Weerzien in de polder

Zoals ik al schreef, ben ik gisteren weer naar de Jan Durkspolder gereden. Omdat het weerbeeld een stuk vriendelijker was dan vorige week maandag, ben ik ditmaal op de Joiny gegaan. Dat laatste had Ria niet verwacht, vertelde ze, nadat we elkaar hartelijk hadden begroet en Ria de Joiny had bewonderd …

Ria en ik hebben elkaar leren op Bluesky. Een paar jaar geleden hebben we eens samen een kuier in de Ecokathedraal gemaakt. Nu Ria een weekje vakantie heeft in Fryslân leek het haar leuk om weer eens wat af te spreken. En zo zaten we gistermorgen rond half elf in de grote vogelkijkhut. Terwijl we uitkeken over de plas, praatten we wat bij over de ditjes & datjes des levens.

Buiten de hut was het stil, de meeste vogels bleven ver weg. Maar ach, het was mooi weer en we zaten lekker in de buitenlucht. Het was trouwens niet eens zo warm in de hut. De noordoostelijke wind blies dermate fris naar binnen, dat we allebei toch maar even een extra vestje hebben aangetrokken …

Na een uurtje hielden we het voor gezien in de vogelkijkhut. Ria stelde voor om nog een stukje de polder in te gaan. Daarbij kon het vest al direct weer uit. Vanaf de Geau trokken we wandelend en rollend in noordelijke richting naar de kleine vogelkijkhut. De Joiny weerde zich kranig in het oneffen terrein en hij paste net over een smal houten bruggetje.

Een dagpauwoog deed onderweg zijn best om de show te stelen. Rond de kleine vogelkijkhut was het zo mogelijk nog stiller dan rond de grote hut. Een oeverlibel die regelmatig naar zijn plekje op een takje terugkeerde moest de show daar redden …

Tot slot wandelden we samen nog een stukje over het zandpad de Geau tot aan het bruggetje nabij de Krúsdobbe. Het was gezellig geweest, maar daar bij het bruggetje scheidden onze wegen voorlopig weer tot een volgende keer. Ria liep over de Geau terug naar haar auto om nog wat in de omgeving rond te zwerven. Ik zette via het fietspad en de fiets- & voetgangerspont De Grietman Eco koers naar huis.

Bloemen in de polder

Vorige week maandag heb ik een ritje naar de Jan Durkspolder gemaakt. Het was zwaar bewolkt, en er stond een stevige wind. Maar met een temperatuur net boven de 20°C was het zeker niet koud …

In en rond de vogelkijkhut was het stil, Er zwommen een paar eenden en een handjevol grauwe ganzen in de buurt van de hut. Verderop zaten een paar lepelaars en een grote witte reiger. Maar het mooist vond ik toch de bloemenpracht in de bermen langs de Westersânning …

Vandaag ga ik er nog eens naar toe. De lucht is een stuk helderder dan vorige week en het zou wel eens wat warmer kunnen worden. Ditmaal hoop ik er een bekende van Bluesky te treffen, die ik een paar jaar geleden eens heb getroffen in de Ecokathedraal.

Bloemen en vogels

Het bleef hier lang bewolkt de afgelopen dagen. De maximumtemperatuur is alleen vrijdag en gisteren boven de zomerse 25°C. Dat beviel me op zich prima, maar vandaag is de dag begonnen met een helderblauwe lucht en lijkt het ook hier warmer te worden. Prima weer om straks nog eens een ritje te maken op de Joiny. Hopelijk brengt de rijwind nog wat verkoeling, dan vermaak ik me wel weer …

Vrijdag heb ik even een ritje naar De Veenhoop gemaakt. Toen ik op de heenweg langs de Bûtendiken wat zwanenbloemen stond te fotograferen met op de achtergrond een stuw, hoorde ik plotseling het waterfluitje van de wulp klinken. Al snel zak ik hem vliegen, ver weg, maar toch net binnen het bereik van mijn camera. Daar was ik blij mee, want de wulp ontbrak nog op mijn lijstje dit jaar …

Bij De Veenhoop was het een drukte van belang. Een grote truck met oplegger had net zijn lading gelost en werd voorzichtig over het bruggetje bij de Noordersluis gemanoeuvreerd. Hij kwam van het terrein van het vermaarde Veenhoop Festival, dat zich opmaakt voor de 74e editie. Het festival vindt traditioneel plaats in het eerste weekend van de noordelijke bouwvak, tegelijk met de start van het skûtsjesilen …

Ik was nog maar nauwelijks weer onderweg, toen ik halverwege het fietspaadje een reiger zag vliegen. Pas toen ik inzoomde, zag ik dat het niet zomaar een reiger was, maar een purperreiger. Dat maakte de dag compleet, zo dichtbij huis zag ik niet eerder een purperreiger …

Veldwerk in It Skar

Nog even terug naar de rit die ik begin juni samen met fotomaatje Jetske op fiets en Joiny heb gemaakt. We waren inmiddels aangekomen in het Weinterper Skar. Daar stond het Afanja bankje nog net in de schaduw. Dat was een fijn plekje met een mooi uitzicht over het blauwgrasland om even wat te eten en te drinken …

Terwijl we daar zaten, zagen we in de verte een drietal mensen lopen die met een of ander veldonderzoek bezig leken te zijn. Op verschillende punten, die zorgvuldig met gps leken te worden bepaald, werd een grondmonster genomen. Ik veronderstelde dat het misschien te maken had met de waterhuishouding, omdat er tien jaar geleden een weg en een paar sloten uit het gebied zijn verwijderd …

Toen ze ons even later verderop tegemoet liepen, heb ik maar eens gevraagd waar ze mee bezig waren. Ze bleken onderzoek te naar de samenstelling van de bodem. De ondergrondse waterstroom in de richting van het Koningsdiep of Ald Djip speelt daar zijdelings een rol in, vertelde een van de onderzoekers. Nadat we het drietal verder een fijne dag hadden gewenst, vervolgden we onze tocht …

Meer ooievaars

“Bij jullie in de buurt wemelt het van de ooievaars, bofferds!” schreef Dirk gisteren in een reactie op het blogje over de ooievaar op de lantaarnpaal. En Dirk kan het weten, want hij heeft Earnewâld en contreien een paar jaar geleden een paar jaar geleden samen met zijn vrouw enkele dagen verkend …

We zitten hier midden in een stukje ooievaarsland. Dit nest met twee volwassen ooievaars en twee jongen die op het punt staan uit te vliegen, staat op 50 m van de lantaarnpaal van gisteren. In een straal van 250 meter rond die lantaarnpaal zijn zeker 15 nesten te vinden, deels op palen, deels in bomen …

Earrebarre op in lantearnepeal

Aan de Dominee Bolleman van der Veenweg staat al jaren een scheef gezakte lantaarnpaal. Onder het zware wolkendek leek een ooievaar een poging te doen om die paal nog wat verder uit het lood te brengen …

Hij hield me nauwlettend in de gaten, terwijl ik quasi nonchalant stapje voor stapje in de richting van de paal liep. Op een meter of vijf afstand vond hij het welletjes. Met een sierlijke sprong verliet hij de lantaarnpaal om vlak voor me langs te vliegen, waarna hij achter de bomen verdween …