Op een bankje aan ’t Wad

Nadat we in ganzenpas over de dijk naar het Wad waren gelopen, streken we eerst even neer op een bankje …

Even wat drinken en intussen de blik rustig over de stille weidsheid van het Wad laten glijden …

Op de foto hierboven was hij al te zien, hij was ook Jetske niet ontgaan …

Even later draaide hij zich zelfs even netjes om voor de foto …

– wordt vervolgd –

(V)luchtige mijmeringen

Weet je wat op zo’n mooie dag aan zee ook zo’n fijne bezigheid is …?
Lekker achterover liggen en de voorbij zwevende meeuwen aan het blauwe zwerk nakijken …

Daar lag het in elk geval een stuk lekkerder dan op de behandeltafel in de Pijnpoli van ziekenhuis Nij Smellinghe gisteren. En het nakijken van die meeuwen was ook een stuk fijner dan het naar binnen voelen dringen van een lange injectienaald in mijn rechterflank …

In Fryslân zeggen we dan: it moat earst op syn slimst ear’t it better wurdt ... (het moet eerst op zijn ergst, voordat het beter wordt). Voorlopig houd ik me maar weer hoopvol vast aan de gedachte, dat men me daar misschien dan toch eindelijk van die gemene buikpijn af kan helpen …

Wie weet, misschien lukt het over enige tijd zelfs weer om gewoon een spijkerbroek met riem te dragen … Ik wacht het eerst maar weer af. Over een week hoop ik een eerste indicatie over het effect van deze behandeling te kunnen geven …

Langs de waterlijn

“Binnen zitten, kunnen we thuis ook wel …,” zei Jetske nadat ze haar bagage een plekje had gegeven in ‘ons huis voor een week’. En dus togen we gedrieën opnieuw naar het strand …

Een boei op het strand is geen baken op zee …

Jetske en Aafje op het strand …

Een eenzame meeuw boven een schuimende zee …

Er was helaas weinig bijzonders te vinden langs de waterlijn, deze dode krab was zo ongeveer het meest fotogenieke object dat ik er heb aangetroffen …

De fotograaf aan het werk …

Nadat we een tijdje langs de waterlijn hadden gebanjerd, eindigde deze strandwandeling op een plekje in de luwte op het terras van de plaatselijke strandtent. De koffie ging er goed in ….

Weerzien met het strand

Nadat we ons hadden geïnstalleerd in ons stulpje voor de komende week, zijn we in de loop van de middag op pad gegaan om datgene te doen waarvoor we eigenlijk waren gekomen: het strand weer eens zien en de zee weer eens horen …

Om dat te bereiken moest ik meteen flink aan de bak, want om zee en strand weer te kunnen zien, moesten we bij één van de strandopgangen eerst een knap stukje klimmen om de duinenrij te overwinnen. Eenmaal boven lagen zee en strand in hun volle omvang aan onze voeten …

Met amper 15 graden op de thermometer was het bepaald geen strandweer, maar dat vond ik helemaal niet zo erg. Dankzij de regen van dag ervoor en het uitblijven van de zon nadien, lag het strand er lekker hard bij en dat maakte het lopen een stuk makkelijker dan het rulle zand dat we later in de week zouden treffen …

Onder een stemmig grijs wolkendek wierp Oerol in de verte zijn schaduw vooruit met de bouw van een indrukwekkende stellage op het strand …

Aan de vloedlijn stapten heel toepasselijk een paar scholeksters heen en weer. Waarom dat toepasselijk is …? Wel, de scholekster heet in het Fries ‘strânljip’. Als we dat letterlijk vertalen, dan is dat een ‘strandkievit’, want strand is in het Fries ‘strân’ en de kievit heet in het Fries ‘ljip’ …  😉

Daarachter wierp de kolkende watermassa voortdurend grote plakken schuim op het strand …

Voordat we het strand weer achter ons lieten, was een eenzame meeuw bereid om nog even voor me te poseren …

IFKS – Klasse a-klein

Wat later dan gepland konden de skûtsjes in de Klasse a-klein – dit zijn skûtsjes met een maximale lengte van 17 meter – aan het begin van de donderdagmiddag uiteindelijk toch van start, omdat er geleidelijk een verkoelend briesjes over het Tjeukemeer begon te waaien. Dat was niet alleen gunstig voor de skûtsjes, maar ook voor ons als toeschouwers, want hoewel we bijna met onze voeten in het water zaten, werd zo langzamerhand knap warm op de wal bij het gemaal …





Hoewel het veld vrij ver bij ons vandaan lag, konden we vanaf ons plekje bij het gemaal m.b.v. verrekijker en zoomlens toch mooi zien hoe de boeien werden gerond door de skûtsjevloot …





Het skûtsje ‘De Eemlander’ uit Eemnes kwam uiteindelijk als eerste over de finish, maar ook voor de supporters van het ‘Abbegeaster skûtsje’, die in groene t-shirts naast ons op de eerste rij zaten, werd het een prima dag. Na een matige start wisten ze uiteindelijk op te klimmen naar een keurige tweede plek …





Het ‘Abbegeaster skûtsje’ en het skûtsje ‘Twa Famkes’ uit Drachten met de drie Drachtster turfjes in het zeil brachten na afloop van de wedstrijd nog even een groet aan het publiek door even vlak voor het gemaal langs te varen …





Terwijl de matadoren in de A-klasse aan het inzeilen waren, begon de organisatie de boeien te verslepen, omdat de wind draaide en verder toenam. En die boeien werden zo ver weg gesleept, dat ik me zorgen begon te maken of we wel iets van de wedstrijd in de A-klasse zouden kunnen zien …





– wordt vervolgd –

Skûtsjesilen – inleidende perikelen

Al zo lang ik me kan herinneren worden er in de noordelijke bouwvak in Fryslân zeilwedstrijden gehouden met oude vrachtschepen, de skûtsjes (spreek uit als ‘skoetsjes’). In de eerste twee weken trekt er onder auspiciën van de SKS (Sintrale Kommisje Skûtsjesilen) een vloot van 14 skûtsjes door de provincie, die iedere dag (behalve op zondag) de strijd met elkaar aanbinden. De schepen vertegenwoordigen ieder een dorp of stad uit de provincie Fryslân. Deze schepen moeten ooit echt als vrachtschip hebben gediend en de schipper moet afkomstig zijn uit een oude schippersfamilie.

Sinds 1981 is er een tweede organisatie die zeilwedstrijden met skûtsjes organiseert, de IFKS. De IFKS (Iepen Fryske Kampioenskip Skûtjesilen) organiseert een open Fries kampioenschap. De IFKS-vloot bestaat uit 53 schepen uit het hele land, die in de laatste week van de noordelijke bouwvak dagelijks in 4 klassen de strijd met elkaar aangaan. Als weer en wind meewerken, dan kun je bij de IFKS van 10:00 uur ’s ochtends tot ca. 16:00 uur ’s middags genieten van de skûtsjes.

Toen ik me tijdens onze laatste gezamenlijke fotokuier in Jetskes’ bijzijn liet ontvallen, dat ik ijs en weder dienende op 6 augustus weer eens naar het skûtsjesilen op het Tjeukemeer wilde, vroeg Jetske me of ze dan wel mee mocht, want dat wilde ze toch ook wel eens meemaken. En dus pikte ik Jetske donderdag even na tienen op om samen naar het skûtsjesilen bij Echten te gaan. Onderweg daar naar toe, zei ik tegen Jetske dat ik er een hard hoofd in had of er wel gezeild zou kunnen worden, want er stond geen zuchtje wind. Bij het Tjeukemeer aangekomen, werd mijn vrees bevestigd: de schepen in de B- en C-klasse lagen met gestreken zeilen doelloos te dobberen op het meer, hun wedstrijden waren intussen wegens een gebrek aan wind afgelast …





Zwaar bepakt met camera’s, koelbox en stoeltje togen we vanaf de parkeerplaats naar de oever van het Tjeukemeer bij Echten. Omdat we mooi op tijd waren, hadden we al snel een mooi plekje gevonden …





Wat zeg ik … een mooi plekje? Wis en waarachtig, we zaten op de eerste rang bij het Veenpolder gemaal …





Het was alleen jammer dat er (nog) niet gezeild kon worden. Jetske tastte met haar verrekijker regelmatig de horizon af, maar op het meer viel voorlopig weinig te beleven …





Maar desondanks hoefden we ons niet te vervelen, want verschillende vogels die zich vlak voor ons op en rond de golfbrekers ophielden, zorgden in eerste instantie voor voldoende afleiding …





Visdiefjes vlogen af en aan en deden regelmatig vruchteloze pogingen om een visje te vangen. Dat deed ook een aalscholver, die na elke duik weer hard moest werken om zijn veren droog en in de plooi te krijgen …





Ook een paar mantelmeeuwen waren niet te beroerd om zo af en toe even voor ons te poseren op de stenen …





Ook Tsjûke en March (over hen zal ik binnenkort nog wel eens wat meer vertellen) tuurden vruchteloos over het water. Hoewel … zag ik dat nu goed …? Jawel, in de verte waren een paar skûtsjes met gehesen zeilen te zien …





Terwijl Jetske zich bezig hield met een distelvlinder, die op de bloem van het leverkruid was neergestreken, ontstond er wat reuring op de intussen goed gevulde publieke tribune …





Jawel, het was zo ver. Heel voorzichtig kwam er een briesje over het meer, de skûtsjes in klasse A-klein waren aan het inzeilen en zochten een plekje achter de startlijn …




 

Even ’n sterretje wegwerken

Voordat we donderdagavond naar Paesens-Moddergat gingen om daar van de zonsondergang te genieten, hebben we ’s middags een tijdlang rondgekeken bij de haven van Lauwersoog (kaartje Google Maps)





Bij de monding van de haven waren een paar meeuwen op zoek naar wat hartige versnaperingen, één van de meeuwen wist na enige tijd een klein zeesterretje te verschalken …





Het smaakte blijkbaar goed, want meteen nadat hij het hapje had weggewerkt, scharrelde hij verder om te kijken of er nog meer lekkers te vinden was …