KAPKAR / A7-29 X FT

Drachten streeft ernaar om bij iedere toegangsweg een stadsmarkering te hebben, zodat de overgang tussen stad en platteland weer zichtbaar wordt, zoals dat vroeger het geval was toen steden stadspoorten hadden. Een eerder geplaatste ‘stadspoort’ wordt gevormd door het skûtsje Hendrika, dat sinds september 2019 op een rotonde aan de noordkant van Drachten ligt …


Drachten kent van oorsprong een rijke historie wat betreft de bouw van skûtsjes. Met deze stadsmarkering wil Drachten de verbinding met de scheepsbouw van weleer nieuw leven in blazen. In 2021 is er een nieuwe toegangspoort aan de zuidwestelijke rand van Drachten verschenen. En ook hier wordt weer de verbinding met de scheepsbouw gelegd. Voor het langsrazende verkeer is het vanaf de A7 goed te zien …


‘KAPKAR / A7-29 X FT’ ** is een ontwerp van Studio Frank Havermans. Het verwijst om te beginnen naar de portaalkraan van een scheepswerf, zoals die vroeger op de plaatselijke scheepswerven te zien waren. De locatie (Google Maps) vlakbij de snelweg is niet zomaar gekozen. Havermans markeert er ook een kruispunt van snelheden mee. Automobilisten, motorrijders en vrachtwagenchauffeurs reizen in de oost-west richting over de A7, fietsers en wandelaars kruisen de A7 in de noord-zuid richting. Staand boven de ingang van de fietstunnel onder de A7 krijgen passanten het gevoel ergens in of uit te gaan …


Nadat ik er onderdoor was gelopen, ben ik eerst naar het bankje een stukje verderop gelopen. Daar heb ik even lekker in de zon gezeten, jas dicht en kraag omhoog vanwege de straffe noordoostelijke wind. Daarna heb ik een rondje om de indrukwekkende sculptuur gemaakt. Daarbij heb ik een op het eerste gezicht verborgen geheim nog niet kunnen ontrafelen, dus ik zal nog eens terug moeten …

Na afloop van deze fotografische rondgang heb ik opnieuw even in de zon gezeten, ditmaal op het oostelijke muurtje aan het begin van de tunnelingang. Het muurtje voelde even wat koud aan, maar verder zat het er nog lekkerder dan op het bankje. Het begon zowaar even op voorjaar te lijken, bedacht ik me, toen ik weer in de richting van de tunnel liep …


** De code ‘KAPKAR / A7-29 X FT’ verwijst naar snelweg A7, afslag 29, op de kruising (X) bij de fietstunnel FT

Schaduwen op de muur

Wat een vreugde om na die lange grijze periode in februari deze week eindelijk weer een paar dagen volop zon te hebben. Dat kwam goed uit, want ik was door mijn voorraad actuele foto’s heen. Die heb ik gisteren en vandaag meteen weer in ruime mate kunnen aanvullen …


Woensdagmiddag heb ik eindelijk het al wat langer bestaande plan opgepakt om eens een kuier te maken naar een kunstwerk dat in maart 2021 bij de A7 is geplaatst. Het staat weliswaar ‘slechts’ 1,5 km van ons huis, maar dat is lopend nog altijd een stuk verder dan mijn benen aankunnen. Daarom heb ik het grootste deel eerst met de auto afgelegd, tot ik op een doodlopende weg niet verder kon …


Toen ik aan het eind van de Oude Slingeweg de fietstunnel in liep, vielen meteen de schaduwen van de nog kale bomen op de oostelijk tunnelmuur op. Daar heb ik – denkend aan ‘Shadow of the wall’ van Mike Oldfield – even wat tijd voor genomen …

Terwijl ik even later in de tunnel liep, werd ik ingehaald door een klein peloton luid bellende fietsers. Ze zullen zich waarschijnlijk even jong gevoeld hebben, omdat de bellen zo lekker echoden in de tunnel …


Terwijl ik het licht weer tegemoet liep, kwam mijn einddoel in zicht …

‘Frjemde fûgels’

We pakken de draad weer op bij het kunstig beschilderde transformatorhuisje bij de driesprong tussen Oudega, Nijega en Opeinde. Nadat we gisteren het gedicht aan de oostzijde hebben bekeken, richten we ons vandaag eerst op de noordelijke voorgevel van het gebouwtje …


Op de gevel zijn de silhouetten van een boom en een aantal vogels te zien tegen een achtergrond van regenboogkleuren. Op de deur staat het Friestalige gedicht ‘Frjemde fûgels’ van Andries de Jong. Nu zou ik voor de vertaling van het gedicht simpelweg kunnen verwijzen naar Google Translate Frysk, maar wetend dat daar bij de meesten niets terecht zal komen, heb ik zelf maar even een vrije vertaling van het gedicht gemaakt …

Op de westgevel van het trafohuisje staat Meneer Voltage. Een gedicht van Erik de Boer over dit heerschap is te lezen tegen de achtergrond van het silhouet van meneer Voltage, die op knetterende wijze het elektriciteitsnetwerk in bedrijf lijkt te houden …

Alsof dat alles nog niet genoeg is, verwijst een qr-code onderaan de muurschildering ook nog naar een bijbehorend muziekstuk van de kunstenaar getiteld ‘Mr Voltage’

Een tunnel vol schaatsers

Met alleen het beeld ‘de Schaatser’ was men in schaatsdorp Sint Jansklooster kennelijk niet tevreden. Daarom werd een fietstunnel, die vlakbij het beeld onder de Flevoweg (N762) door loopt, ook bij het project betrokken …


Albert Weijs – de maker van het beeld ‘de Schaatser’ – heeft samen met zijn dochter Mirthe de wanden van de tunnel beschilderd met schaatsers die tussen rietpluimen en tjaskers over bevroren sloten en meren door het landschap van de Weerribben rijden …

Ode aan een schaatser

We blijven nog even in winterse sferen. Toen het anderhalve week geleden nog wat winterde, hebben Jetske en ik samen een ritje door de Weerribben gemaakt. Nee, niet op de schaats maar veilig en behaaglijk in de auto. Hoewel het ijs na enkele nachten met lichte tot matige vorst nog niet overal betrouwbaar kon zijn, zagen we tot onze verbazing die dag ook op diepere vaarten en sloten veel mensen het ijs op gaan, ook met kleine kinderen. Afijn, daar ga ik het hier niet over hebben, want dat verhaal is door mijn fotomaatje in woord en beeld mooi beschreven in haar logje ‘De verloren schaatsen’


Voordat we aan de kant van het ijs getuige waren van dergelijke gekkigheid, bracht Jetske ons naar het beeld ‘De schaatser’ bij Sint Jansklooster (Google Maps). Dit is een beeld van de winnaar van de Elfstedentochten van 1985 en ’86: Evert van Benthem, die op een steenworp afstand van het beeld geboren is in Sint Jansklooster. Het kunstwerk is in opdracht van Dorpsbelang gemaakt door dorpsbewoner en hout- en metaalkunstenaar Albert Weijs en op 22 april 2022 onthuld door Evert van Benthem zelf …


“Een kunstwerk van Evert van Benthem maken is natuurlijk het beeld van een schaatser voor ogen hebben, maar het liefst wel met een extra dimensie,” zo vertelt de kunstenaar zelf op een infobord op de achterkant van de sokkel …

Zeg je Evert van Benthem, dan zeg je Elfstedentocht. Zeg je Elfstedentocht, dan denk je aan een van oudsher historisch schaatsspektakel, waar vele schaatsers van droomden en nog steeds van dromen om er ooit aan mee te kunnen doen. Waar veel schaatsers zijn, daar zijn nog meer schaatsen. Een historische tocht betekent oude schaatsen, Friese doorlopers, houtjes. Het beeld van Van Benthem is daarom gemaakt van oude Friese doorlopers


Hij staat er in de pose van de schaatser die in 1986 kracht zette om weg te rijden van zijn tegenstander Rein Jonker, om daarna ruimschoots als eerste over de eindstreep op de Bonkevaart te komen. Kijk je naar Evert van Benthem zijn rechterschaats, dan zie je dat er een stukje mist uit het schaatsijzer. Dit is een knipoog naar de Elfstedentocht van 1985. Na zijn overwinning bleek dat hij met een kapotte schaats had gereden. Nummer 13 staat dus niet altijd voor kommer en kwel …

De Redbadtsjerke in Jorwert

We beklimmen de terp en betreden dan het kerkhof rond de kerk van Jorwert. De kerk is sinds 1994 eigendom van de Stichting Alde Fryske Tsjerken. We beginnen ons rondje om de kerk in de zuidoosthoek en lopen aan de oostkant langs het koor naar de noordkant …


In de op verschillende plaatsen groen uitgeslagen noordelijke gevel treffen we een weinig belopen paadje aan dat naar een poortje met een deur leidt …

Als we doorlopen in westelijke richting komen we bij de toren aan. De toren stamt uit de elfde of twaalfde eeuw. In de inleiding van deze serie vertelde ik al, dat de toren op zaterdagochtend 25 augustus 1951, om zeven minuten over vijf, plotseling instortte. In de jaren daarop is de toren herbouwd met fraai siermetselwerk, zoals dat ook bij de originele toren het geval was. Om de herbouw te financieren en te vieren werd in en vanuit het dorp een openluchtspel gehouden. ‘Iepenloftspul Jorwert’ is inmiddels een begrip van naam en faam dat al 50 jaar bestaat …

De kerk is gebouwd van tufsteen, een steensoort die voor kenners direct onderscheidend is. De muren zijn verfraaid met banden van tufsteen …

De toren heeft twee klokken van 1394 en 1749. Ze worden elke dag om 12.00 uur handmatig geluid door de leden van het ‘klokkenluidergilde’, maar op donderdag doen leerlingen van de school dit werk. Bij sterfgevallen en geboortes in het dorp klinkt ook klokgelui. Voor een nieuwgeboren ‘famke’ klinkt de kleine, voor een jongen de grote klok. Het rijkelijk bemoste paadje dat ik al eerder in deze serie liet zien, leidt naar de ingang van de toren. …

Tot slot komen we aan bij de zuidmuur. Ook daar treffen we een poortje aan. Het ziet er aan de zuidmuur allemaal net wat vriendelijker uit dan aan de kille noordkant van de kerk ..

Daarmee hebben het rondje om de Redbadtsjerke voltooid. Morgen kijken we nog even rond op het kerkhof dat aanzienlijk groter is dan dat bij de toren van Eagum …

Een kuier door Jorwert

We zetten onze rit voort en kwamen na ons bezoek aan Boazum al snel aan in Jorwert, Jorwerd in het Nederlands (Google Maps). “Het eerste het beste parkeerplekje in het centrum van het dorp is voor ons,” besloot Jetske. En zo was het ook, scheef tegenover ‘het Wapen van Baarderadeel’ zette ze de auto aan de kant …


Jorwert ligt in het hart van het vroegst bewoonde terpengebied van Fryslân. Het is één van de kenmerkende terpdorpjes die vaak met hulp van monniken gebouwd werden langs de Middelzee, die Fryslân tot de 16e eeuw in tweeën spleet. Jorwert zelf lag op veilige afstand van de veranderlijke kuststrook en raakte in verval toen de Middelzee werd ingepolderd. Dat is tegenwoordig niet meer aan het dorp af te zien …

We passeren ‘het Wapen van Baarderadeel’ met daarvoor het beeld ‘de Foardrager’ van kunstenares Hanneke Roelofsen. Het beeld legt een verbinding met het al 50 jaar bestaande ‘Iepenloftspul Jorwert’. Ik kom hier later nog op terug.

De Foardrager vertelt van poëzie, van al die verhalen die wij in ons dragen. Onder zijn voeten, op de sokkel, staan regels uit gedichten, speciaal gemaakt voor die gelegenheid. Door Jorwerters van de jongste tot de oudste, gekrast in tabletten natte klei. Geglazuurd en gebakken bij Tichelaar. Als verbinding, over al die tegels lees je regels uit Slauerhof, uit Shakespeare, uit scripten van 50 jaar Iepenloft. Regels, speciaal in het Fries, voorgedragen in de Notaristún …’

We vervolgen onze weg en komen langs een fraai optrekje met in de tuin een grote oude boom die last van zijn voet lijkt te hebben …

En dan zijn we uitgekomen bij de op een terp gebouwde, uit de 12e eeuw daterende Sint-Radboudkerk of Redbadtsjerke


  • wordt vervolgd