Dat zul je altijd zien, zal ik eens een sappig peertje plukken, strooit een wesp weer roet in het eten …
Denkend aan het motto ‘leven en laten leven’ zag ik het beestje een holte van de peer in duiken. Hij mocht hem van mij hebben. Ik liep even naar een mooie volle peer aan de andere kant van het boompje. Daar greep ik echter ook mis, gelukkig wel in dit geval …
Aan de andere kant dook net een joekel van een hoornaar de al flink aangetaste peer in. Nou ben ik niet zo angstig aangelegd, ook niet als het om wespen en hoornaars gaat, maar je moet ze niet plagen of uitdagen, zeg ik altijd maar. Ik heb me dus maar beperkt tot het maken van een paar foto’s, waarna ik mijn weg vervolgd heb …
Het was weer een bijzonder uurtje in de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder. Het was er druk, maar wel gezellig druk. De sfeer werd voor een belangrijk deel bepaald door een (echt)paar vogelaars, die ieder vogeltje zagen vliegen of lopen. En dat niet alleen, ze konden ze ook allemaal op naam brengen …
Zo zagen ze op een bepaald moment aan de westkant van de hut een aantal vogels zitten, waar ik alleen maar groen zag. Ik heb geruime tijd moeten zoeken en turen, pas toen ze wat meer uit het groen tevoorschijn kwamen, zag ik drie watersnippen zitten. Want dat bleken het te zijn, watersnippen en geen grutto’s. Maar eerlijk is eerlijk, die fout zou ik mogelijk ook gemaakt hebben zonder de deskundigen aan mijn zijde …
Want deskundig was dit stel zeker, en ze werkten perfect samen. Wanneer de één op grote afstand iets zag, wist de ander op basis van enkele simpele aanwijzingen de vogel vaak al heel snel te lokaliseren en te herkennen. En niet alleen dat, ze deelden hun waarnemingen ook steeds met de andere aanwezigen in de hut. Zij wezen ons ook op de goed gecamoufleerde watersnippen dicht bij de hut. Een van de watersnippen die zo mooi bij de stronken zaten, maakte na verloop van tijd een klein uitstapje om een stukje verderop te gaan foerageren …
De finale van de vogelshow werd die dag verzorgd door een sperwer, die neerstreek aan de westkant van de hut waar eerder de drie watersnippen zaten. Ik kan het me verbeelden, maar ik kreeg sterk de indruk dat hij wat beteuterd om zich heen keek, alsof hij zich afvroeg waar zijn lunch was gebleven. Sneu of niet, ik was er wel blij mee, want mijn eerste en laatste foto’s van een sperwer dateerden van maart 2012. Dat waren overigens wel bijzondere foto’s, want die sperwer zat in de hazelaar in onze tuin …
Ik sluit dit hoofdstuk af met een waarneming, die ik die middag helemaal zelf heb gedaan: een sprinkhaan – waarschijnlijk een boomsprinkhaan – die op één van de neerklapbare luikjes zat. Misschien wat minder spectaculair dan de watersnippen en de sperwer, maar daarom niet minder mooi. En bedenk hierbij ook: ‘wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd …’
Aan vers fotomateriaal wordt hier momenteel gewerkt, maar dat gaat maar mondjesmaat de laatste tijd. Binnenkort meer daarover, vandaag eerst nog maar een paar plaatjes uit het archief.
Deze foto’s heb ik gemaakt in september 2008. Het was een saaie, wat grijze herfstdag, waarop ik één van mijn toen nog dagelijkse fotokuiertjes maakte in het Weinterper Skar. De dagen konden indertijd niet saai genoeg zijn of ik kwam wel met een aantal foto’s thuis. Zo ook die dag …
Tijdens een korte rookpauze op het bankje tussen de twee vennetjes (Google Maps) ten zuiden van de toenmalige Nije Heawei zag ik tegenover het bankje een pluisje wapperen in de wind. Nadat ik de eerste foto had gemaakt, verscheen er plotseling nog wat meer beweging in beeld dan alleen het spel van de wind met het wapperende pluis. Een teek liet zich afzakken naar het pluizige spul. Nog voordat ik een derde foto kon maken, kreeg een windvlaag vat op het pluis, dat met teek en al werd weggeblazen …
In tegenstelling tot wat velen dachten, was het hier in het noorden gisteren opnieuw tropisch. Het was met een maximumtemperatuur van 30,3°C weliswaar ruim 5 graden minder warm dan dinsdag, maar dat was voor mij niet echt merkbaar.
Aan het begin van de avond kwam er eindelijk beweging in de atmosfeer. Tijdens de passage van een paar buien met regen en onweer daalde de temperatuur in een uurtje ruim 6 graden. Zodra het weer droog was, werd ik naar buiten gelokt door de dampende geur van de eerste regen, die door de openstaande schuifpui naar binnen zweefde …
Ik zette een klapstoeltje bij de zinken tobbe naast de vijver en ging op zoek naar fotogenieke druppels op de langwerpige bladeren van de blauwe iris. Het eerste wat ik tijdens mijn zoektocht aantrof, was een wants die beladen met druppeltjes ondersteboven over een bloemsteel naar beneden liep …
Daarna heb ik me weer helemaal gericht op de vele glinsterende druppels op de gebogen en geknakte bladeren van de iris. De laatste foto heb ik gemaakt van een solistische druppel op een blad van de gele lis. Het is een soort minimal art geworden …
Nadat ik mijn poriën gisterochtend vroeg om te beginnen eens lekker had gekieteld met een flink warme douche ben ik de (voorlopig) warmste dag van het jaar goed doorgekomen. Na de douche heb ik een tijdlang lekker koffie zitten drinken op het terras. Een hommel bezocht daarbij de intussen volop bloeiende kogeldistel …
Tegen de tijd dat ik op het punt stond om naar binnen te gaan, omdat het stilaan flink warm werd op het terras, streek er een jonge pimpelmees op een van de roestige lisdoddes neer …
Al snel vloog hij naar het grote houten vogelbad. Daar zat hij eerst een tijdlang om zich heen te kijken, terwijl hij zich af en toe even voorover boog om een slokje water te nemen. Uiteindelijk kon hij de aantrekkingskracht van het water niet weerstaan …
Tussendoor ging er een dagpauwoog op een paar bladeren van de lampionplant zitten. Hoe lang ik ook wachtte, hij verpofte het om zijn vleugels even te openen …
Een koolwitje wilde dat even later ook niet doen, maar daar stond tegenover dat hij zich wel even mooi in het tegenlicht wilde laten portretteren …
Aan het eind van deze eerste tropische dag heb ik me voor het eerst met op elke trapleuning een hand omhoog moeten trekken, omdat mijn onderdanen volkomen krachteloos waren. Voeg daarbij dat de luchtvochtigheid een stuk hoger is dan gisteren, dan belooft dat weinig goeds voor vandaag, want op dit moment is hel al twee graden warmer dan gisteren rond dit tijdstip. Ik had gehoopt vandaag even een ritje naar de ijsvogels te kunnen maken, maar ze moeten nog maar even wachten. Ik heb tenslotte de afgelopen maanden al zo vaak en lang op hen zitten wachten …
Als jullie me vandaag zoeken: ik zit vanochtend vooral in mijn computerhoekje en vanmiddag lig ik languit voor de Tour de France. Ik wens jullie een mooie dag, en je weet het: hou ’t hoofd koel.