Een origineel interieur

De eigenaar van het oude huisje – laat ik hem Jan noemen, zo heette hij tenslotte – nam ons tot slot nog even mee naar binnen. Daar kregen we van onder tot boven een rondleiding door het prachtige optrekje. Jan vertelde hoe hij stapsgewijs het hele huis onder handen neemt. Ik beperk het hier tot een paar foto’s van het voorhuis. Een wand en het plafond waren weer voorzien van een nieuw laagje met de originele kleuren …

Hoewel ze de tand des tijds niet hebben doorstaan zonder hier en daar wat glazuurverlies te hebben geleden, vind ik ook de originele tegeltjes op een paar van de wanden de moeite waard. Het is de bedoeling om het voorhuis in originele staat te laten. Het woongedeelte zit in het achterhuis, daar heb ik echter geen foto’s van gemaakt. Er is tenslotte ook nog zoiets als privacy …

Blij verrast met zoveel spontane gastvrijheid bedankten we Jan, voordat Jetske en ik ons ritje vervolgden. Als er in de toekomst ontwikkelingen zijn rond het oude boerderijtje, ben ik van harte welkom om nog eens te komen rondkijken, aldus de eigenaar. Met de belofte dat ik binnenkort even een visitekaartje bij hem in de brievenbus doe, namen we afscheid. Natuurlijk verwijs ik de eigenaar t.z.t. ook naar ‘Schrijven met licht’, want Jetske is op dit soort fotografie net wat beter toegerust dan ik …

– wordt wellicht vervolgd –

Smallingerlands oudste gebouw

Wie hier regelmatig meeleest zal zich herinneren, dat het er in juni eindelijk van gekomen is om het oudste gebouw van de gemeente Smallingerland op te zoeken. Tot mijn spijt was het boerderijtje omgeven door bomen en struiken, waardoor ik toen geen foto heb kunnen maken waarop de voorgevel met het jaartal 1668 in zijn geheel te zien was. Daar kwam vorige week zaterdag verandering in …

Vanwege het aanhoudend mooie weer kwam Jetske weer een dagje met de auto naar Drachten en de fiets achterop. Tijdens de koffie spraken we af om een ritje rond de Leijen te maken – Jetske op de fiets, ik op de Joiny. We hadden Drachten nog maar net verlaten, toen ik voorstelde om even een extra afslag te nemen. Ik hoopte Jetske in het voorbijgaan iets van het oude boerderijtje te kunnen laten zien. Naast het pad naar het erf hangt het onderstaande informatiepaneel over dit rijksmonument …

We hadden geluk, er liep net iemand in de tuin. Op mijn vraag of hij de eigenaar was van dit mooie oude optrekje, kreeg ik een bevestigend antwoord. Nadat ik had verteld, dat ik een paar weken eerder tevergeefs had geprobeerd een paar foto’s van de voorgevel te maken, nodigde hij ons uit om even in de tuin te komen. Daar mochten we best even een paar foto’s komen maken …

We hoefden verder eigenlijk niets te zeggen of te vragen, we hadden hier te maken met een enthousiaste man, die blij was met het huis dat hij ruim anderhalf jaar geleden had kunnen kopen. Hij excuseerde zich voor de rommel in de tuin en vertelde over zijn plannen met het huis …

Natuurlijk mochten we ook de oude lindeboom zien, die aan de zuidkant naast het boerderijtje staat. Die boom zou ongeveer net zo oud zijn als het boerderijtje. Zoals op bovenstaande foto’s te zien is, is hij helemaal hol van binnen. Dat maakt het tot een bijzondere stam met zijn omtrek van ongeveer zes meter. Jetske en ik waren zoals gezegd nog maar net onderweg, maar voor mij kon de dag al niet meer stuk …

Maar de rondgang was nog niet voorbij, we werden nog even binnen uitgenodigd …

Acht kleine zwaantjes

Terwijl ik vanuit de fietstunnel bij Nijtap omhoog reed, zag ik op het talud links van de weg eerst een paar grote en daarna een hele serie kleine zwaantjes boven het gras uit steken …

Dat was voldoende reden om de Joiny even aan de kant van het fietspad te parkeren. Zonder pa en ma zwaan te verontrusten lukte het om er een aardige fotoserie van te maken …

Een bijzondere begraafplaats

Tijdens mijn ritje door omgeving van Nijtap, waar ik o.a. het oudste gebouw van de gemeente Smallingerland vond, kwam ik ook langs een mij onbekende begraafplaats. Het was dat er bordje ‘Bijzondere begraafplaats’ langs het fietspad stond, anders had ik het niet gezien. Het onderstaand hek geeft toegang tot een ruim 100 m lange laan, daarachter ligt de begraafplaats …

Aan het tweede hek bij de begraafplaats hing een informatiepaneel over de geschiedenis van de begraafplaats en de Salvatorkerk, die hier van ca. 1300 tot 1908 heeft gestaan. ook de klokkenstoel kende zo te zien een rijke geschiedenis. Ik maakte een rondje over de onverwacht grote begraafplaats. Hat zag er allemaal keurig onderhouden uit. Maar hoe ik ook zocht, ik zag nergens een klokkenstoel …

Ik besloot de zaak even te overdenken op het bankje bij de ingang en daar eerst even wat te drinken en mijn stukje koek te eten. Korte tijd later liep er een bezoeker van de begraafplaats langs in de richting van de uitgang. Ik sprak hem aan en vroeg of hij bekend was op de begraafplaats en of hij wist hoe het zat met die klokkenstoel. ‘Dy stiet net sa fier fuort, sjoch …’ antwoordde de man, terwijl hij zich omdraaide. ‘Hoe kin dat no …? Hij stie dêr altyd, rin mar even mei …’

Ik liep mee, en toe zag ik het ook, het fundament van de klokkenstoel lag er nog, maar het bouwwerk zelf was weg. De dubbele klokkenstoel met schilddak is een rijksmonument. Naar alle waarschijnlijkheid ondergaat hij momenteel zijn zoveelste restauratie …

Ik moet later nog maar eens terug komen om de klokkenstoel en nog het een en ander op de begraafplaats te bekijken.

Niet erg welkom

Omdat ik er toch was, besloot ik nog even door te rijden naar het eind van de doodlopende weg Binnendyks. Dat hij dood liep op de Wâdwei, de autoweg tussen Drachten en Leeuwarden, wist ik al. Wat er verder te zien was, wist ik niet …

Ongeveer halverwege zit een kerstbomenkwekerij, daar ben ik zo aan voorbij gereden. Helemaal aan het eind was het een ander verhaal. Daar staat een oud boerderijtje waar wat buitenissig spul op het erf staat …

Erg welkom voelde ik me er niet. Het schijnt dat er een beveiligingsbedrijf met de naam Special Dog Security zit. Luisterend naar het zware geblaf dat vanuit een kooi aan de andere kant van het huis klonk, ben ik geneigd dat te geloven. Ik had er al snel genoeg gezien …

Het oudste gebouw

Hoewel het hier gelukkig nog lang geen dertig graden is, laat de benenwagen laat me de laatste tijd weer regelmatig in de steek. Maar gelukkig kan ik er op de Joiny toch regelmatig even op uit. De afgelopen weken ben ik op zoek gegaan naar plekjes en paden rond Drachten die ik nog niet kende. Tijdens één van mijn ritjes ben ik op zoek gegaan naar het oudste gebouw van de gemeente Smallingerland. Ik wist dat het ergens ten noorden van Drachten moest staan, maar ik was er nog nooit geweest …

Het is een boerderijtje dat in 1668 is gebouwd aan Binnendyks 2 (voorheen Van Nijtap 3) in Opeinde. Het was indertijd eigendom van Wytse Taekes. In 1798 was het de grootste boerenhoeve van de buurtschap Nijtap met o.a. 13 koeien en 6 paarden. Na 1850 werd de boerderij verbouwd, ze werd verkleind en de vrijstaande hooiberging werd afgebroken. Het in traditionele stijl gebouwde keuterboerderijtje is in 1995 van binnen en van buiten gerestaureerd. Sinds 1970 is het een rijksmonument …

Tegenwoordig lijkt het een recreatiewoning te zijn, maar dat weet ik niet zeker. Op het erf moet nog een monumentale lindeboom staan, die waarschijnlijk dateert uit de bouwtijd van de boerderij. De eeuwenoude lindeboom schijnt een omvang van ongeveer zes meter te hebben. Daarmee is het waarschijnlijk de dikste boom van Fryslân. Vermoedelijk staat de boom aan de andere kant van het huis, want ik heb hem niet kunnen zien …

Een skûtsje als blikvanger

Voor het plan om een skûtsje als blikvanger bij de noordelijke toegangsweg tot Drachten te plaatsen heeft de gemeente contact gezocht met Haiko van der Werff, eigenaar van Scheepsbouw O.H. van der Werff, de vroegere werf Buitenstvallaat. Dit is de enige werf in Drachten die zich nog bezig houdt met authentieke zeilschepen . Van der Werff was ook verantwoordelijk voor de restauratie van het skûtsje ‘De Jonge Trijntje’, dat in 1909 door zijn ‘oerpake’ Jan Oebeles werd gebouwd, weer op de werf Buitenstvallaat …

Voor dit project is niet een geschikt skûtsje gevonden dat op één van de Drachtster werven is gebouwd. Die schepen zijn over het algemeen te gewild en te duur. Bovendien moest het een opknapper zijn. Uiteindelijk viel de keuze op de ‘Henderika’, gebouwd in 1914 bij Barkmeijer in Stroobos. Dit skûtsje was jarenlang privé-eigendom …

Het schip is een casco en gaat er in de wintermaanden een paar maanden af om gerestaureerd te worden. Dit gaat een paar jaar duren. Na elke fase komt het schip opnieuw op de rotonde. Op dit moment is Haiko van der Werff op zoek naar een groep enthousiaste mensen die middels een stichting het schip willen adopteren en restaureren. Het is de bedoeling om er gedurende een aantal jaren i.s.m. een school een soort leerwerkproject van te maken. Wanneer de ‘Henderika’ volledig gerestaureerd is zal er vanuit Drachten weer mee worden gevaren …