De dijk op

We besloten het over een andere boeg te gooien. Met de vogels viel het in deze hoek van Fryslân nogal tegen, maar dat hoefde de dag niet te bederven. Ik stelde voor om naar het amper tien kilometer verderop gelegen Peazens-Moddergat te rijden, om daar te genieten van het landschap en de zeelucht …

Peazens-Moddergat is eigenlijk bij elk weertype de moeite waard. Alleen dat ene nadeel — twee keer die hoge, steile zeedijk over — hoort er nu eenmaal bij. Geen gemopper, ik had het tenslotte zelf voorgesteld. Dus stapte ik fier achter Jetske aan, langs het hek. We hadden ook via de trap verderop in het dorp kunnen lopen, maar dat was bijna honderdvijftig meter omlopen, en dat zou mijn onderdanen misschien niet in dank afnemen.

Eenmaal op de kruin van de dijk waaide de zilte zeelucht ons zachtjes tegemoet. Voor ons lag het weidse Wad, stil en glinsterend, met in de verte Schiermonnikoog als een vage streep aan de horizon. Jetske had de vaart erin; ze tilde haar cameratas al over het hek halverwege de dijk toen ik nog stond te genieten van het uitzicht …

Morgen meer van dit moois

Ver weg, heel ver weg

Van de Eanjemumerkolken was het maar een kleine 2 km rijden naar het uitkijkpunt bij Ezumakeeg Noord (kaart OpenStreetMaps) aan de westkant van het Lauwersmeergebied. Het was er rustig. Er stonden een paar auto’s op het parkeerplaatsje, en er stonden en zaten ook maar enkele vogelliefhebbers op de uitkijkheuvel …

En dat was nog niet alles, ook op het water leek het uitgestorven te zijn. Alleen door maximaal in te zoomen waren er op grote afstand wat vogels te zien. Ook hier leken het vooral grutto’s te zijn. Dat is het nadeel van dit gebied, doordat het zo immens groot is, zitten de meeste vogels ver weg. Alleen een paar slobeenden vlak achter de rietkraag lieten zich wat beter zien …

Maar er was nog hoop …

Via de Mieden naar de Kolken

Nadat we ons de koffie met appeltaart hadden laten smaken en Aafje ons had uitgewuifd, besloten Jetske en ik vorige week dinsdag weer eens een ritje in noordoostelijke richting te maken. Het zou zonde zijn om daarbij niet even te stoppen in de Surhuizumermieden …

De grutto’s stonden nog steeds hoofdzakelijk in een grote groep bij elkaar in en aan het water. Dankzij het heldere zonnige weer waren de grutto’s al een stuk mooier en beter te zien dan bij mijn vorige bezoek. Maar actie viel er verder niet te bespeuren …

Van de Surhuizumermieden zetten we koers naar het Lauwersmeergebied. Nadat we onderweg een afslag hadden gemist en rechtsomkeert hadden gemaakt, kwamen we per ongeluk terecht bij de Eanjumerkolken ten westen van het Lauwersmeergebied …

De Eanjumerkolken is een kleinschalig natuurgebied van 141 hectare bij het dorp Anjum. Het gebied wordt beheerd door It Fryske Gea, de provinciale vereniging voor natuurbescherming. Met twee cultuurhistorische elementen in de vorm van eendenkooien en de verspreid liggende drinkdobben, is het een uniek gebied. De Eanjumerkolken is niet vrij toegankelijk, maar laat zich goed bewonderen vanaf de omringende wegen …

Omdat wij niet meer te zien kregen dan grote groepen brandganzen die de omringende hooilanden bevolkten, besloten we verder te gaan …

Zoek & volg

Ik sluit de lange serie van onze avonturen in het rietland van de Weerribben en de Wieden dit jaar af met een laagvliegoefening, waarbij ik mijn fotomaatje even heb gestalkt.

Tot slot nog een woord van dank aan de rietsnijders Klaas Jan, Errie en Oscar, door wie we steeds gastvrij werden ontvangen. En natuurlijk dank aan mijn fotomaatje Jetske, die mijn klapstoeltje droeg en me voor ongelukken in het rietland behoedde …

Het werkterrein van de dag

Klaas Jan en oom Errie stonden die dag voor de klus om een stuk rietland te maaien, dat op deze foto deels rechtsonder te zien is. In een eerder blogje heb ik al eens wat geschreven over het belang van terreinkennis in het rietland. Dat was hier ook het geval. Tegen het rietland lag heel geniepig een sloot waar je niet met de zware rietmaaier in terecht wilt komen …

Vermoedelijk was dat de reden dat Klaas Jan de eerste strook riet langs de sloot maaide. Hij is hier wat beter thuis en hij is net wat sterker dan Oom Errie. Jetske was achter Klaas Jan aan gelopen. Aan het eind van de eerste strook vertelde hij haar het één en ander over de achtergrond van de huidige pachter. Het land is al sinds zijn overgrootvader in de familie, een bijzonder verhaal, dat te lezen is bij Jetske. En verder heeft ze daar weer mooie actiefoto’s van de rietsnijder, van een woelraten van de bestuurder van de drone gepubliceerd …

Intussen had oom Errie de rietmaaier ter hand genomen. Hij zal wel gedacht hebben, dat het riet er met gezellig bijpraten niet af komt …

– wordt vervolgd

Daar komen de rietsnijders

We zaten nog maar net, toen we de auto van Klaas Jan zagen naderen over het fietspad dat zich tussen de afgezaagde boomtoppen door slingerde …

Op de aanhangwagen stond een grote handmaaier. Terwijl Klaas Jan hem van de wagen reed, vertelde hij dat zijn oom Errie (the man in black) een verbetering op de machine had aangebracht. Een soort zelf bedachte update zeg maar …

Na een pittige wandeling over de geurige kragge voegden Jetske en ik ons enige tijd later bij de mannen in het achterliggende rietland. Daar startte Klaas Jan meteen de rietmaaier om hem onder het toeziend oog van nieuwsgierige collega’s aan een eerste proefrit te onderwerpen …

Het was al snel duidelijk dat de machine perfect werkte. De golden retriever Rhena zag dat het goed was. Terwijl zij een lekker plekje zocht om te gaan liggen, bracht ik mijn drone in stelling …

– wordt vervolgd

Dwars door Nederland

Nadat we onze broodjes hadden gegeten op een parkeerplekje niet ver van de tjasker, pakte we onze route weer op. Enkele kilometers verderop naderden we de buurtschap Nederland. We maakten aan de oostkant van het dorpje een paar foto’s van de borden, waarvan het blauwe exemplaar recentelijk was bijgeplaatst …

Dit kleine Nederland heeft ruwweg 20 inwoners in de 10 woningen die de nederzetting telt. De goudkust zit aan de zuidkant. Het geld geld wordt hier aan de noordkant aan de Rietweg verdiend met hard werken. Daarbij doet ook een oude ladewagen, die nog uit de vorige eeuw lijkt te stammen, nog dienst …

Aan de westkant van de buurtschap namen we, vlak vóór de brug waar de weg een haarspeldbocht naar links maakt, de afslag naar rechts. Over en langs een fietspad passeerden we de vogelkijkhut op palen, van waaruit je een riant uitzicht over de rietvelden hebt. Het was niet te missen dat er niet alleen een boom stond, die gestut leek te worden, er waren langs het pad vooral veel afgebroken of afgezaagde boomtoppen te zien. Dat heeft te maken met het grootschalige herstel van de natuurwaarden van het gebied. Ik heb daar vorig jaar o.a. een blogje over geschreven: ‘Natuurherstel in de Weerribben’

Nadat wij ongeveer een kilometer over en langs het slingerende fietspad hadden gereden, zagen we een ons onbekende auto aan de rand van het rietland staan. Zouden we hier moeten zijn? We kenden de omgeving niet meer terug van vorige bezoeken, omdat er nogal wat bomen waren verdwenen. Jetske belde neef Klaas Jan om te horen waar we moesten zijn …

De mannen bleken onderweg te zijn. We waren op de juiste plek en besloten het ons makkelijk te maken. Ik pakte mijn klapstoel uit de auto en Jetske haalde haar uitschuifbare krukje tevoorschijn. Het duurde echter een minuut of wat, voordat het ding mee wilde werken. Na een jaar ingeschoven geweest te zijn, was er een tijdlang geen beweging in te krijgen. Maar uiteindelijk zaten we dan toch wel lekker in de zon en uit de wind …

– wordt vervolgd