keer zijn we nog wat westelijker begonnen dan tijdens het vorige tochtje. In deze hoek van Fryslân was ik al jaren niet meer geweest. De eerste tussenstop vond plaats ter hoogte van Pietersbierum. Daar hebben we de metershoge dijk voor het eerst die dag beklommen (Google Maps) …
Zoals je kunt zien, is het nog een hele klim om de top te bereiken. De mens is maar nietig daar. De dijk is niet alleen hoog, hij is met een hellingshoek van bijna 33% ook akelig steil. Die eerste klim was overigens nog goed te doen. Toen ik bij de derde tussenstop voor de vierde keer omhoog moest om weer bij de auto te kunnen komen, was het voor mijn door MS geplaagde benen intussen een gemene kuitenbijter geworden …
Maar goed, dat is voor later, voorlopig hadden we de top bereikt en strekte de Waddenzee zich onder een prachtig blauwe lucht voor ons uit. Dat was veelbelovend voor de rest van de dag …
We zijn aangekomen bij de laatste dijkcoupure die ik in het kader van deze serie laat zien. De boerderij die erachter schuil gaat, ziet er in tegenstelling tot de vorige boerderij zeer goed onderhouden uit …
De gemetselde dijkwand aan de linkerkant genummerd 22, ziet er ook nog goed uit. Met nummer 24 aan de rechterzijde is het duidelijk minder gesteld, daar mist een flinke brok uit de muur. Achter die geteisterde dijkwand zie je trouwens ook het schotbalkenhuisje staan, met onder het roestkleurige dak de zware balken, die in de gleuven van de dijkwand geschoven kunnen worden …
Van achter de dijkcoupure naar buiten kijkend, is nog beter te zien dat er een flinke hap uit het metselmerk mist. Ik mag toch hopen dat er vanaf nu wat zuiniger mee omgegaan wordt, want dit rijtje dijkcoupures aan de Alddyk tussen Paesens en Anjum is een mooi stuk cultureel erfgoed dat het verdient om bewaard te blijven …
We kijken nog eens bij een volgende dijkcoupure, die vinden we aan de Alddyk 12-14. Aan de weg staan een paar duidelijk genummerde brievenbussen en in een hok zit een konijn dat eieren schijnt te leggen …
De wanden van deze coupure zien er een stuk beter uit dan die van de eerste dijkcoupure die we hebben bekeken …
De oude boerderij die erachter staat, lijkt zijn beste tijd wel te hebben gehad …
Op het erf staan langs de muur diverse oude gebruiksvoorwerpen, waar vast nog wel een paar aardige tuinornamenten tussen te vinden zijn …
Maar daar waren we niet voor gekomen. Het was ons om de oude dijkcoupure te doen, en die ziet er nog heel aardig uit …
Jetske had intussen alweer een beestje gevonden om even aan te kunnen halen, ditmaal was het een geit. Die geit leek meer aandacht te krijgen dan deze dijkcoupure. Maar eerlijk is eerlijk, ze heeft er een mooie fotoserie van gemaakt. Nadat ze zich van het dier los had weten te rukken, vervolgden we onze weg in de richting waarin de weg op onderstaande foto’s verdwijnt …
Het viel ons op een bepaald moment op, dat er vlak achter de oude dijk nog houten elektriciteitspalen met van die mooie witte isolatoren en een metalen dakje staan. Oftewel ‘palen met porseleinen potjes’, zoals ik ze ook nog uit mijn jongste jaren ken …
Bovenin loopt nog een draad van de ene paal naar de andere. Deze streek ligt gevoelsmatig dan wel zo ongeveer aan het einde van de wereld, maar ik kan me toch niet voorstellen dat ze alle stroom hier nog door dat ene draadje krijgen. En er moet toch nogal wat doorheen, want zonnepanelen kon ik er niet gewaarworden …
Ik moet bekennen dat ik er niet op heb gelet, maar vermoedelijk kent die draad hier ook ergens een begin- en eindpunt. Zou het kunnen dat er een liefhebber woont, die een aantal van die palen heeft weten te redden van de ondergang …? Ik vond het in ieder geval wel mooi om hier nog een aantal van die oude palen aan te treffen …
Voor het laatste deel van ons ritje langs het Wad, reden we naar de verst gelegen boerderij aan de Alddyk (Google Maps). De Alddyk loopt aan de buitenkant vlak langs de oude zeedijk, in de verte zie je de nieuwe Waddenzeedijk …
Tussen 1963 en 1993 is 66 kilometer van die dijk op deltahoogte gebracht. Momenteel staat Wetterskip Fryslân op het punt om de Waddenzeedijk tussen Koehool en het Lauwersmeer over een lengte van bijna 50 km opnieuw te verhogen en te versterken …
Bij de aanleg van de nieuwe polders werd indertijd in de oude zeedijk een gat gegraven om de nieuwe polder toegankelijk te maken. Zo’n gat in de dijk is een coupure of dijkcoupure. Zo’n coupure bestaat uit een verticale gemetselde dijkwand aan weerszijden van de weg met daarin gleuven waarin balken konden worden geschoven …
Wanneer er een zware storm en hoog water dreigden werd de coupure afgesloten, zodat de dijk haar waterkerende functie weer kon vervullen. In de coupure werd dan een dubbele rij schotbalken neergelaten en de tussenruimte werd opgevuld met zand of mest. De schotbalken werden bewaard in een schotbalkenloodsje, dat vlak naast de coupure achter de dijk staat …
Hier aan de Alddyk staat achter elke coupure een boerderij, en soms gaat er ook nog een huis achter zo’n coupure schuil. Aan de coupures is goed te zien dat de tand des tijds er hier en daar flink aan is gaan knagen, zelfs die pot met fleurige viooltjes kon dat niet verhelen …
Morgen kijken we nog even verder rond aan de Alddyk. Maar als je intussen mooiere en betere foto’s van deze dijkcoupure wilt zien, dan moet je even bij Jetske kijken. Met haar spiegelreflex heeft ze er aanzienlijk mooiere foto’s van gemaakt: Jetske’s dijkcoupures.