De Wieden in

Nadat we half juni voor het eerst samen een dagje op fiets en iLark op pad waren geweest, maakten fotomaatje Jetske en ik op de laatste dag van de record warme maand juni voor het eerst sinds 2016 weer eens een vaartocht door de Wieden. Rond 10:45 uur gooiden we de trossen los …

Ik kreeg een plekje in het midden van de boot toegewezen, waarna Jetske de motor startte. Jetske, die in haar tienerjaren als het zo uitkwam al als stuurvrouw aan het roer van een rondvaartboot stond, kent de wateren in de Weerribben en de Wieden op haar duimpje. Het voordeel daarvan is, dat ze me met dit vaartochtje weer langs mooie, hier en daar onverwachte plekjes wist te voeren …

In rustig tempo tuften we de Wieden in. Nadat we een tegemoetkomende kano waren gepasseerd, doken we een stuk bos in. Daar zat o.a een jonge spreeuw in een boomtop. Eenmaal aan de andere kant van de bosschages voeren we na enige tijd onder een bruggetje door het lintdorp Dwarsgracht binnen …

Nieuwe paden

Met dit hek, dat bijna op het hoogste punt van it Reaklif langs het IJsselmeer staat, sluit ik op symbolische wijze een hoofdstuk af. Sinds september 2006 zijn fotomaatje Jetske en ik steeds samen op pad geweest met de auto en de benenwagen. Aan die situatie is met de komst van de iLark een eind gekomen …

Afgelopen vrijdag hebben Jetske en ik na bijna 17 jaar voor het eerst samen een fietstocht gemaakt, Jetske op de fiets en ik op de iLark. Het werd een mooi ritje van ongeveer 23 km over asfalt- en schelpenpaadjes langs zandpaden door het bos- en heiderijke gebied ten zuiden van Drachten. Jetske zei na afloop verrast te zijn, dat ik al die jaren zoveel moois voor haar verborgen had gehouden … 😉

On the road met de iLark

Vorige week had ik de accu van de iLark al eens leeg gereden met wat kortere ritjes in de buurt. Maandagochtend heb ik voor het eerst een geplande langere rit gemaakt om de accu nog eens helemaal leeg te trekken. Het doel was de uitkijktoren ‘Skarrekiker’ in natuurgebied Hemrikkerscharren tussen Beetsterzwaag en Hemrik (Google Maps)


Vanwege de aanhoudende koude noordenwind heb ik bewust gekozen voor deze plek waar ik nog nooit eerder was geweest. De route voerde vooral door de beboste omgeving rond Beetsterzwaag waar de wind geen spelbreker was. Ik passeerde o.a. het Koningsdiep of Alddjip, ik kwam langs een weerstation midden in het bos en ik reed over diverse bruggetjes. Na het bezoek aan de uitkijktoren heb ik op de terugweg o.a. een tussenstop gemaakt bij de luid kwakende kikkers in het Witte Meer (Google Maps)

Het was een mooi ritje, dat vooral over asfalt- en schelpenpaden voerde. Met de camera aan de draagband rond mijn nek heb ik onderweg een aantal korte video-opnamen gemaakt, zodat jullie een idee krijgen van de lommerrijke route …

Oud hout in het bos

Nadat we de Burmaniazuil en de Poppestien hadden bekeken, liepen we door het bos terug in de richting van het landhuis. Ook hier troffen we monumentale, deels holle bomen aan …


Rond één van de bomen lagen grote stukken van afgebroken takken. Een van die stukken oud hout heb ik eens van dichterbij bekeken. Ik houd wel van dit soort natuurlijke stillevens …

We liepen terug in de richting van ‘de Slotplaats’. Daar wil ik jullie tot slot van deze serie nog een bijzonder tuinornament uit de 18e eeuw laten zien …

Bij ‘de Poppestien’

We konden de verlokking van het bos niet weerstaan en verlieten de tuin door het openstaande hekje. Bijna het hele landgoed is vormgegeven en aangelegd door Johann Hermann Knoop, die kennelijk ook landschapsarchitect was. Ook het padenpatroon in het Sterrenbos direct achter het Sterrenbos is door hem ontworpen ….


Op een kruispunt van paden in het bos midden op de zichtlijn staat de zogenaamde Burmaniazuil. Zo’n zuil was in de mode halverwege de achttiende eeuw. De ronde natuurstenen zuil staat op een voetstuk met leeuwenkop. Bovenop de zuil staat een loden haan. De zuil speelde een rol in de Bakkeveenster folklore als zijnde de plaats waar de kinderen vandaan zouden komen. De zuil staat daarom plaatselijk bekend als ‘de Poppestien’. ‘Poppe’ is Fries voor baby. De legende heet het dat wanneer de loden haan kraait, de onderste steen kantelt en de vader zijn pasgeboren baby onder de steen vandaan kan halen … 

De originele loden haan is in de loop der tijd spoorloos verdwenen. In het kader van het grootscheepse herstelproject dat Natuurmonumenten in 2019-2020 uitvoerde in het bos op het landgoed, werd de loden haan begin 2021 teruggeplaatst op de Burmaniazuil. Daarmee is er weer een stukje cultuurhistorie van de Slotplaats in ere hersteld. Misschien komen hiermee de legendes ook weer tot leven. Want de oude zuil met de vroegere haan is nog steeds met raadsels omhuld. Waarom werd de zuil opgericht en waarvoor stond de haan symbool? Waar is de authentieke loden haan gebleven? Maar de belangrijkste: wat is er waar van de oude legende van de poppestien …?


Een stukje voorbij de Poppestien probeerde een bruggetje ons te verleiden om nog verder het bos in het gaan. Zo ver heb ik het niet laten komen. Het werd tijd terug te gaan, daarbij viel er onderweg ook nog wel het een en ander te bekijken, had ik op de heenweg al gezien …

Nog even spiegelen

Nadat we de Sterrenschans hadden bekeken, was het de hoogste tijd om een eind aan onze fotokuier te maken. Het waren steeds betrekkelijk korte stukjes geweest, maar vele kleintjes maken ook hier één grote. En dat was nu vooral goed te voelen in mijn bovenbenen. Ik was dan ook blij om al snel even te kunnen zitten op het bankje waar we op de heenweg aan voorbij waren gelopen …


Terwijl Jetske haar camera nog regelmatig liet klikken langs de bosrand, droomde ik even weg bij de weerspiegelingen op het grote ven. Terwijl ik bezig was met de boomstammen, dook er plotseling een vogel op uit het water. Zo te zien was het een dodaars, die even snel weer verdween als hij eerder verscheen. Een boomstronk in het water zette me nog even op het verkeerde been. En toch kreeg ik de dodaars nog even weer te zien …

Gelukkig had ik mijn fotomaatje de laatste etappe aan mijn zijde. Stevig gearmd was het nog een flinke klus om weer bij de auto te komen. Nadat ik mezelf in de auto had gehesen en Jetske haar uitrusting had opgeborgen, toerden we richting Drachten. Onderweg waren we het erover eens dat het ondanks het saaie grijze toch weer een mooie dag was geworden …

Langs de Beakendyk

Terwijl we van It Heechsân naar Bakkeveen reden, herinnerde ik Jetske aan de fotokuier die we eind december – ook al op een grijze dag – hadden gemaakt bij de slotboerderij van landgoed de Slotplaats bij Bakkeveen. Jetske heeft daar begin januari al een paar logjes over gepubliceerd, mijn verslag daarover wacht nog steeds op het juiste moment. En dat zou nu best eens dichterbij kunnen komen …


Hoe dan ook, ik besloot Jetske nu een ander deel van het landgoed te laten zien. Vanaf de Duerswâldmerwei liepen we over het fietspad langs de oude Beakendyk (Google Maps) in noordwestelijke richting langs een ven. Op de oever van het ven was een nieuw bankje geplaatst. Zei ik ‘bankje’ …? Nee, dit is een forse en hoge bank waar ik met mijn 1.95 m zelfs met mijn onderbenen vrij kon bungelen. Niet dat ik dat op dat moment heb gedaan, want we moesten eerst nog even een stukje doorlopen …

Een klein stukje verderop ligt links van de Beakendyk een oude schans in het landschap, de zogenaamde Romeinse Sterrenschans. Dit was een van de dingen die ik mijn fotomaatje wilde laten zien. Ze stortte zich meteen op het fotograferen van het nieuwe informatiepaneel bij de schans …


Daarna liepen we door naar een kijkplatform naast het fietspad, dat het publiek een betere blik op de schans moet geven. Daarvoor vind ik het platform overigens rijkelijk laag. Om het patroon van de schans goed te kunnen zien, kun je het best even op Google Maps kijken …

Op de geschiedenis van die oude schans kom ik in een vervolg nog terug. Nadat Jetske wat had rondgekeken en ik mijn onderdanen zittend op een bankje op het platform weer even rust had gegeven, stelde ik voor om nog een stukje verder te lopen. Daar wilde ik Jetske een aantal eeuwenoude beuken laten zien, dus we moesten weer doorrrr …