Langs de oude palenrij

Zodra de benen weer wat op kracht waren, daalden we de dijk af aan de kant van het Wad. Daar liep ik in westelijke richting achter Jetske aan …

Terwijl Jetske haar camera’s uitpakte, liep ik meteen een stuk over het dammetje achter de oude palenrij in noordelijke richting …

Jetske was er met haar laarzen net wat beter op gekleed dan ik, zij waagde zich op het nattere en gladdere slib aan de andere kant van de palenrij. Ik wist mijn wandelschoenen lang droog en schoon te houden, maar na enige tijd kon ik het ook niet laten om er wat dichterbij te komen …

Deze oude palenrij heb ik al vaak gefotografeerd, maar het verveelt me nog steeds niet. Onder invloed van weer en wind ziet het er elke keer weer anders uit …

– wordt vervolgd

De dijk op

Van het uitkijkpunt Ezumakeeg Noord zijn we naar het 10 km noordelijker gelegen Peazens-Moddergat gereden. Nadat Jetske de auto aan de voet van de Waddenzeedijk had geparkeerd, begonnen we aan de beklimming daarvan …

Die vermaledijde dijk lijkt elk jaar hoger en steiler te worden. Maar eenmaal op de kruin van de dijk word ik elke keer weer overweldigd door de aanblik van de stille weidsheid van het Wad …

Voordat ik aan de zeezijde afdaalde, maakte ik nog een paar foto’s in de richting van het buitendijkse gebied de Peazemerlânnen. In de verte waren een paar gedaanten te zien en aan de horizon rijzen de Cleveringsluizen op …

Tot slot nog een foto van de schaduwen van mij en een hekwerk op de dijk. Verderop staat de oude palenrij, die later nog uitgebreid in beeld komt …

– wordt vervolgd

Een actieve roodborsttapuit

Nadat we de vogelaar een mooie vervolg van de dag hadden gewenst, verlieten mijn fotomaatje en ik het uitkijkpunt Ezumakeeg noord …

We maakten nog een kort ritje in zuidelijke richting tot het eind van de doodlopende weg. Ook hier zaten maar weinig vogels. Een van de weinige uitzonderingen was deze grote zilverreiger in het rietland …

Toen we na het keerpunt terug reden, zat er een roodborsttapuit in een struik. Het was een actief beestje dat meerdere keren zijn twijgje verliet om korte tijd later weer exact op hetzelfde plekje terug te keren. Een vermaak om naar te kijken. Eén van zijn rondvluchten heb ik deels vast kunnen leggen …

Een stukje verderop was goed te zien hoe nat het was. En dat is geen wonder na de natte novembermaand. Hoe het over de provincie verdeeld was, weet ik niet, maar in onze tuin is met 156 mm ongeveer de dubbele hoeveelheid neerslag gevallen van wat normaal is in november …

Al dat water werd door de stormen Bert en Conall opgestuwd naar het noordoosten van de provincie, waar we hier waren. Aan een klein draaikolkje bij een duiker was mooi te zien dat er werd gewerkt aan de waterafvoer …

– wordt vervolgd

Wachtend op vogels

We beklommen het verhoogde uitkijkpunt. Daar werden we welkom geheten door een echte vogelaar met een vogeltelescoop statief en een camera. Hij had daar die ochtend al ruim 3 uur zitten kijken en genieten. Hij had onder andere een paar keer een zeearend en een havik gezien …

Op het water was het op dat moment uitermate rustig. Er dobberden alleen een paar eenden en in de verte zag ik een paar grondelende zwanen …

Hoewel het in de lucht ook niet echt druk was, kon ik toch een groepje ganzen en een vlucht watersnippen vastleggen. De andere man wees ons nog op twee buizerds, die in de verte in een boom zaten ..

Veel meer leven viel er op dat moment niet te bespeuren, daarom heb ik mijn camera nog maar even op een paar rietpluimen in tegenlicht gericht …

Nog een laatste foto van het uitkijkpunt Ezumakeeg Noord, daarna maakten we nog een kort ritje door het Lauwersmeergebied …

– wordt vervolgd

Even er tussenuit

Vandaag ga ik weer eens samen met fotomaatje Jetske op pad. Van voorbereiding mijnerzijds is het in de aanloop daar naartoe door omstandigheden niet gekomen. Maar gelukkig zijn we het improviseren nog niet verleerd …

Een vlucht naar de maan zal het zeker niet worden. Ik heb nog nooit in zo’n groot straalvliegtuig gezeten en het trekt me ook niet. Om over een raket nog maar te zwijgen. Aan een ritje door moai Fryslân, liefst met wat zon, heb ik al meer dan genoeg. We gaan zien wat het wordt, u hoort nog van mij …

– Maak er een mooie vrijdag van!

Bij een vennetje

Vanaf de boomstronk langs het pad had ik mooi zicht op het vennetje, dat een stukje verderop spiegelend in een kleurig landschap lag …

Nadat ik vanaf die boomstronk wat foto’s had gemaakt, had ik weer voldoende kracht in mijn bovenbenen om naar het vennetje te lopen. Het lag er roerloos spiegelend bij …

Terug bij mijn boomstronk lag Jetske aan de rand van het vennetje nog plat tussen de paddenstoelen …

Korte tijd later had Jetske zich weer bij me gevoegd, waarna we samen terug liepen naar de auto. Daar wachtte ons nog een kleine verrassing, er zat een prachtige bladpootrandwants op de derde deur. De mooiste herfstkleuren hebben we pas onderweg naar huis kunnen fotograferen tijdens een laatste snelle tussenstop …

Al met al konden we toch weer terugkijken op een geslaagd uitstapje.

Wat vogels en een vrijwilliger

De reeën waren een mooie onderbreking geweest tijdens ons ritje naar de Jan Durkspolder. Terwijl we in rustig tempo voort hobbelden over het heuvelachtige wegdek van de laatste 400 van de Geau, zag ik in de verte al een grote zilverreiger bij de vogelkijkhut staan. “Wedden dat hij straks weg is,” zei ik tegen Jetske, toen we uitstapten …

En zo was het ook. Terwijl wij de vogelkijkhut betraden, ging de zilverreiger er vandoor. Door een kijkopening aan de oostkant van de hut zag ik aan het kleine stipje in de verte, dat hij nu plekje langs de weg had opgezocht. Gelukkig stond er aan de weestkant van de hut ook een grote zilverreiger. En meer nog, er stond ook een blauwe reiger aan de waterkant …

De vogels zaten ver weg, maar we deden het ermee. Intussen was er een man binnen gekomen die ik herkende als een vrijwillig medewerker van It Fryske Gea. Hij was op ronde om te checken of zijn wildcamera’s er nog staan. Toen ik een praat je had aangeknoopt, bleek het een smakelijke verteller te zijn, die een aantal interessante zaken wist te vertellen over de otters in het gebied. Aan het eind van ons gesprek vroeg hij of we de blauwe kiekendief, die sinds kort terug is nog hadden gezien. Hij had hem vanuit zijn positie verderop in het veld in de buurt van de hut rond zien vliegen …

Wij hadden hem helaas niet gezien, maar ik heb nu in ieder geval weer iets om de komende tijd af en toe eens naar uit te kijken. De laatste vogels die we die dag zegen, waren een paar aalscholvers die aan ons voorbij zwommen. Kennelijk waren we ze wat te enthousiast aan het portretteren, want het duurde maar even voordat ze op de wiek gingen …

In de warme auto kwamen we onderweg naar huis weer op temperatuur. Het was een kille en grijze dag geweest, maar we kwamen weer niet met lege handen thuis. Het komt regelmatig voor. dat ik na onze gezamenlijke fotoritjes een week of twee vooruit kan, met dit grijze tochtje ben ik na drie blogjes wel klaar …