Wat een fantastisch weer gisteren. Het was hier vrijwel windstil, zonnig en ruim 15°C. Het voelde bijna alsof het een mooie lentedag in mei was …
Met onderweg een aantal tussenstops om wat zonnige herfstfoto’s te maken, heb ik een ritje van 30 km door de bossen van Olterterp en Beetsterzwaag gemaakt. Ergens halverwege de rit heb ik een tijdje op een van de bankjes bij de Wite Mar gezeten. Het was heerlijk, het warme vest kon daar zelfs even uit. Dit weer verveelt me nog lang niet. Maar wat zou het mooi zijn om hier over een maand of drie weer schaatsers te zien zwieren. De Wite Mar is tenslotte beter bekend als de ijsbaan van Beetsterzwaag …
Het was meteen duidelijk toen ik in het bos linksaf was geslagen, er was iets heel erg veranderd op de oever van het Witte Meer. De beschilderde scheepscontainers die jarenlang het onderkomen waren van de ijsbaan, waren verdwenen. Ze waren sinds het afbranden van het oude houten hok van de ijsvereniging in 1993 gebruikt om zaken als bankjes, gereedschap en apparatuur en een deel fungeerde als kantine voor koek en zopie …
Toen bleek dat de bestaande containers aan het eind van hun levensduur waren is gezocht naar een nieuwe oplossing. Daarbij kwam de vereniging uit bij twee zogenaamde Ela units uit Duitsland. Met financiële steun van de Van Teyensfundatie konden deze naar Beetsterzwaag gehaald worden.
De units zijn intussen voorzien van een houten bekleding om ze in de omgeving op te laten gaan. Naast gebruik door de ijsvereniging wil men de units ook gaan inzetten voor andere activiteiten zoals b.v. wandeltochten of iets dergelijks. Wat een vooruitgang daar bij het Witte Meer. Nu maar hopen dat het nieuwe onderkomen met respect behandeld zal worden …
Nadat ik een tijdje op een van de bankjes aan de waterkant had gezeten, besloot ik de vlonder op te rijden. Ik had goede hoop dat ik verderop wel wat juffers en libellen zou kunnen fotograferen. Daarover morgen meer …
Nadat ik een tijdje lekker op één van de bankjes bij het Witte Meer had zitten genieten van het uitzicht, werd het tijd om de terugweg te aanvaarden …
Links en rechts om me heen kijkend, zag ik onderweg nog heel wat paddenstoelen langs de paden staan. Geen namen, geen bijzondere standpunten, alleen foto’s …
Toen ik enige tijd later terug was op de parkeerplaats, zag ik deze kleine witte paddenstoel vlak achter de auto staan. Het was een mooi slot van een lekker, maar toch weer pittig fotokuiertje …
Behalve bij Heidehuizen ga ik in het najaar ook graag even het bos in bij de parkeerplaats aan de Poostweg bij Olterterp. Toen ik er vorige week dinsdag was, kleurden de beuken aan de Scherpschutterslaan nog vooral groen. De kruinen waren al goeddeels kaal, een teken van achteruitgang van de bomen …
Terwijl ik even later over een zijpad naar het Witte Meer liep, glinsterden de natte takjes en twijgen vrolijk tussen gekleurde herfstbladeren in het zonlicht …
Een etage lager lagen duizenden druppels in het tegenlicht op het mos te fonkelen als kleine diamantjes …
Al snel naderde ik de materiaalcontainer van de ijsclub op de oever van het Witte Meer. Deze prachtig gelegen plas in het bos fungeert namelijk in echte winters als de ijsbaan van Beetsterzwaag. Ik heb daar twee jaar geleden al eens wat over geschreven: ijsbaan de Wite Mar …
Ik heb een tijdlang lekker op het bankje op de eerste foto hieronder gezeten. Afgezien van een paar passanten die over het vlonderpad wandelden was ik er helemaal alleen …
De gele lis in onze tuin laat het dit jaar helaas afweten. Misschien moeten we hem eens terugbrengen naar de ingegraven emmer, waar we hem jaren geleden eens hebben geplant. Gaandeweg de tijd is hij stukje bij beetje uit die emmer ontsnapt, en heeft hij wortel geschoten in drogere grond. Bij het Witte Meer trof ik dit goedmakertje aan …
Ook zag ik tijdens mij gang over het vlonderpad een kikker op een stuk hout in het water zitten. Hij liet voorbeeldig zijn profiel zien. Hij was mooi, maar stil …
Dat geldt niet voor vele tientallen van zijn soortgenoten die elders in het meertje lagen te kwaken dat het een lieve lust was …
De laatste tussenstop tijdens onze tocht op fiets en iLark maakten Jetske en ik bij het Witte Meer, ook wel bekend als de ijsbaan van Beetsterzwaag. In het recente verleden moest ik eerst een kleine 500 meter lopen, voordat ik het meertje had bereikt. Tegen die tijd begonnen mijn onderdanen al flink tegen te sputteren, en bleef ik in de buurt van de bankjes aan de noordwest kant van het water. Nu ik er met de iLark kon komen, kon ik ook eindelijk een fotokuier maken over het nieuwe vlonderpad …
Dat leverde de nodige foto’s van waterjuffers en libellen op. Wat de waterjuffers betreft werd het beeld vooral bepaald door watersnuffels, zie de eerste drie foto’s hieronder. Verder heb ik nog een tangpantserjuffer en een vuurfuffer in beeld weten te vangen. Morgen komen de libellen aan de beurt … *
* naamgeving onder voorbehoud, want dat blijf ik moeilijk vinden …
Nadat de beide vrouwen en het paard uit zicht waren verdwenen, twijfelde ik even over wat te doen. Ik had wel zin om te proberen bij het vennetje verderop langs het fietspad te komen. Uiteindelijk durfde ik het niet aan, want dat vergde nog wel een erg stevige wandeling …
In plaats daarvan besloot ik terug te lopen naar de auto en vervolgens naar de parkeerplaats aan de Poostweg te rijden. Daar vandaan zou ik misschien even naar het Witte Meer kunnen lopen. Terwijl ik daar korte tijd later liep, had ik het geluk om nog een paar zonneharpen mee te kunnen pakken …
Het zacht zoemende geluid van een draaiende pomp, dat alleen vlak bij de containers te horen was, verried dat het Witte Meer weer klaargemaakt werd om ijs en weder dienende binnenkort weer te kunnen functioneren als de mooiste ijsbaan van Fryslân. Daartoe wordt water opgepompt uit een beek in de omgeving. Bij de foto rechtsonder stroomt dat water het Witte Meer in…
Terwijl ik lekker in de zon op een van de bankjes was gaan zitten, liepen een paar vrouwen het vlonderpad op. Een stukje verderop gingen ze gezellig samen zitten praten …
Ik had het daar verder al snel bekeken en besloot terug te lopen naar de auto. Toen ik even later uitkwam op een van de brede lanen die het bos doorsnijden, stond ik opnieuw in dubio: rechtstreeks naar de auto of toch nog even …