Een rare week

Een ‘rare week’ is eigenlijk een understatement. De eerste drie dagen van de week was ik bij temperaturen onder het vriespunt dagelijks een paar uurtjes langs het ijs te vinden. Vrijdag heb ik samen met mijn fotomaatje bij een temperatuur van 17°C een prachtige dag gehad bij de rietsnijders in De Weerribben. Het was dan ook geen wonder dat ik vrijdagavond moe maar voldaan thuis kwam …

De computerstoring, die zaterdag na het opstarten van mijn pc plotseling optrad, waardoor tal van applicaties niet meer werkten, was er wat teveel aan. Na twee dagen puzzelen heb ik de zaak bijna weer onder controle. Maar het gevolg is wel dat ik nu niet alleen fysiek, maar ook mentaal even heel moe ben. De komende dagen hoop ik rustig bij te kunnen tanken. Daar is het in ieder geval goed weer voor …

Eksters, rietland en aalscholvers

We begonnen de dag gisteren met koffie en gebak bij Jetske. Een paar eksters meenden ook te zijn uitgenodigd en plunderden met elk een snavel vol meelwormen de voedertafel in de tuin …

Toen het lekkers op was, zijn we volgens plan naar De Weerribben gereden. Daar hebben we bij een onwerkelijk hoge temperatuur van 17°C een paar uur doorgebracht in het rietland bij een paar rietsnijders …

Terwijl we via landelijke wegen terugreden naar huis, kwamen we nog langs op een paar aalscholvers, die lekker in de zon op een dukdalf zaten en rustig voor ons bleven poseren …

Twee keer te laat

Nadat we bij Earnewâld tevergeefs op zoek waren geweest naar rietsnijders aan het werk, besloten we dat ter afsluiting van de dag ook nog even te proberen bij De Leien …

We waren net uitgestapt, toen er een fotograaf aan kwam lopen vanuit de vogelkijkhut. Op onze vraag of er nog wat bijzonders te zien was, vertelde hij dat er een tijdlang twee zeearenden op het boomeilandje hadden gezeten. Omdat te bewijzen liet hij een serie prachtige foto’s zien van de zeearenden in de bekende boom. Hoewel de vogels net vertrokken waren, besloten we toch even door te lopen in de richting van de vogelkijkhut …

In de verte zagen we nog een paar roofvogels cirkelen. Toen ze wat dichterbij kwamen, zagen we echter dat het om buizerds ging. Toch een tegenvallertje in dit geval …

Bij het rietland aangekomen, zagen we dat we te laat waren om de rietsnijders hier aan het werk te zien. Een groot deel van het riet was al gemaaid en lag in bossen samengebonden op het dijkje rond het meer. Omdat het paadje naar de vogelkijkhut erg nat en drassig was, zijn we toch maar niet verder gelopen …

Twee keer te laat op één middag, eerst voor de zeearenden en dan ook nog voor de rietsnijders. Maar toch was het een weer mooie dag.

Mist en rust in het rietland

De meeste rietlanden in De Weerribben lagen er vrijdag stil en verlaten bij in de mist. Veel rietsnijders hopen en wachten waarschijnlijk ook op beter weer …

Aan de overkant van deze sloot stond een oude trekker bij een kleine windmotor. Het is geen uniek beeld, in de rietlanden staan op meerdere plaatsten oude trekkers die bij gebrek aan wind af en toe worden gebruikt voor de bemaling van het rietland. Ook een rietmaaier stond een stukje verderop te wachten op betere tijden …

Jetske en ik stapten in de auto en reden verder over het bruggetje in de Hoogeweg in de richting van Kalenberg. Het lintdorp Kalenberg is zo ongeveer het hart van de rietteelt in De Weerribben. Kalenberger riet is al sinds mensenheugenis een gewild bouwmateriaal voor het dekken van daken en windmolens …

Wat aalscholvers en ’n kievit

Nadat we uitgebreid met zijn drieën hadden bijgepraat met koffie en koek, stapte Aafje tegen het eind van de ochtend op de fiets om boodschappen te gaan doen. Fotomaatje Jetske en ik stapten in de auto om een ritje door de omgeving te maken. Jetske stelde voor om eerst maar even bij de Leijen te kijken, misschien zouden de baardmannetjes zich daar nu wel willen laten zien …

Ongeacht of we liepen of stil bleven staan, er was geen vogel te horen of te zien, terwijl we langs het rietland in de richting van de vogelkijkhut liepen. Diep in de kraag weggedoken kwamen we bij de vogelkijkhut aan. Behalve grijs was het ook echt waterkoud. Warmer dan 4°C was het zeker niet …

De enige vogels die we vanuit de hut te zien kregen, waren enkele aalscholvers die in de laatste boom zaten die nog rest van het eilandje midden in de Leijen …

We hadden het al snel bekeken in de hut. Terug bij de auto besloten we eerst onze broodjes maar eens op te eten. Meestal leven we tijdens onze tochtjes op water en (goed belegde) broodjes. Gisteren verraste Jetske me met een beker vers geperst sinaasappelsap. Daarna besloten we nog maar even naar de Jan Durkspolder te rijden. Jetske kreeg bij Earnewâld nog een zeearend in beeld …

Ik stelde me een 3 km verderop tevreden met een kievit, die in een weiland langs de Alle om Slachte stond. Het zal een noorderling zijn, die hier hoopt te kunnen overwinteren. Als je goed kijkt, kun je bij gebrek aan zon nog net iets van de glans van zijn verendek zien …

– wordt vervolgd

Windmotor met weerspiegeling

Ik ontdekte nog een paar zonnige foto’s uit eind oktober. Nadat het ’s ochtends grijs en bewolkt was, brak de lucht halverwege die middag nog even open …

Ten noorden van Earnewâld heb ik op dat moment even een korte tussenstop gemaakt om een paar foto’s te maken van de windmotor aan de Hooiweg met zijn weerspiegeling …

Een rietzanger en een visdiefje

Fotomaatje Jetske stelde vrijdag voor om eens te kijken of de zwarte sterns zich weer lieten zien rond de vogelkijkhut ‘Blauwstirns’ bij de Leijen. We hadden de auto net achter ons gelaten, toen het begon te regenen. Even was er twijfel, doorlopen naar de hut of toch eerst maar terug naar de auto? Omdat een rietzanger bij de brug fier bleef zitten zingen in de zachte regen, besloten we maar door te lopen …

We passeerden het hek met de dagkoeksbloemen langs het rietland. Nadat we door het voorportaal van de kijkhut waren gelopen, bleef ik even staan om wat foto’s van het riet te maken. Ik sta er elk jaar weer van te kijken hoe snel dat riet groeit …

Er hingen donkere wolken boven de Leijen, maar de wind stond gelukkig gunstig, zodat we de hut niet uit waaiden. Zwarter sterns lieten ze nog niet meteen zien, maar met dit visdiefje dat voor de hut langs vloog, was ik ook al blij …