Het boompje en de zilverreiger

Ik heb nog een paar foto’s gemaakt bij het eerste petgat bij de parkeerplaats, waarbij het me niet direct om de kleuren van lucht, water en riet ging …

Het was nog steeds droog en Jetske vermaakte zich daar ergens bij het eind van het petgat prima, vermoedde ik. Ik besloot me nog even uit te leven met het meerstammige boompje en de grote zilverreiger die daar ver achter stond …

’t Laatste ritje van 2024

Tenzij het morgen mooi weer is, heb ik vanmorgen waarschijnlijk het laatste ritje van het jaar gemaakt. Het werd een ritje naar de Jan Durkspolder waar het kil en winderig was. Vanuit de vogelkijkhut waren alleen op grote afstand wat groepjes ganzen en eenden te zien. Daar was ik dan ook al snel weer weg …

Toen ik terug reed in de richting van Oudega, stond er in het weiland waar ik regelmatig een sprong reeën heb gefotografeerd, een grote zilverreiger. Nadat ik het autoraampje had laten zakken, leek hij net een lekker hapje weg te slikken …

Daarna vond hij het ook meteen welletjes, hij dook even ineen om af te zetten en spreidde daarna zijn grote witte vleugels om naar elders te vertrekken. Ik besloot nog even langs de Leijen te rijden, ook daar viel echter weinig te beleven. Maar met die smetteloos witte zilverreiger op de laatste in 2024 gemaakte foto kan ik best leven …

Morgen sluit ik het jaar hier op kleurrijke wijze af.

Een actieve roodborsttapuit

Nadat we de vogelaar een mooie vervolg van de dag hadden gewenst, verlieten mijn fotomaatje en ik het uitkijkpunt Ezumakeeg noord …

We maakten nog een kort ritje in zuidelijke richting tot het eind van de doodlopende weg. Ook hier zaten maar weinig vogels. Een van de weinige uitzonderingen was deze grote zilverreiger in het rietland …

Toen we na het keerpunt terug reden, zat er een roodborsttapuit in een struik. Het was een actief beestje dat meerdere keren zijn twijgje verliet om korte tijd later weer exact op hetzelfde plekje terug te keren. Een vermaak om naar te kijken. Eén van zijn rondvluchten heb ik deels vast kunnen leggen …

Een stukje verderop was goed te zien hoe nat het was. En dat is geen wonder na de natte novembermaand. Hoe het over de provincie verdeeld was, weet ik niet, maar in onze tuin is met 156 mm ongeveer de dubbele hoeveelheid neerslag gevallen van wat normaal is in november …

Al dat water werd door de stormen Bert en Conall opgestuwd naar het noordoosten van de provincie, waar we hier waren. Aan een klein draaikolkje bij een duiker was mooi te zien dat er werd gewerkt aan de waterafvoer …

– wordt vervolgd

Wat vogels en een vrijwilliger

De reeën waren een mooie onderbreking geweest tijdens ons ritje naar de Jan Durkspolder. Terwijl we in rustig tempo voort hobbelden over het heuvelachtige wegdek van de laatste 400 van de Geau, zag ik in de verte al een grote zilverreiger bij de vogelkijkhut staan. “Wedden dat hij straks weg is,” zei ik tegen Jetske, toen we uitstapten …

En zo was het ook. Terwijl wij de vogelkijkhut betraden, ging de zilverreiger er vandoor. Door een kijkopening aan de oostkant van de hut zag ik aan het kleine stipje in de verte, dat hij nu plekje langs de weg had opgezocht. Gelukkig stond er aan de weestkant van de hut ook een grote zilverreiger. En meer nog, er stond ook een blauwe reiger aan de waterkant …

De vogels zaten ver weg, maar we deden het ermee. Intussen was er een man binnen gekomen die ik herkende als een vrijwillig medewerker van It Fryske Gea. Hij was op ronde om te checken of zijn wildcamera’s er nog staan. Toen ik een praat je had aangeknoopt, bleek het een smakelijke verteller te zijn, die een aantal interessante zaken wist te vertellen over de otters in het gebied. Aan het eind van ons gesprek vroeg hij of we de blauwe kiekendief, die sinds kort terug is nog hadden gezien. Hij had hem vanuit zijn positie verderop in het veld in de buurt van de hut rond zien vliegen …

Wij hadden hem helaas niet gezien, maar ik heb nu in ieder geval weer iets om de komende tijd af en toe eens naar uit te kijken. De laatste vogels die we die dag zegen, waren een paar aalscholvers die aan ons voorbij zwommen. Kennelijk waren we ze wat te enthousiast aan het portretteren, want het duurde maar even voordat ze op de wiek gingen …

In de warme auto kwamen we onderweg naar huis weer op temperatuur. Het was een kille en grijze dag geweest, maar we kwamen weer niet met lege handen thuis. Het komt regelmatig voor. dat ik na onze gezamenlijke fotoritjes een week of twee vooruit kan, met dit grijze tochtje ben ik na drie blogjes wel klaar …

Een rondje Smalle Ee

Gisteren stond ik voor het eerst sinds het vaartochtje in juli weer dusdanig stevig op mijn benen dat ik het weer heb aangedurfd om een ritje op de iLark te maken. Over de schelpenpaadje langs het riviertje de Drait en de dorpstuin De Wilgen zette ik koers naar Smalle Ee …

Onderweg passeerde ik een grote zilverreiger, die naast het schelpenpad in een slootje stond te vissen. Hij was zo geconcentreerd bezig, dat hij zich er niet druk om maakte dat ik was gestopt om wat foto’s te maken …

Niet veel verderop heb ik een tussenstop gemaakt bij het strandje van Smalle Ee. Ondanks het mooie en arme weer stonden de speeltoestellen er stil en verlaten bij. En dat was met het oog op de onweersbuien, die in de loop van de middag werden verwacht, misschien ook niet zo gek. Op dat moment waren de wolken van de eerste buien die zich boven het IJsselmeer ontwikkelden op de tweede foto van dit blogje al te zien …

Voor de terugweg besloot ik een andere route te kiezen. Over de Mûntseleane naar de Wilgen en van daar via de Heide en de Skeanewei terug naar de Drait, waar ik nog weer even aan de waterkant heb gezeten …

Dat zegt jullie natuurlijk allemaal niks, maar dat hoeft ook niet. Wat wel van belang is, is dat mijn onderdanen me vanmorgen meteen na het opstaan hebben verzocht om mijn plannen voor vandaag nog maar even uit te stellen. Een ritje van ruim 11 km met een paar fotostops was eerst wel weer even genoeg. Maar gelukkig heb ik prima alternatieven in de vorm van het skûtsjesilen bij Omrop Fryslân TV en de Tour de Femmes bij de NOS.

Grote zilverreiger stijgt op

Nadat ik het weekend vooral binnen had gezeten, heb ik gisteren maar weer eens een rondje buitenom gemaakt. Hier en daar liepen wat schapen en een paard in de weilanden, verder waren ze goeddeels leeg. Zelfs de meeste ganzen hadden de vlakte verlaten om ergens enige beschutting tegen de harde wind te vinden. Maar ik trof het toch nog even …

In de buurt van Earnewâld heb ik de auto even in de berm laten uitrollen, toen ik verderop een grote zilverreiger zag staan. Hij stelde mijn geduld wel op de proef, maar ik werd er netjes voor beloond. Ruim vijf minuten later zakte hij even door zijn poten om op te stijgen. Dat was nog een hele operatie met de harde wind, maar zodra hij boven de bomen was, zag ik hem wegzeilen …

Zilverreiger verschalkt ’n visje

Vorige week werd ik bij het verlaten van de kijkhut verrast door een goudhaantje, dat niet wilde meewerken aan een kleine fotosessie. Ditmaal trof ik er een grote zilverreiger aan …

Terwijl ik over het door wilgen en struiken omgeven paadje in de richting van de auto liep, zag ik links aan de overkant een grote zilverreiger door het water waden. Ik zette mijn trekkingstokken tegen een boomstam en had net een gaatje in de begroeiing gevonden om de reiger te kunnen fotograferen, toen hij toesloeg. Hij kwam weer boven met vaag zichtbaar een flinke spartelende vis in zijn snavel, die al snel in de diepte van zijn lange hals verdween …

Na de maaltijd draaide de grote witte vogel zich om, waarna hij zijn weg in noordelijke richting vervolgde. Ik besloot voldaan hetzelfde te doen, want die kant moest ik op om bij de auto te komen …