Engelwortel en reuzenbalsemien

Na afloop van een bezoekje aan mijn moeder ben ik gisteren even naar de Jan Durkspolder gereden. Daar heb ik even een korte fotokuier gemaakt over het schelpenpad de Geau …

Langs het pad groeit en bloeit elk jaar veel reuzenbalsemien. Vaak zijn daar wel bijen en zweefvliegen op of in te zien, dat was deze keer niet het geval. Maar er zat wel een zweefvlieg op een mooi bloeiende gewone engelwortel. Op de achtergrond is nog net de vogelkijkhut te zien …

Kiekendief comes close (2)

De nadering van de bruine kiekendief bij de Leijen was te mooi om hem niet helemaal te tonen. Naar mate hij dichterbij kwam, waren er af en toe mooie details in de vleugels te zien. De spanwijdte van die vleugels was indrukwekkend. Het valt vaak niet mee om een goede schatting te maken, maar ik denk dat de spanwijdte van vleugeltip tot vleugeltip misschien wel een kleine 1,5 m was …

Pas op het laatste moment leerde ik de beperkingen van een vogelkijkhut kennen. Hoewel hij bijna recht over ons heen vloog, konden we zijn onderkant niet zien, omdat we werden gehinderd door de achterwand en het dak van de hut. Op de laatste twee foto’s is nog net een vage schim te zien van de deurpost. Maar wat was het een cadeautje …

Kiekendief comes close (1)

We zaten al enige tijd in de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ zonder dat we het druk hadden met passerende vogels, toen ik Jetske wees op een bruine kiekendief, die vanuit het noorden over de rietoever van de Leijen onze kant op kwam …

Op zijn kenmerkende manier zweefde de kiekendief, met scherp spiedende blik en af en toe een vleugelslag makend, langzaam onze kant op. We kregen alle gelegenheid om zijn nadering in beeld te vangen. Wat een cadeautje …

– morgen komt die indrukwekkende vogel nog wat dichterbij …

Visdiefjes boven de Leijen

Terwijl we door de kijkgaten het komen en gaan van de vogels voor de hut in de gaten hielden, was er ook achter de wand naast het vlonderpad iets gaande. Verschillende keren hoorde we daar kort en duidelijk een vogel zingen of roepen. Hoe we ook zochten, hij bleef verborgen in het dichte bladerdek van de struiken achter de wand …

Op en boven het meertje bleef het donker. De grote bladeren van de waterlelie en de gele plomp deinden zacht op en neer op de lange golfslag rond de vogelkijkhut. Een paar futen leken een late balts voor ons te willen opvoeren, maar daar bleek al snel niets van terecht te komen …

De zwarte stern en het visdiefje vlogen zo ongeveer om de beurt voor de vogelkijkhut langs. Tot eind vorig jaar was ik al blij, wanneer ik met de Canon SX70 HS af en toe eens een scherpe foto maakte van zo’n snelle passant. Met de Sony RX10 gaat dat allemaal een stuk beter. Vooral met de laatse foto ben ik erg blij …

Een kiekendief bij de kijkhut

Of het in algemene zin ook opgaat, weet ik niet, maar voor mij is 2024 tot nu toe het jaar van de bruine kiekendief. De afgelopen jaren kreeg ik er alleen bij hoge uitzondering af en toe eens op grote afstand eentje te zien. Dit jaar heb ik er al vier mooie fotosessies mee gehad …

Nadat ik april een serie had gemaakt van een bruine kiekendief in de Mieden, had ik precies een maand later een mooi treffen met een bruine kiekendief in de Jan Durkspolder. Ruim voordat ik bij het parkeerplekje bij de vogelkijkhut was, zag ik een bruine kiekendief boven het rietland bij de hut zweven. Meteen zette ik de auto stil op een dam naast de smalle landweg. Ik kon nog net een foto maken, voordat de vogel het rietland in dook …

Nadat hij uit het rietland was opgestegen, vloog de kiekendief in een ruime bocht voor me langs. Daarna zag ik hem uiteindelijk uit zicht verdwijnen, toen hij in de richting van de lepelaarskolonie over de plas vloog …

Ook vorige week vrijdag heb ik weer een mooie serie van een kiekendief kunnen maken, maar die is voor later.

Kwikstaart omringd door water

Vogels die afhankelijk zijn van wormen, slakken en ander bodemleven hebben waarschijnlijk een prima voorjaar. Voor vogels die het van insecten moeten hebben, lijkt het een stuk minder goed uit te pakken. Door het aanhoudende koude weer zie ik hier in ieder geval bar weinig insecten vliegen de laatste tijd …

Ook rond de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder was het een stille en dode boel, toen ik daar even was. Ik had geluk dat er op een bepaald moment een witte kwikstaart op een paaltje vlak voor de hut landde. Die kwikstaart leek op zijn beurt ook geluk te hebben gehad. Het zag er naar uit dat hij met een klein insect in zijn snavel onderweg was naar het nest. Het paaltje was waarschijnlijk een fijn plekje voor een tussenlanding, want al snel was de vogel weer gevlogen …

Een kale bedoening

Mijn benen zijn de laatste tijd weer volstrekt onvoorspelbaar. Woensdag voelden ze aan als elastiek, maar gistermorgen waren ze weer tamelijk sterk en veerkrachtig. Vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan, zeg ik dan. De daad bij het woord voegend, ben ik rond elf uur naar de Leijen gereden Daar waren de rietsnijders aan het werk …

Omdat ik sinds een jaar of vijftien aardig ingevoerd ben in de rietsnijderij, ben ik even naar de noeste werkers toe gelopen om een praatje te maken. Het viel me op dat ze vroeg waren, want het was al een kale bedoening op het veld bij de vogelkijkhut. Ze werkten de rietlanden dit jaar in een andere volgorde af, begreep ik …

Het riet was kort gebleven en door een gebrek aan water in het voorjaar, waren veel van de rietstengels met een soort bocht gegroeid. Maar verder was de kwaliteit goed, verzekerden de mannen me. Deze rietsnijders bleken tevens een rietdekkersbedrijf te hebben, ze hielden het maaien van het riet graag in eigen hand. En dat deden ze dan ook me zorg, met handmaaiers …

Na enige tijd nam ik afscheid om mijn kuier naar de vogelkijkhut voort te zetten. Daar zat een vrouw van de rust te genieten. Omdat er rondom niet meer te zien was dan wat dartele eenden, die het voorjaar al in de kop leken te hebben, raakten we aan de praat. Het viel me op dat zij ook de Sony RX10 IV had. Zij was de eerste persoon waarvan ik hoorde, dat ze er niet echt tevreden mee was …

Omdat het er met een temperatuur van amper 2°C niet echt aangenaam zat, wandelden we na enige tijd genoeglijk verder pratend terug naar het fietspad. Daar scheidden onze wegen, zij ging op de fiets huiswaarts, ik maakte in de auto nog een omweg via Earnewâld …