Bij de Duurswouderheide

Een plekje waar ik als het even kan elk najaar een korte fotokuier maak, is de zuidkant van de Duurswouderheide. Aan de andere kant van de heide is het met mooi weer vaak te druk, maar aan deze kant is het eigenlijk altijd lekker rustig …

Vanaf het wandelpaadje krijg je al snel zicht op het grote ven aan de zuidkant van de heide, de Waskmar. Er naar toe lopen gaat niet, want met uitzondering van een pad halverwege de heide is het heide- en vennengebied omgeven door prikkeldraad …

Jarenlang heb ik er een gewoonte van gemaakt om hier tamme kastanjes te zoeken. Het was vaak een pijnlijk klusje om de kastanjes uit hun ruwe bolster te halen. Maar dat leed was alweer vergeten, zodra ik de eerste gepofte kastanjes had geproefd. Ditmaal had ik helaas geen plastictas bij me, daarom heb ik nu eens alleen wat foto’s gemaakt van de kastanjes. Toch jammer dat ik er niet wat van mee kon nemen …

Omdat ik na mijn gymnastische oefeningen om de kastanjes te fotograferen weer redelijke makkelijk overeind kwam en de benen nog goed aanvoelden, besloot ik nog even door te lopen tot voorbij de rij boompjes links van het pad …

Mooi dat ik weer aan het berkje op de oever van de Waskmar toe kon komen. Daar heb ik nog even genoten van het uitzicht over het ven en de leegte van de overwoekerde heide daarachter. Daarna was het tijd om terug te gaan …

Op een bankje bij een poel

Terwijl Jetske nog in het bos aan de andere kant van de poel van Dien rondstruinde, maakt ik het me gemakkelijk op het bankje bij de Poel …

Toen Jetske zich na enige tijd bij me voegde op het bankje, had ze meteen onze rugzakken met water en broodjes meegenomen. Dit was ten slotte een prima plekje om even te lunchen. Het was alleen jammer dat zon het liet afweten, want de herfstkleuren wilden niet echt lekker sprankelen. Door die wolken in combinatie met de wind begonnen mijn bovenbenen na verloop van tijd af te koelen …

Tijd om weer eens een stukje verderop te kijken. We waren hier over een zandpad gekomen, dus moesten er ook weer over dat zandpad weg. We zaten nog maar net in de auto of de zon begon te schijnen …

Bij de Poel van Dien

De paddenstoelen waren niet dik gezaaid in de parktuin bij Huis Westerbeek. Jetske heeft er vermoedelijk nog wel wat mooie foto’s kunnen maken, het viel ons echter allebei tegen wat er aan paddenstoelen te vinden was. Daarom zetten we niet veel later koers naar het volgende plekje dat Jetske van tevoren had uitgezocht: de Poel van Dien in het Vledderveld …

Daar maakten we een kuiertje over het smalle paadje dat langs de poel naar het achterliggende bos- en heidegebied voerde. Het viel me op dat er aan een deel van de bomen nestkastjes hingen …

Rechts van het paadje was de poel te zien met daarachter diverse bomen die langzaam maar zeker mooiere herfsttinten kregen …

Langs het paadje waren meer paddenstoelen te zien dan bij het Huis Westerbeek waar we eerder die ochtend waren. Hieronder een paar van de paddenstoelen die ik er heb gefotografeerd. Dat laag-bij-de-grondse eiste al snel zijn tol. Daarom liet ik Jetske weten, dat ik alvast terug ging naar het bankje dat we kort daarvoor hadden zien staan …

– wordt vervolgd

Bij het Huis Westerbeek

Het regende toen ik vorige week vrijdagochtend over de A7 naar mijn fotomaatje reed. Gelukkig werd het in de buurt van Wolvega weer droog en de lucht leek wat helderder te worden. Toen we een uurtje later samen op pad gingen, was het nog steeds bewolkt maar dat zou vast nog veranderen …

We hadden ons voorgenomen om op zoek gaan naar herfstkleuren in en rond het Drent-Friese Wold. Onderweg maakten we een eerste stop bij Huis Westerbeek in Frederiksoord. Dit eenvoudige landhuis werd rond 1770 gesticht door Jonkheer Nicolaas van Heloma en behoorde tot het voormalige landgoed Westerbeeksloot. In 1818 werd landgoed Westerbeek aangekocht door de Maatschappij van Weldadigheid voor een bedrag van fl 57.000. Het landhuis werd van 1821 tot omstreeks 1830 bewoond door Generaal Johannes van den Bosch, De man achter de Koloniën van Weldadigheid, en zijn gezin …

Het landgoed bestond toen uit het huidige pand, logement Frederiksoord, een paar keuterboerderijtjes, het Sterrebosch, ongeveer 500 ha woeste grond en het oorspronkelijke landgoed uit 1614 dat vlak achter het huidige logement Frederiksoord stond, maar in het midden van de 19e eeuw werd afgebroken. Tegenwoordig is Huis Westerbeek in gebruik als kantoor van de Maatschappij van Weldadigheid. Ze lijken er zuinig te zijn op hun bankjes, want die liggen met een ketting vast aan de picknicktafel …

Tegenwoordig is het in gebruik als kantoor van de Maatschappij van Weldadigheid. Zowel het huis als het park staan er keurig bij. Maar daar wordt dan ook hard voor gewerkt de senior bladblazer van de Maatschappij der Weldadigheid. Nadat we kort met de man hadden staan praten, besloot hij zijn werk in noordelijke richting voort te zetten. Jetske stelde daarom voor om aan de zuidkant op zoek te gaan naar paddenstoelen …

Honderd jaar Louis le Roy

Vandaag is het honderd jaar geleden dat Louis le Roy (1924 – 2012) werd geboren. Hij was een tuinarchitect, beeldend kunstenaar, schrijver, professor honoris causa en leraar tekenen. Hij noemde zichzelf een ‘ecotect’. In Heerenveen en omgeving werd hij ook wel ‘de wilde tuinman’ genoemd. Hij is de grondlegger van de Ecokathedraal die hij bouwde bij Mildam …

In Museum Heerenveen wordt van 26 oktober 2024 t/m 2 februari 2025 de tentoonstelling ‘100 jaar is niets!’ georganiseerd. De tentoonstelling gaat over leven, werk en nalatenschap van Le Roy. De tentoonstelling vertelt het verhaal van het ecokathedraaldenken op een vernieuwende manier aan een breed publiek om samen de wereld een beetje mooier te maken …

Zijn pleidooi voor een duurzame creatieve interactie tussen planten, dieren en de mens rekt niet alleen de grenzen van de kunst op. Louis le Roy liep ook vooruit op het ecologische denken van vandaag. Centraal in zijn ideeën staat dat de mens de natuur niet moet beheersen, maar samen moet werken met haar groeikracht om zo de hoogste graad van complexiteit te bereiken. Deze complexiteit vereist niet een korte periode, maar een langdurige interactie tussen mens en natuur. Vandaar de titel: ‘100 jaar is niets’

Deze foto’s heb ik allemaal gemaakt tijdens mijn eerste bezoek aan de Ecokathedraal in november 2002. Dwalend tussen steen en natuur werd me al snel duidelijk wat Le Roy bedoelde wanneer hij het had over ‘Het begint met chaos, maar alles krijgt een plek.’ In het voorste deel van het stuk bos lagen grote bergen steen en beton, hoe verder ik naar achteren liep, hoe imposanter de door Louis le Roy zelf gestapelde bouwwerken werden. Hier had hij op dat moment al ruim 30 jaar aan gewerkt …

Toen ik uiteindelijk na een lange zwerftocht terugkwam in het voorste deel, werd ik daar opgewacht door de mooie muisgrijze poes, die eerder die middag mijn pad ook al had gekruist. Hij kwam letterlijk en figuurlijk poeslief bij me op schoot zitten, toen ik lekker op een muurtje ging zitten. Terwijl ik mijn eerste toch wel overdonderende kennismaking liet bezinken, bleef de poes nog geruime tijd lekker bij me zitten …

Het was liefde op het eerste gezicht. Gelukkig niet voor die poes, want die heb ik later nooit meer teruggezien, maar wel voor de Ecokathedraal. Wat een bijzonder plek!

Ik sluit af met deel 1 van mijn serie ‘Ecokathedrale fotokuiers’. Er zouden nog talloze volgen, 40 van die fotokuiers staan hier op YouTube

De honderdste geboortedag van Louis le Roy wordt o.a. gevierd met een

Paddenstoelen langs ’t pad

Nadat ik een tijdje lekker op één van de bankjes bij het Witte Meer had zitten genieten van het uitzicht, werd het tijd om de terugweg te aanvaarden …

Links en rechts om me heen kijkend, zag ik onderweg nog heel wat paddenstoelen langs de paden staan. Geen namen, geen bijzondere standpunten, alleen foto’s …

Toen ik enige tijd later terug was op de parkeerplaats, zag ik deze kleine witte paddenstoel vlak achter de auto staan. Het was een mooi slot van een lekker, maar toch weer pittig fotokuiertje …

Naar het Witte Meer

Behalve bij Heidehuizen ga ik in het najaar ook graag even het bos in bij de parkeerplaats aan de Poostweg bij Olterterp. Toen ik er vorige week dinsdag was, kleurden de beuken aan de Scherpschutterslaan nog vooral groen. De kruinen waren al goeddeels kaal, een teken van achteruitgang van de bomen …

Terwijl ik even later over een zijpad naar het Witte Meer liep, glinsterden de natte takjes en twijgen vrolijk tussen gekleurde herfstbladeren in het zonlicht …

Een etage lager lagen duizenden druppels in het tegenlicht op het mos te fonkelen als kleine diamantjes …

Al snel naderde ik de materiaalcontainer van de ijsclub op de oever van het Witte Meer. Deze prachtig gelegen plas in het bos fungeert namelijk in echte winters als de ijsbaan van Beetsterzwaag. Ik heb daar twee jaar geleden al eens wat over geschreven: ijsbaan de Wite Mar

Ik heb een tijdlang lekker op het bankje op de eerste foto hieronder gezeten. Afgezien van een paar passanten die over het vlonderpad wandelden was ik er helemaal alleen …