Herfst in de tuin

Voordat Aafje vorige week begon aan een opruimronde in de tuin, heb ik nog even een fotoserie gemaakt van de tuin in beginnende herfsttooi …

De bloemen en planten hebben hun best weer gedaan om de tuin kleur en fleur te geven dit jaar. Ze zijn nu aan hun rust toe. Vanaf het moment dat de varens en de hosta’s hun grote bladeren lieten hangen, namen paddenstoelen her en der bezit van de tuin …

Zelfs in de grote bloempot achter in de tuin verscheen onlangs een grote paddenstoel, waarvan er dit jaar voor het eerst een groot aantal achter in de tuin staan …

Honderd jaar Louis le Roy

Vandaag is het honderd jaar geleden dat Louis le Roy (1924 – 2012) werd geboren. Hij was een tuinarchitect, beeldend kunstenaar, schrijver, professor honoris causa en leraar tekenen. Hij noemde zichzelf een ‘ecotect’. In Heerenveen en omgeving werd hij ook wel ‘de wilde tuinman’ genoemd. Hij is de grondlegger van de Ecokathedraal die hij bouwde bij Mildam …

In Museum Heerenveen wordt van 26 oktober 2024 t/m 2 februari 2025 de tentoonstelling ‘100 jaar is niets!’ georganiseerd. De tentoonstelling gaat over leven, werk en nalatenschap van Le Roy. De tentoonstelling vertelt het verhaal van het ecokathedraaldenken op een vernieuwende manier aan een breed publiek om samen de wereld een beetje mooier te maken …

Zijn pleidooi voor een duurzame creatieve interactie tussen planten, dieren en de mens rekt niet alleen de grenzen van de kunst op. Louis le Roy liep ook vooruit op het ecologische denken van vandaag. Centraal in zijn ideeën staat dat de mens de natuur niet moet beheersen, maar samen moet werken met haar groeikracht om zo de hoogste graad van complexiteit te bereiken. Deze complexiteit vereist niet een korte periode, maar een langdurige interactie tussen mens en natuur. Vandaar de titel: ‘100 jaar is niets’

Deze foto’s heb ik allemaal gemaakt tijdens mijn eerste bezoek aan de Ecokathedraal in november 2002. Dwalend tussen steen en natuur werd me al snel duidelijk wat Le Roy bedoelde wanneer hij het had over ‘Het begint met chaos, maar alles krijgt een plek.’ In het voorste deel van het stuk bos lagen grote bergen steen en beton, hoe verder ik naar achteren liep, hoe imposanter de door Louis le Roy zelf gestapelde bouwwerken werden. Hier had hij op dat moment al ruim 30 jaar aan gewerkt …

Toen ik uiteindelijk na een lange zwerftocht terugkwam in het voorste deel, werd ik daar opgewacht door de mooie muisgrijze poes, die eerder die middag mijn pad ook al had gekruist. Hij kwam letterlijk en figuurlijk poeslief bij me op schoot zitten, toen ik lekker op een muurtje ging zitten. Terwijl ik mijn eerste toch wel overdonderende kennismaking liet bezinken, bleef de poes nog geruime tijd lekker bij me zitten …

Het was liefde op het eerste gezicht. Gelukkig niet voor die poes, want die heb ik later nooit meer teruggezien, maar wel voor de Ecokathedraal. Wat een bijzonder plek!

Ik sluit af met deel 1 van mijn serie ‘Ecokathedrale fotokuiers’. Er zouden nog talloze volgen, 40 van die fotokuiers staan hier op YouTube

De honderdste geboortedag van Louis le Roy wordt o.a. gevierd met een

Op dood hout

Ik ga nog even door met wat foto’s van paddenstoelen die ik in het bos bij Heidehuizen heb gemaakt. Dit gedrongen typje is volgens Obsidentify een kastanjeboleet. Als je het pootje wegdenkt, is het net een lekker vers bolletje van de warme bakker waar een hapje uit genomen is …

Een stuk verderop in het bos, lagen een paar gevelde bomen. De ene lag er duidelijk al langer dan de andere. Het dode hout is een bron van leven voor paddenstoelen. Vooral tonderzwammen, die al met de sloop van bomen beginnen op het moment dat die nog fier overeind staan, doen het er goed op …

20 jaar MS – deel 2/2

Zo af en toe probeer ik mezelf nog eens uit te dagen tot enig grensoverschrijdend gedrag. Als mijn onderdanen en de weersomstandigheden het toelaten, begin ik dan op bekend terrein een fotokuier die misschien net te lang voor me is, maar die als het meezit net kan lukken. Zo ben ik eergisteren nog aan een kuier begonnen. Het was een mooie zonnige herfstdag, waarop ik het erop heb gewaagd om weer eens een kuiertje naar het Witte Meer oftewel de ijsbaan van Beetsterzwaag te maken. Wetend dat mijn benen goed aanvoelden en dat er bankjes aan de waterkant staan, durfde ik het wel aan. Het laatste stuk terug naar de auto viel niet mee, maar ik heb het weer gered en dat geeft dan weer voldoening.

Dat betekent meestal dat ik het de dag daarna even extra rustig aan moet doen, maar dat calculeer ik in. De enige manier om zo lang mogelijk enigszins mobiel te blijven, is door zo nu en dan eens even mijn spieren te pijnigen. Aan de slechte aansturing van mijn benen kan ik weinig doen, aan de spierkracht kan ik in ieder geval nog iets doen. En dat moet ook, want bij MS heb je altijd het gevoel dat je bergop loopt …

Begin september 2006 kreeg ik op mijn weblog een reactie van een mij onbekende vrouw ergens uit Overijssel. Zij was onder de indruk van mijn weblog en vroeg of ik wel eens iemand meenam op een fotokuier, waarbij we het over fotografie konden hebben. Om een lang verhaal kort te maken: we maakten kennis en raakten na de eerste gezamenlijke wandeling in De Weerribben aan de praat. We bleken wel een klik te hebben, zodat we een vervolgafspraak maakten voor drie weken later.

Sindsdien gaan Jetske en ik gemiddeld ca. twee keer per maand samen op pad, we zijn trouwe fotomaatjes geworden. De ene keer toeren we rond in Fryslân, de andere keer in de Kop van Overijssel. In het begin maakten we nog regelmatig een wat langere wandeling. Gaandeweg werden ook dit kortere wandelingen. Tegenwoordig maken we vaak een wat langer ritje met onderweg een paar korte fotokuiertjes. Het gaat gelukkig nog steeds in een gestaag tempo, maar ik blijf achteruit gaan …

Om toch nog op plekjes in de natuur rond Drachten te kunnen komen, waar ik lopend al jaren niet meer aan toe kwam, heb ik vorig jaar een e-step gekocht, de iLark. Daar heb ik de afgelopen zomers veel plezier van gehad. Omdat hij te zwaar is om hem zomaar even in de auto te gooien, ben ik momenteel aan het oriënteren op een volgende stap om toch mobiel te blijven. Daar hebben we nu toch maar eens een aanvraag voor ingediend bij de WMO, want dit gaat mijn spaarpotje na eerdere investeringen de afgelopen jaren te boven …

Ik ben dit weblog begonnen met MS, en ik hoop er ondanks die MS ook nog lang mee door te gaan. Zonder MS was ik waarschijnlijk helemaal niet gaan bloggen. Zonder mijn weblog had ik Jetske niet leren kennen. Zonder mijn weblog had ik niet zoveel andere leuke contacten opgedaan in de loop der jaren. Mijn weblog houdt me in beweging en is mijn venster op de wereld.

Sinds ruim een jaar is daar Bluesky bij gekomen. Ook daar voel ik me op mijn gemak. Het is een leuk medium om foto’s te delen, nieuwe contacten te leggen en te praten over ditjes & datjes. Kortom: voldoende reden om voorlopig nog maar een zo door te gaan.

Dank voor alle lieve waarderende, motiverende en ondersteunende reacties al die jaren!

Zo, de rest van de dag ben ik op pad met mijn fotomaatje. Tot later!

20 jaar MS – deel 1/2

Eind augustus 2004 kreeg ik plotseling uitvalsverschijnselen in mijn linkerarm en -been. Na een paar maanden met diverse onderzoeken, hoorde ik vandaag precies 20 jaar geleden de neuroloog, die tegenover ons zat zeggen: ‘Ik heb een vervelende boodschap … u hebt MS’. Het was alsof de grond onder mijn voeten wegzakte. Begripvol gaf de neuroloog ons de ruimte om de mededeling enige tijd in stilte te laten landen …

In de dagen en weken daarna viel er al pratend veel op zijn plaats. Al sinds ik eind 1994 de ziekte van Pfeiffer had gehad, was ik vaak op de gekste momenten moe. Dat was eind vorige eeuw ook de aanleiding geweest om een overstap qua werk te maken. Het zal duidelijk zijn, dat dat uiteindelijk niet heeft mogen baten. Mijn tijdelijke contract werd door de nieuwe werkgever niet verlengd en ik kwam thuis te zitten. Thuis krijg ik al vanaf het begin van Aafje gelukkig alle ruimte om mijn leven zo goed, gerieflijk en zinvol mogelijk in te richten. Ik had me geen betere mantelzorger kunnen wensen …

Een jaar nadat ik de diagnose MS had gekregen, ben ik op 24 oktober 2005 begonnen met bloggen. Dat is vandaag dus precies 19 jaar geleden. Toen we anderhalve maand later voor controle bij de neuroloog waren, vroeg hij: “En hoe houden we u in beweging? Moeten we daar een programmaatje in de sportschool voor zoeken …?”

“Wel, daar heb ik het volgende op gevonden,” antwoordde ik, “ik ben een weblog begonnen. Dagelijks maak ik – met mijn fotocamera in de aanslag – ergens in de natuur een wandeling. ’s Avonds publiceer ik één of meerdere foto’s met begeleidende tekst op mijn weblog. Dat moet me zowel lichamelijk en geestelijk toch redelijk lenig houden, lijkt me zo …”

Nadat we er even over hadden doorgepraat, had de neuroloog door dat ik het meende. Onder de voorwaarde dat ik wel echt dagelijks aan de wandel zou gaan, vond hij het een prima plan. Ongeveer 10 jaar lang heb ik mezelf in weer en wind ook echt aan die afspraak gehouden. Door vermoeidheid en gestaag afnemende kracht in mijn benen werden mijn fotokuiertjes gaandeweg de jaren wel steeds wat korter, maar ik kon en kan mijn kuiertjes nog steeds maken. Wat me verder vooral plaagt is de aanhoudende mentale en fysieke vermoeidheid, die regelmatig de kop op blijft steken.

Tegenwoordig ga ik eigenlijk alleen op pad als het weer, mijn benen en de vermoeidheid het toelaten. Bij regenachtig weer zorg ik ervoor, dat ik mijn beweging krijg in huis en tuin. Hoewel ik in 2005 nog tegen de neuroloog had gezegd, dat ‘Fietsen of lopen van niks naar nergens’ niks voor mij was. Toch heb ik in 2017 een goeie hometrainer gekocht. Dankzij een koppeling van de hometrainer en mijn iPad, die ik op het stuur leg, kan ik nu vrijwel overal ter wereld virtuele fietstochten maken, die door andere zijn gemaakt en gefilmd. Dat was net wat ik nodig had om niet meer het gevoel te hebben van niks naar nergens te fietsen …

– morgen meer

Het gemaal en ‘Us Ferlosser’

Aan de zuidgevel van het Tripgemaal prijkt nog altijd het portret van de Nederlands politicus, sociaal-anarchist, en antimilitarist Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846 – 1919). Het is als linosnede in 1923 gemaakt door Domela’s zoon, kunstenaar César. Domela Nieuwenhuis geldt als één van de oprichters van de socialistische beweging in Nederland. Ook was hij de oprichter van het tijdschrift Recht voor Allen …

Het portret staat symbool voor de sociale geschiedenis van dit gebied. Turf winnen voor de veenbaas was hard werken in barre omstandigheden. Domela kwam op voor de veenarbeiders en werd gezien als held: ‘Us Ferlosser’ (Onze Verlosser). In veel arbeiderswoningen was een foto van hem te vinden. Dankzij zijn aanhang in dit gebied werd Domela Nieuwenhuis verkozen in de tweede kamer. Zijn naam wordt door oudere mensen in de streek nog steeds met groot respect uitgesproken …

Het is alleen jammer dat het portret, maar voor de tekst ‘RECHT VOOR ALLEN’, in de loop der jaren minder goed zichtbaar is geworden. Dat was in 2014 (linksonder) en 2019 (rechtsonder) toch nog net wat beter. Hopelijk wordt er nog aan gewerkt …

– wordt vervolgd

Grafkelders op Brongergea

Het kleine kerkhof van Brongergea wordt gedomineerd door de familiegrafkelder van de Van Limburg Stirums. Wanneer je door het ijzeren hek het kerkhof op loopt, sta je meteen voor het van zijmuren voorziene, gebogen toegangspad van de grafkelder … 

Charles L. A. J. graaf van Limburg Stirum (1877-1931) had in het begin van de 20e eeuw opdracht gegeven tot de bouw van deze kelder. Hij was in 1901 getrouwd met Maria de Blocq van Scheltinga en woonde vanaf 1910 op “Oranjewoud”, het buiten dat ze had geërfd … 

In de noord-oostelijke hoek van het kerkhof van Brongerga bevindt zich de familiegrafkelder van de Van Scheltinga’s. De grafkelder op zich is minder opvallend. Op enige afstand zien we de beluchtings-pijpen op wat we een soort grafheuvel zouden kunnen noemen …

Opvallend is wel de asymmetrische sluitsteen, waarop een naam ontbreekt. Het familiewapen evenwel geeft aan, dat dit de familiegrafkelder van de Van Scheltinga’s is ….

Het buiten Oranjewoud kwam door vererving aan jhr. Martinus de Blocq van Scheltinga, de oudste zoon van haar neef jhr. Hans Willem de Blocq van Scheltinga. Opnieuw woonde er op Oranjewoud een Van Limburg Stirum, want jhr. Martinus de Blocq van Scheltinga was in 1926 getrouwd met Cecilia Johanna gravin van Limburg Stirum. Zij was een ver familielid van Charles graaf van Limburg Stirum. Toen zij overleed in 1953 werd zij niet bijgezet in een der grafkelders. Zij kreeg een apart graf op Brongergea ongeveer tussen beide grafkelders in …

Ik sluit af met de ontluchtingspijp op de grafkelder van de Van Scheltinga’s. Graaf Charles vond het kennelijk een veilig idee voor het geval dat hij ten grave gedragen zou worden, voordat hij zijn laatste adem had uitgeblazen …

– wordt vervolgd