Sneeuw aan de Wolwarren

Ook vandaag hebben we hier weer een onbestemd grijs weerbeeld, daarom gooi ik er nog maar wat foto’s van anderhalve week geleden tegenaan …

Terwijl ik een ritje door het gebied tussen Drachten en Earnewâld maakte, trokken er een paar sneeuwbuien over. Ik houd wel van die winterse dynamiek …

Dooi aan de Wolwarren

Rond het tijdstip waarop de hulpdiensten in actie kwamen voor de gevallen schaatser, viel ook de dooi in. Dat was op dat moment nog niet echt voelbaar, maar het was wel zichtbaar. Het ijs krijgt ineens een andere glans wanneer het eerste water erop verschijnt. Het heeft iets melancholieks …

Ook aan bomen kun je het trouwens vaak zien. Voor mijn gevoel worden de tinten van de silhouetten zwarter zodra de dooi intreedt. Maar dat kan ook verbeelding zijn hoor. Wat geen verbeelding was, is dat vanaf dit punt aan de Wolwarren de Herkules windmotor a an de andere kant van de Wijde Ee vanaf kniehoogte niet te zien is, maar vanaf ooghoogte wel …

Tot slot een wijdere blik op het landschap ter plekke. Op de voorgrond twee stukken ondergelopen land aan de Wolwarren. Het pad aan de linkerkant leidt naar een woonark, die achter het bosje in de Wijde Ee ligt. In het verlengde van het pad staat op 600 m afstand de Herkules molen, waar ik twee uur eerder nog naar de schaatsers stond te kijken …

Pijnlijke finale in de JD-polder

Het laatste ijs waar ik schaatsers hoopte te zien, lag in de Jan Durkspolder. Gewoontegetrouw reed ik, komend vanaf de Hooidammen, eerst de doodlopende weg naar de grote vogelkijkhut in de Jan Durkspolder in. Daar viel zoals ik had kunnen weten weinig te beleven. Maar toen ik vanaf de Westersânning inzoomde, kon ik zien dat er aan de kant van Earnewâld genoeg drukte was. Terwijl ik enkele minuten later bijna ter plekke was, zag ik een wit bestelwagentje de polder rijden. Dat is niet goed, dacht ik nog …

Even later had ik auto geparkeerd aan de Koaidyk, toen er een politiewagen met de zwaailichten aan voorbij kwam. Ik stond net bij het toegangshek naar de polder, toen er een tweede politiewagen en een ambulance met toeters en bellen naderden. Ik zag dat er inde verte iemand bij ‘een slachtoffer’ aan de kant zat. Terwijl de brancard de polder in werd geduwd, verrichtten enkele politieagenten in de verte wat ‘veldwerk’ …

Intussen was er ook een traumaheli aangekomen. Nadat het ambulancepersoneel zich over het slachtoffer had ontfermd en groen licht had gegeven, verdween de helikopter na enkele cirkels rond de polder weer richting basis. Korte tijd later werd de brancard leeg terug gerold, de patiënt werd met de auto naar de weg gebracht. Daar zag ik dat zelf ze overstap naar de brancard maakte …

De vriendin die bij haar zat in het veld, vertelde me korte tijd later dat de vrouw lelijk op haar hoofd was gevallen. Omdat ze even van de wereld was geweest, werd ze ter controle meegenomen naar het ziekenhuis.

Met deze val, die andermaal het belang van een helm onderstreept, kwam er wat een wrang einde aan het schaatsseizoen. Dat hoofdstuk sluit ik dan ook af met de onderstaande weidse blik over de hele Jan Durkspolder, waar de laatste liefhebbers hun rondjes bleven draaien …

het schaatsseizoen mag dan voorbij zijn, van winterse plaatjes zijn jullie hier nog niet verlost …

Zwanen en schaatsers

Zodra ik na 18 km Smalle Ee was gepasseerd, zag ik een paar oude bekenden op het ijs …

Twee dagen eerder zagen Jetske en ik hier een paar zwanen in de richting van het ondergelopen bosje zeilen. Nu, maar twee nachten met lichte tot matige vorst later, was dit stuk van de retentiepolder helemaal dichtgevroren. De zwanen leken er niet echt mee te zitten …

Nadat ik bijna aan het eind van de Bûtendiken een parkeerplekje voor de auto had gevonden, liep ik het laatste stukje naar de Noarderkrite. Dit is een stuk buitendijks land van It Fryske Gea, waar net als op het ondergelopen land bij de Hooidammen, al sinds mensenheugenis na enkele nachten geschaatst kan worden. Bij gebrek aan een koek & zopie tent leek een gezin de eigen privé koek & zopie te hebben meegenomen …

Het viel me op dat er steeds meer schaatsers zijn, die een helm dragen op het ijs. Dat lijken vooral de wat oudere schaatsers, die op de fiets ook al vaak een helm dragen, en de meer ervaren schaatsers te zijn, die ook op Thialf hun rondjes maken. Ik kom hier aan het eind van deze serie nog op terug …

Tegen de tijd dat ik koude vingers dreigde te krijgen, ben ik al fotograferend teruggelopen naar de auto. Onderweg kijken we morgen nog even naar het ijs op de ondergelopen retentiepolders grenzend aan deze schaatsbaan …

Via via naar de Leijen

Nadat ik een kijkje had genomen bij de ijsvlakte achter de Hooidammen, heb ik nogmaals een tussenstop gemaakt aan de Wolwarren. Daar heb ik in de schaduw van de windmotor mijn medicijnen genomen en een boterham gegeten …

De volgende halte was de Jan Durkspolder, daar lag op de beide plassen een mooi laagje ijs. De vaart de Alde Geau lag nog deels open, maar ook daar lag verderop al zoveel ijs, dat een kraai er op kon staan …

Onderweg naar de Leijen zag ik langs het Nonnepaed een paar grote groepen kieviten in de weilanden staan. Waarschijnlijk zijn het Scandinavisch klimaatvluchtelingen, die op de vlucht waren voor de sneeuw in Zweden en Denemarken. Minder opzienbarend waren de vele honderden ganzen, die hier hun toevlucht hadden gezocht …

Het meertje de Leijen lag zoals verwacht nog volledig open. Maar het was de moeite waard om te zien wat voor ijzige vormen en structuren er door het tegen riet en hout klotsende water werden gecreëerd …

En dan waren er ook hier weer de voortdurend wuivende rietpluimen, steeds weer van kleur veranderend. Ik zal eens kijken of ik daar een dezer dagen nog eens een videootje van kan maken …

Teruglopend naar de auto zag en hoorde ik in de vaart naast het pad dunne laagjes ijs, die werden opgestuwd door de wind, over elkaar heen schuiven …

Het eerste ijs van 2024

Ten westen van Drachten ligt een aantal stukken land die al van oudsher ’s winters onderlopen. Dit zijn ook de plekken waar vaak al na enkele nachten lichte tot matige vorst geschaatst wordt door de ware liefhebber. Dinsdag ben ik mijn ritje langs een aantal van die ijsvlakten (in wording) begonnen aan de Wolwarren (Google Maps). Op het eerste, vrij kleine stuk water achter de windmotor lag al een mooi laagje ijs …

Pakweg 600 meter ten zuidwesten van de windmotor was het een ander verhaal. Op deze wat grotere vlakte had de wind nog steeds vat op het water, het gevolg was een groot windwak …

Nog een stukje verder lag, verscholen achter een mooie rietkraag, weer een kleiner stuk water. Ook hier lag een prachtig ijsvloertje in wording op. De wuivende rietkraag was ook hier een blikvanger. Als je in de gelegenheid bent, moet je in deze tijd van het jaar eens op een zonnig moment kijken naar die wuivende rietpluimen …

Anderhalve kilometer verderop ligt de mooiste ijsvlakte in de omgeving. Hier, achter de Hooidammen, heb ik in mijn jongere ook heel wat kilometers geschaatst. Als de vorst doorzet, schaats je hier zo de Alde Feanen in. Maar nu nog even niet! Er lag een fantastische ijsvloer, die nog één nachtje lichte tot matige vorst nodig had …

morgen meer

Smienten zo ver ’t oog reikt

De zon leek er door te komen, toen ik gistermorgen na de koffie in de auto stapte om een ritje naar de Jan Durkspolder en omgeving te maken. Terwijl ik over de Westersanning reed (Google Maps), zag ik al dat de plas rond de grote vogelkijkhut van voor tot achter vol lag met smienten …

Zo stil mogelijk liep ik korte tijd later over het door wilgen en riet omgeven paadje naar de hut. Het af en toe net wat te luide getik van mijn trekkingstokken op het beton deed de dichtstbij zijnde eenden echter al snel opvliegen …

Zo druk als het op het water was, zo stil was het ook nu weer in de kijkhut. Het voordeel daarvan was, dat de eenden zich al snel weer rustig met wind en water in de richting van de hut lieten dobberen. Het was weer een mooi begin van de dag …