Meer juffers dan vlinders

We hebben maar een kleine vijver in de tuin, maar zoals bekend zou ik hem voor geen goud willen missen. Behalve vissen, kikkers en watersalamanders worden ook diverse insecten aangetrokken door de waterpartij. Waar ik altijd van kan genieten zijn de waterjuffertjes, die zich ook in deze tijd van insectenschaarste nog regelmatig in onze tuin laten zien. Ik heb hier dit jaar tot nu toe meer waterjuffers dan vlinders gezien. Twee soorten voeren de boventoon: vuurjuffers en de pantserjuffers. De vuurjuffers op de onderstaande foto’s waren de eersten die ik dit jaar begin juni in de buurt van de vijver kon vastleggen …

Aan de ketting

Het heeft er alle schijn van, dat ik een soort van abonnement heb op chronische en pijnlijke kwalen. Om te beginnen was daar in 2004 de diagnose MS. Niks aan te doen, gewoon mee leren leven. Toen ik dat laatste aardig in de vingers had gekregen, kwam daar in 2017 de diagnose Acnes bij. Een jarenlange zoektocht langs pijnbestrijders volgde. Om het leven met acnes leefbaar te houden, slik ik nog steeds drie maal daags een cocktail van stevige pijnstillers …

De huisarts bevestigde gistermiddag wat wij al dachten. Ik heb er weer een nieuwe kwaal bij, ditmaal luidt de diagnose Ischias. En de pijn doet me helaas terugdenken aan de gruwelijke pijnen die ik in de eerste jaren met Acnesklachten heb moeten doorstaan. Naast wat ik al aan pijnstillers slik, kon de huisarts me ditmaal eigenlijk alleen maar opiaten in de zwaardere categorie bieden, zoals b.v. morfine en oxycodon. Daar heb ik echter vriendelijk voor bedankt. Nadat ik hem had herinnerd aan de huiveringwekkende ervaringen die ik daar in 2017 mee heb opgedaan, was hij het wel met me eens. Wel mag ik naast mijn reguliere medicatie nog vier maal daags twee paracetamols hebben. Het is *@#$%^&, maar het is niet anders …

Voorlopig lig ik aan de ketting en zal ik de ergste pijn weer moeten verbijten. De periode met de meeste heftige pijn kan 6 tot 12 weken duren, aldus de huisarts. In deze periode is het belangrijk om niet geforceerd te bewegen. Meer dan rusten en regelmatig licht bewegen (lees: oefeningen, fietsen op de hometrainer en kleine stukjes lopen met stok) kan ik niet doen. Fladderend als een vlinder op mijn iLark door het Friese land trekken, zit er voorlopig dus niet meer in. Over dat alles zou ik me kwaad of verdrietig kunnen maken, maar daar wordt de situatie niet anders van. Van ritjes en kuiertjes zal voorlopig niks komen, maar het bloggen gaat gewoon door, want ik heb een goed gevuld fotoarchief waar ik voorlopig nog wel even mee vooruit kan …

De ervaring heeft me geleerd dat ontspanning en afleiding nog de beste pijnbestrijding zijn. Zodra je aan pijn gaat denken, dan voel je die pijn ook. Daarom richt ik mijn aandacht voorlopig liever op mijn fotoarchief en jullie blogs. De pijn probeer ik zoveel mogelijk buiten te sluiten, daarom gaan we het daar na vandaag eerst ook niet meer over hebben.

Zo traag als een slak …

… maar een stuk minder soepel. Dat typeert mijn situatie sinds enkele dagen nog het best.

Een paar weken geleden kroop deze naaktslak door de tuin. Het schijnt een rode wegslak te zijn. Ik las dat hij wel 20 cm lang kan worden, dit exemplaar schat ik op zo’n 8 cm. Soepel schoof hij langzaam vooruit, hier eens een kleine verhoging overwinnend, daar een hinderlijk grasspriet opzij duwend …

Ik beweeg me sinds eind vorige week een stuk minder soepel. Erger nog, ik kan vrijwel geen stap zetten zonder dat er ernstige pijnscheuten door mijn linkerbeen, -heup en rug schieten. Ik kan enkel met mijn wandelstok de hoogst nodige stappen binnenshuis en op het terras maken. We zijn bang voor iets van acute ischias, maar een diagnose moet nog gesteld worden. De huisarts was gisteren afwezig i.v.m. familieomstandigheden en de vervangende huisarts zat met een gebroken heup thuis. Dat heb ik dan weer!

Nog een geluk dat ik onlangs was begonnen om de mooiste macrofoto’s van de afgelopen zomer te verzamelen. Daar vermaak ik me voorlopig nog wel mee, want de enige plek waar ik momenteel bijna pijnvrij kan zitten, is mijn bureaustoel. Het moet wel gek gaan, wil mijn weblog stilvallen …

Kleine vuurvlinder op de hei

Zoals ik gisteren al schreef, publiceer ik hier de komende tijd wat foto’s van vlinders, waterjuffers, sprinkhaantjes en andere klein grut. Om te beginnen een paar plaatjes van de kleine vuurvlinder, die ik vorige week maandag kon fotograferen langs het pad bij de Merskenheide (Google Maps)

Ik heb nog maar zelden zo weinig vlinders gezien en gefotografeerd als dit jaar. Daarom was ik extra blij met deze kleine vuurvlinder. En dat geldt niet minder voor de andere insecten die ik de afgelopen maanden met zorg heb verzameld. Laten we het er maar op houden dat het niet gaat om de kwantiteit, maar om de kwaliteit …

Terug naar de Merskenheide

Ik had me al enige tijd voorgenomen om eens een ritje naar de Merskenheide te maken op de iLark. Het wisselvallige weer gooide echter steeds roet in het eten. Maandagmiddag besloot ik het erop te wagen. Er koerste weliswaar nog een enkel klein buitje in onze richting, maar dat leek me geen probleem te zijn …

Hoewel de iLark er niet echt op is gebouwd, besloot ik toch stapvoets de heide op te rijden. Ik had me ten doel gesteld om voor het eerst sinds 2015 weer eens het bankje in de verre noordoosthoek van de heide te bereiken. En dat zou me lopend zeker niet lukken. Rustig voort hobbelend met af en toe een stop om wat foto’s te maken, kwam ik uiteindelijk bij het bankje aan. Daar kreeg ik nog net de kans om even te zitten en een paar sprinkhaantjes en een pantserjuffer te fotograferen, voordat dat ene buitje toch nog de Merskenheide bereikte …

Nadat ik nog een foto had gemaakt van het beeld van de heide vanaf het bankje, heb ik me eerst maar even teruggetrokken tot onder de bomen in de zuidoosthoek van de heide. Lang duurde de bui gelukkig niet, zodat ik al snel wat verder rond kon kijken. Aan de westkant van het gebied kleurt de heide mooi, vermoedelijk heeft daar tijdelijk een schaapskudde gegraasd. Hier aan de oostkant is van een paarse glans over de heide geen sprake. Pijpenstrootje en andere grassen floreren hier door een overtollige stikstofdepositie …

Dit was voorlopig even het laatste ‘verhalende’ logje. Vanaf morgen ga ik me eens een tijdje bezighouden met macro’s die ik de afgelopen maanden in de tuin of ergens in de natuur heb gemaakt.

Kieviten in de regen

Van de kijkhut bij de Leijen reden we naar de hut in de Jan Durkspolder. Daar was het zo mogelijk nog stiller dan op en rond de Leijen. En de wolken waren er nog wat donkerder …

Helemaal tegen de oostelijke oever van de plas stonden een paar grote groepen kieviten. De vogels verzamelen zich in deze tijd van het jaar om op te vetten en daarna samen de trek naar zonniger oorden aan te vangen. Een paar maal vlogen de kieviten massaal op. Vaak is dat een teken dat er een grote roofvogel in de buurt is, maar die hebben we niet kunnen ontwaren …

Zodra de vogels weer in het water stonden, keerde de rust in en om de plas terug. Er vloog nog een blauwe reiger voorbij, die een stukje verderop in het water landde. Als in een poging om een naderende bui te ontwijken, trok hij zich terug achter een klein bosje dat aan de westkant van de hut in het water staat. Die poging om droog te blijven is jammerlijk mislukt, vrees ik. Amper een minuut later begon het zachtjes te regenen, en die zachte regen ging al snel over in een hele stevige regenbui …

Zodra het even droog werd, besloten Jetske en ik onze biezen te pakken. Vlak voordat een volgende bui losbarstte, waren we weer bij de auto. Pas toen we ons huis naderden werd het weer droog. We lijken hier een soort abonnement op te hebben, want ons vorige bezoek aan de Jan Durkspolder eindigde op 1 augustus op dezelfde manier

Een visarend en twee roeken

De zon scheen nog flauwtjes, toen Jetske en ik op de laatste vrijdag van augustus in de auto stapten om even een ritje te maken. Omdat er regen in de lucht hing, besloten we er een vogelkijkhut-dagje van te maken. De eerste stop was bij de vogelkijkhut bij de Leijen …

Terwijl we onze blik over het meertje lieten glijden, viel ons in eerste instantie niets bijzonders op. De enige andere fotograaf die in de hut zat, wees ons echter op het rechterdeel van de laatste restanten van het eilandje. Daar zat een visarend in de boom …

Tijd om even in te zoomen, want de visarend ontbrak tot dat moment nog in mijn foto-archief. Voor onze komst zat er nog een tweede visarend in de boom, maar die was net weggevlogen, vertelde de andere fotograaf. ‘Opgestaan plaatsje vergaan’, zo leek het, want nu verschenen er twee roeken of kraaien in de boom …

Door hinderlijk heen en weer te vliegen en te wisselen van tak, leken de zwarte vogels met hun pesterige gedrag een reactie van de visarend uit te lokken …

De enige reactie die daarop kwam, was dat de visarend een paar maal zijn vleugels uitsloeg. Dat gaf even een mooi beeld van het formaat van de visarend. Wat een vleugels heeft die vogel, hij is duidelijk groter en slanker dan de gemiddelde buizerd …

Omdat deze status quo voorlopig in stand leek te blijven, en er verder weinig te beleven was op de Leijen, besloten wij eens elders te kijken.