Een nieuw clubhuis

Het was meteen duidelijk toen ik in het bos linksaf was geslagen, er was iets heel erg veranderd op de oever van het Witte Meer. De beschilderde scheepscontainers die jarenlang het onderkomen waren van de ijsbaan, waren verdwenen. Ze waren sinds het afbranden van het oude houten hok van de ijsvereniging in 1993 gebruikt om zaken als bankjes, gereedschap en apparatuur en een deel fungeerde als kantine voor koek en zopie …

Toen bleek dat de bestaande containers aan het eind van hun levensduur waren is gezocht naar een nieuwe oplossing. Daarbij kwam de vereniging uit bij twee zogenaamde Ela units uit Duitsland. Met financiële steun van de Van Teyensfundatie konden deze naar Beetsterzwaag gehaald worden.

De units zijn intussen voorzien van een houten bekleding om ze in de omgeving op te laten gaan. Naast gebruik door de ijsvereniging wil men de units ook gaan inzetten voor andere activiteiten zoals b.v. wandeltochten of iets dergelijks. Wat een vooruitgang daar bij het Witte Meer. Nu maar hopen dat het nieuwe onderkomen met respect behandeld zal worden …

Nadat ik een tijdje op een van de bankjes aan de waterkant had gezeten, besloot ik de vlonder op te rijden. Ik had goede hoop dat ik verderop wel wat juffers en libellen zou kunnen fotograferen. Daarover morgen meer …

In het Weerribbenriet (3)

Omdat het gemaaide riet in schoven bijeen staat, verplaatst de rietsnijder zijn werkplek regelmatig. Zo kan hij het afval uit het riet kammen zonder dat hij met elk bosje heen en weer moet lopen …

Zodra hij zijn werkplek heeft verplaatst, begint de rietsnijder de ruigte die uit het riet is gekamd op te ruimen. Dat doet hij simpelweg door het te verbranden. Hoe lang dat nog kan, is ook maar de vraag. Er gaan stemmen op om het verbranden te verbieden, dat zou betekenen dat de rietsnijder het moet verzamelen en afvoeren. En wie dat zal betalen …? De rietsnijder, vrees ik. Zo lang die zijn werk nog kan doen tenminste …

Het werk van de rietsnijder is momenteel alleen lonend dankzij subsidie. Nu de overheid van plan is om die subsidie te halveren, valt er voor de meeste rietsnijders straks zelfs geen droog brood meer te verdienen. En voor de rietsnijder die het misschien nog wel lonend kan maken, heeft de overheid nog een andere verrassing in petto. Tot nu toe wordt er voor de pacht van rietlanden gewerkt met langjarige contracten. Ook daar wil de overheid van af. Dat zal de nekslag zijn voor veel rietsnijder, maar ook voor natuur en landschap …

De rietsnijders zijn onontbeerlijk voor het behoud van de uitgestrekte rietlanden in de Weerribben en de Wieden, maar ook in De Alde Feanen en verschillende andere gebieden in ons land. Wanneer de rietlanden niet jaarlijks worden gemaaid, dan zullen ze binnen enkele jaren veranderen in bossen. Dat was al goed te zien in het perceel waar Klaas dinsdag aan het werk was. Om de paar meter schiet een klein boompje tussen het riet omhoog. De rietmaaier kan die jonge twijgen nu nog aan, maar na een tweede jaar komt hij er niet meer doorheen …

Nee, het was niet echt een heel vrolijk bezoek aan de rietsnijders. Er hingen niet alleen grijze rookwolken boven het rietland, maar ook de spreekwoordelijke donkere wolken met het oog op de toekomst waren voelbaar. Voor Kelev maakte het allemaal niets uit,  hij was en is gewoon heer en meester over zijn domein …

Tot slot: bij RTV Oost kun je terecht voor een radio-interview en een tv-interview over de problemen.
Met dank aan RTV Oost en mijn fotomaatje Jetske, ook zij publiceerde een logje over de ‘Kopzorgen in het rietland’.

In het Weerribbenriet (2)

Na de lunch hervatte de rietsnijder zijn werk. Zo lang je het niet met eigen ogen hebt gezien, kun je je nauwelijks voorstellen hoeveel werk er verzet moet worden om 1 bos riet samen te stellen …

Zoals ik gisteren al schreef, moeten alle grassen en ander groen uit het riet worden gekamd. De rietsnijder gebruikt daarvoor een machine met metalen pennen op een lopende band. Hij pakt steeds een bosje riet stevig vast en duwt de ondereinden van de stengels over de metalen pennen. Zo wordt alle ruigte uit het riet getrokken …

Vele tientallen van die kleine bosjes later ligt er een groot bos riet op de stellage, en die moet daar af … Dat kan daar midden in het rietland maar op één manier: op de schouder. Een jaar of wat geleden heb ik zelf eens zo’n bos op de wagen gegooid, maar dat valt niet mee. Respect voor die man en zijn collega’s …

– wordt vervolgd –

In het Weerribbenriet (1)

Gisteren ben ik samen met mijn fotomaatje Jetske het rietland in de Weerribben weer eens ingetrokken om een bezoek te brengen aan Jetskes’ zwager Klaas, één van de vele rietsnijders in de Kop van Overijssel. Er was ons door de weermannen droog, maar bewolkt en gestaag ophelderend weer toegezegd. Daar kwam echter weer weinig van terecht, het bleef bewolkt en waterkoud, en het regende zelfs af en toe even een beetje …

Zodra Klaas ons zag aankomen, staakte hij zijn werkzaamheden om eerst even bij te praten. Op het betreffende perceel in het centrum van de rietcultuur bij Kalenberg is opnieuw sprake van een zeer matige oogst. “Het staat niet hoog, maar zo van een afstandje lijkt het nog heel wat,” vertelde Klaas, “maar als je het veld in loopt, dan zie dat er bijna net zoveel gras staat als riet …” Hardnekkige grassen zoals het pijpestrootje zorgen ervoor dat de rietsnijder meer werk heeft van minder riet. Daarover morgen meer …

Rond twaalven verscheen ook de vrouw van de rietsnijder ten tonele met hun trouwe viervoeter Kelev. Omdat het geen weer was om buiten te lunchen, werden we uitgenodigd in de mobiele kantine voor koffie en broodjes …

– wordt vervolgd –

Een buitenbeentje in de Ecokathedraal

Bij het zien van de koepel met het open dak in deel 3 van de recente serie over de Ecokathedraal reageerde Sjoerd met de opmerking “Ik verwacht nog ergens een huisje met dak …”

Wel Sjoerd, dat huisje staat er al. Al jaren zelfs. Het is het enige gemetselde bouwwerk in de Ecokathedraal, echt een buitenbeentje dus. En net als een groot deel van de gestapelde bouwwerken is ook dit huisje door Louis Le Roy zelf gebouwd. Het zal bedoeld zijn als kantine, werkplaats en/of atelier, neem ik aan. Omdat het momenteel licht winters is, begin ik dit logje met een foto van het huisje op 6 december 2012. Op die dag lag de Ecokathedraal er wel heel mooi bij, want zo’n laagje sneeuw accentueert de vele randjes van de gestapelde bouwwerken heel mooi …

Tijdens mijn fotokuiers door de Ecokathedraal heb ik in het verleden een paar maal een kijkje bij het huisje genomen. En als je dan zo vlak bij de ramen staat, dan gluur je natuurlijk ook meteen even naar binnen. Kijk maar even mee …

Morgen sluit ik de serie over de Ecokathedraal voorlopig af met een “Filmische zwerftocht door de Ecokathedraal”.