Visdiefjes boven de Leijen

Terwijl we door de kijkgaten het komen en gaan van de vogels voor de hut in de gaten hielden, was er ook achter de wand naast het vlonderpad iets gaande. Verschillende keren hoorde we daar kort en duidelijk een vogel zingen of roepen. Hoe we ook zochten, hij bleef verborgen in het dichte bladerdek van de struiken achter de wand …

Op en boven het meertje bleef het donker. De grote bladeren van de waterlelie en de gele plomp deinden zacht op en neer op de lange golfslag rond de vogelkijkhut. Een paar futen leken een late balts voor ons te willen opvoeren, maar daar bleek al snel niets van terecht te komen …

De zwarte stern en het visdiefje vlogen zo ongeveer om de beurt voor de vogelkijkhut langs. Tot eind vorig jaar was ik al blij, wanneer ik met de Canon SX70 HS af en toe eens een scherpe foto maakte van zo’n snelle passant. Met de Sony RX10 gaat dat allemaal een stuk beter. Vooral met de laatse foto ben ik erg blij …

Een kale bedoening

Mijn benen zijn de laatste tijd weer volstrekt onvoorspelbaar. Woensdag voelden ze aan als elastiek, maar gistermorgen waren ze weer tamelijk sterk en veerkrachtig. Vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan, zeg ik dan. De daad bij het woord voegend, ben ik rond elf uur naar de Leijen gereden Daar waren de rietsnijders aan het werk …

Omdat ik sinds een jaar of vijftien aardig ingevoerd ben in de rietsnijderij, ben ik even naar de noeste werkers toe gelopen om een praatje te maken. Het viel me op dat ze vroeg waren, want het was al een kale bedoening op het veld bij de vogelkijkhut. Ze werkten de rietlanden dit jaar in een andere volgorde af, begreep ik …

Het riet was kort gebleven en door een gebrek aan water in het voorjaar, waren veel van de rietstengels met een soort bocht gegroeid. Maar verder was de kwaliteit goed, verzekerden de mannen me. Deze rietsnijders bleken tevens een rietdekkersbedrijf te hebben, ze hielden het maaien van het riet graag in eigen hand. En dat deden ze dan ook me zorg, met handmaaiers …

Na enige tijd nam ik afscheid om mijn kuier naar de vogelkijkhut voort te zetten. Daar zat een vrouw van de rust te genieten. Omdat er rondom niet meer te zien was dan wat dartele eenden, die het voorjaar al in de kop leken te hebben, raakten we aan de praat. Het viel me op dat zij ook de Sony RX10 IV had. Zij was de eerste persoon waarvan ik hoorde, dat ze er niet echt tevreden mee was …

Omdat het er met een temperatuur van amper 2°C niet echt aangenaam zat, wandelden we na enige tijd genoeglijk verder pratend terug naar het fietspad. Daar scheidden onze wegen, zij ging op de fiets huiswaarts, ik maakte in de auto nog een omweg via Earnewâld …

Zwarte sterns bij de Leijen

Maandag liet ik hier al een aantal foto’s zien van de zwarte sterns bij de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen. Dat was nog maar een tipje van de sluier, daarom vandaag nog een fotoserie van deze bijzondere vogel …

Er zijn nogal wat dagen geweest, waarop ik blij was om op dit plekje af en toe eens een zwarte stern te kunnen fotograferen. Maandag leek er geen eind te komen aan de vele vliegbewegingen vlak voor de kijkhut …

Zwarte sterns by de Blaustirns

Onder een vrijwel wolkenloze hemel heb ik donderdagochtend weer eens een kijkje genomen bij de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ (Google Maps) aan de westkant van de Leijen. Het waaide niet hard, maar de wind die er stond, kwam nog steeds uit noord tot noordoostelijke richting en blies kil de hut in. Half voor het tweede kijkluikje zittend, kon ik net genoeg luwte vinden, om een tijdje tamelijk gerieflijk in de hut te kunnen zitten …

Bij wijze van uitzondering was het nu eens gezellig druk rond de hut, die zijn naam ‘Blaustirns’ meer dan ooit waarmaakte. Het wemelde voor de hut namelijk van de zwarte sterns. En de zwarte stern is in het Fries een blaustirns.

De zwarte stern was ooit een talrijke broedvogel in de laagveengebieden, langs de grote rivieren en op vennetjes van de zandgronden. In de jaren ’50 waren er naar schatting ten minste 10.000-15.000 broedparen. De trend was daarna steeds dalend. Op dit moment staat de zwarte stern met 1300-1400 broedparen als bedreigd op de Nederlandse Rode Lijst

Er ligt nog een tweede serie op de plank.

Zicht op de ‘Blaustirns’

Het uitkijkplatform bij het strandje aan de Leyensloane viel me helemaal niet tegen. Met mijn rug naar de wind en kop in de zon was het er ook best even lekker zitten. Maar al te lang moest dat niet duren, daarom begon ik weer te fotograferen …


Aan de westkant van de landtong dobberden wat eenden en ganzen in het water. De Canadezen doen het hier blijkbaar goed, want ze bepaalden ook hier het beeld …

Om vogels te fotograferen lijkt dit me niet het beste plekje. Het rietkraagje is weliswaar mooi en sierlijk, de vogels die er waren hielden zich erachter schuil en waren moeilijk in beeld te krijgen. Op zonnige zomerdagen zullen vogels dit plekje waarschijnlijk mijden, want dan is het vaal druk en luidruchtig de omgeving van het strandje …


Aan de oostkant zal het op zomerse dagen niet veel beter zijn. Dan trekt er vaak een lange stoet bootjes vanuit het Opeinder Kanaal in de richting van het riviertje de Lits aan de noordkant van de Leijen (vv). Kortom: het uitkijkplatform is een fijn plekje om eens even lekker te zitten, maar niet optimaal voor de vogelfotografie …


Dan nog maar eens een blik in noordwestelijke richting. Daar is tussen de rietpluimen door de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ bij De Tike te zien. Ik moet er 10 km verder voor rijden om daar te komen, maar dat heb ik er graag voor over, want het is lopend meer dan de helft korter om van de auto bij de hut te komen …

Tot slot richt ik de blik nog even naar het zuiden. In de verte is boven het rietland de auto te zien. Nog maar even niet aan denken, want die staat wel erg ver weg. Nog een stukje verder weg torent aan de andere kant van het kanaal de schoorsteenpijp van de grasdrogerij Opeinde ….

Langs het hoge riet

Vorige week woensdag was het mooi weer om weer eens een wandeling bij de Leijen te maken. Bij gebrek aan winterweer was ik er al een tijdlang niet meer geweest. Sommige plekken hebben met grijs en donker weer weinig te bieden, de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ (Google Maps) bij de Tike is voor mij zo’n plek …


Ik was nog mooi op tijd om over het paadje langs het manshoge riet in de richting van de hut te kunnen lopen. De lokale rietsnijder die dit rietland pacht was intussen begonnen om zijn materieel aan te voeren, had ik onderweg gezien. In de loop van deze week zal het rietland hier waarschijnlijk weer een haal ander beeld bieden. Dan zal het mooie wuivende riet, dat zich onder invloed van zon en wind steeds weer anders toont, tot op enkele centimeters boven de grond zijn verdwenen …

Aangekomen in de vogelkijkhut is dit het beeld door één van de geopende kijkluikjes. In de verte is het steeds verder uit elkaar vallende boomeilandje te zien …


Door wat verder voorover te buigen en wat in- en uit te zoomen, is dit van links naar rechts het beeld over het meertje de Leijen. Op de omgevallen boom zat een eenzame aalscholver, verder was het rustig op het water. Toch kwamen er na enige tijd later diverse vogelsoorten voorbij …

– wordt vervolgd

Een meeuw op een paaltje

Gebruik makend van het feit dat ik dankzij de nieuwe medicatie een stuk steviger en stabieler liep, heb ik begin oktober weer eens een fotokuiertje naar de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen gemaakt. Daar had ik me alleen een tijdje niet meer aan gewaagd, omdat je er over een smal, vaak tamelijk glibberig paadje langs het water moet lopen. Nu durfde ik het aan om er weer eens op eigen gelegenheid naar toe te gaan …


Er zaten twee echte vogelaars met grote toeters op hun camera’s geschroefd in de kijkhut. Eén van hen vertelde dat ik net te laat kwam, omdat er een paar maal een ijsvogeltje op één van de palen had gezeten. Ik kreeg niet meer te zien dan een meeuw, die het plekje op de paal had overgenomen. Maar daar was ik ook al blij mee, temeer daar ik blij was om te horen dat er recentelijk regelmatig een ijsvogeltje bij de hut te zien was. Dat biedt binnenkort hopelijk weer nieuwe kansen …