Mist en rust in het rietland

De meeste rietlanden in De Weerribben lagen er vrijdag stil en verlaten bij in de mist. Veel rietsnijders hopen en wachten waarschijnlijk ook op beter weer …

Aan de overkant van deze sloot stond een oude trekker bij een kleine windmotor. Het is geen uniek beeld, in de rietlanden staan op meerdere plaatsten oude trekkers die bij gebrek aan wind af en toe worden gebruikt voor de bemaling van het rietland. Ook een rietmaaier stond een stukje verderop te wachten op betere tijden …

Jetske en ik stapten in de auto en reden verder over het bruggetje in de Hoogeweg in de richting van Kalenberg. Het lintdorp Kalenberg is zo ongeveer het hart van de rietteelt in De Weerribben. Kalenberger riet is al sinds mensenheugenis een gewild bouwmateriaal voor het dekken van daken en windmolens …

Wat aalscholvers en ’n kievit

Nadat we uitgebreid met zijn drieën hadden bijgepraat met koffie en koek, stapte Aafje tegen het eind van de ochtend op de fiets om boodschappen te gaan doen. Fotomaatje Jetske en ik stapten in de auto om een ritje door de omgeving te maken. Jetske stelde voor om eerst maar even bij de Leijen te kijken, misschien zouden de baardmannetjes zich daar nu wel willen laten zien …

Ongeacht of we liepen of stil bleven staan, er was geen vogel te horen of te zien, terwijl we langs het rietland in de richting van de vogelkijkhut liepen. Diep in de kraag weggedoken kwamen we bij de vogelkijkhut aan. Behalve grijs was het ook echt waterkoud. Warmer dan 4°C was het zeker niet …

De enige vogels die we vanuit de hut te zien kregen, waren enkele aalscholvers die in de laatste boom zaten die nog rest van het eilandje midden in de Leijen …

We hadden het al snel bekeken in de hut. Terug bij de auto besloten we eerst onze broodjes maar eens op te eten. Meestal leven we tijdens onze tochtjes op water en (goed belegde) broodjes. Gisteren verraste Jetske me met een beker vers geperst sinaasappelsap. Daarna besloten we nog maar even naar de Jan Durkspolder te rijden. Jetske kreeg bij Earnewâld nog een zeearend in beeld …

Ik stelde me een 3 km verderop tevreden met een kievit, die in een weiland langs de Alle om Slachte stond. Het zal een noorderling zijn, die hier hoopt te kunnen overwinteren. Als je goed kijkt, kun je bij gebrek aan zon nog net iets van de glans van zijn verendek zien …

– wordt vervolgd

Windmotor met weerspiegeling

Ik ontdekte nog een paar zonnige foto’s uit eind oktober. Nadat het ’s ochtends grijs en bewolkt was, brak de lucht halverwege die middag nog even open …

Ten noorden van Earnewâld heb ik op dat moment even een korte tussenstop gemaakt om een paar foto’s te maken van de windmotor aan de Hooiweg met zijn weerspiegeling …

Een rietzanger en een visdiefje

Fotomaatje Jetske stelde vrijdag voor om eens te kijken of de zwarte sterns zich weer lieten zien rond de vogelkijkhut ‘Blauwstirns’ bij de Leijen. We hadden de auto net achter ons gelaten, toen het begon te regenen. Even was er twijfel, doorlopen naar de hut of toch eerst maar terug naar de auto? Omdat een rietzanger bij de brug fier bleef zitten zingen in de zachte regen, besloten we maar door te lopen …

We passeerden het hek met de dagkoeksbloemen langs het rietland. Nadat we door het voorportaal van de kijkhut waren gelopen, bleef ik even staan om wat foto’s van het riet te maken. Ik sta er elk jaar weer van te kijken hoe snel dat riet groeit …

Er hingen donkere wolken boven de Leijen, maar de wind stond gelukkig gunstig, zodat we de hut niet uit waaiden. Zwarter sterns lieten ze nog niet meteen zien, maar met dit visdiefje dat voor de hut langs vloog, was ik ook al blij …

Een kiekendief boven de JD-polder

Van It Útein, waar ik vorige week donderdag de wulp zag vliegen en waar de grutto een perfecte landing maakte, reed ik naar de Jan Durkspolder. Daar parkeerde ik de auto op de eerste dam voorbij de brug. Hier was ik eind mei gaan staan, toen ik er verrast werd door een kiekendief bij de kijkhut. Deze keer zette ik de auto er neer, omdat ik daar vandaan een mooi zicht had op de onweersbui, die ten zuiden van de Jan Durkspolder voorbij trok. Ik kon de auto net zo parkeren, dat ik het zijraampje open kon draaien zonder echt nat te worden …

Van het onweer kreeg ik geen last. Het heeft een paar maal flink gerommeld, daarna verdween de bui in oostelijke richting. Ook hier had ik weer geluk, want al snel verscheen de bruine kiekendief opnieuw boven het rietland bij de vogelkijkhut …

Nadat hij enige tijd laag over het rietland had gevlogen, steeg hij naar grotere hoogte. Daarna besloot hij de oversteek te maken naar de noordkant van de Jan Durkspolder. Daar kon ik hem vanwege wind en regen niet meer volgen …

Tot zover een uurtje vogelgeluk tussen de buien op de dag van de Europese Verkiezingen

Een kiekendief bij de kijkhut

Of het in algemene zin ook opgaat, weet ik niet, maar voor mij is 2024 tot nu toe het jaar van de bruine kiekendief. De afgelopen jaren kreeg ik er alleen bij hoge uitzondering af en toe eens op grote afstand eentje te zien. Dit jaar heb ik er al vier mooie fotosessies mee gehad …

Nadat ik april een serie had gemaakt van een bruine kiekendief in de Mieden, had ik precies een maand later een mooi treffen met een bruine kiekendief in de Jan Durkspolder. Ruim voordat ik bij het parkeerplekje bij de vogelkijkhut was, zag ik een bruine kiekendief boven het rietland bij de hut zweven. Meteen zette ik de auto stil op een dam naast de smalle landweg. Ik kon nog net een foto maken, voordat de vogel het rietland in dook …

Nadat hij uit het rietland was opgestegen, vloog de kiekendief in een ruime bocht voor me langs. Daarna zag ik hem uiteindelijk uit zicht verdwijnen, toen hij in de richting van de lepelaarskolonie over de plas vloog …

Ook vorige week vrijdag heb ik weer een mooie serie van een kiekendief kunnen maken, maar die is voor later.

Een kale bedoening

Mijn benen zijn de laatste tijd weer volstrekt onvoorspelbaar. Woensdag voelden ze aan als elastiek, maar gistermorgen waren ze weer tamelijk sterk en veerkrachtig. Vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan, zeg ik dan. De daad bij het woord voegend, ben ik rond elf uur naar de Leijen gereden Daar waren de rietsnijders aan het werk …

Omdat ik sinds een jaar of vijftien aardig ingevoerd ben in de rietsnijderij, ben ik even naar de noeste werkers toe gelopen om een praatje te maken. Het viel me op dat ze vroeg waren, want het was al een kale bedoening op het veld bij de vogelkijkhut. Ze werkten de rietlanden dit jaar in een andere volgorde af, begreep ik …

Het riet was kort gebleven en door een gebrek aan water in het voorjaar, waren veel van de rietstengels met een soort bocht gegroeid. Maar verder was de kwaliteit goed, verzekerden de mannen me. Deze rietsnijders bleken tevens een rietdekkersbedrijf te hebben, ze hielden het maaien van het riet graag in eigen hand. En dat deden ze dan ook me zorg, met handmaaiers …

Na enige tijd nam ik afscheid om mijn kuier naar de vogelkijkhut voort te zetten. Daar zat een vrouw van de rust te genieten. Omdat er rondom niet meer te zien was dan wat dartele eenden, die het voorjaar al in de kop leken te hebben, raakten we aan de praat. Het viel me op dat zij ook de Sony RX10 IV had. Zij was de eerste persoon waarvan ik hoorde, dat ze er niet echt tevreden mee was …

Omdat het er met een temperatuur van amper 2°C niet echt aangenaam zat, wandelden we na enige tijd genoeglijk verder pratend terug naar het fietspad. Daar scheidden onze wegen, zij ging op de fiets huiswaarts, ik maakte in de auto nog een omweg via Earnewâld …