Dinsdag ving ik deze torenvalk met prooi in de Jan Durkspolder in beeld. Later meer van dit moois. Vandaag trotseer ik samen met mijn fotomaatje weer en wind in een poging om weer wat nieuwe foto’s maken …

Fijne dag allemaal 💨👋
Dinsdag ving ik deze torenvalk met prooi in de Jan Durkspolder in beeld. Later meer van dit moois. Vandaag trotseer ik samen met mijn fotomaatje weer en wind in een poging om weer wat nieuwe foto’s maken …

Fijne dag allemaal 💨👋
Nadat ik me voorzichtig langs de nieuwe bekleding op een hellend vlak had gewerkt, vervolgde ik mijn weg in de Ecokathedraal. Al snel was ik aangekomen op mijn rustplekje op ‘de tempelberg’ …

Op één van de vertrouwde muurtjes zittend keek ik eens om me heen. Ik zat niet ver van een muurtje waar spinrag en kleine ronde gaatjes verrieden dat er allerlei beestjes tussen de duizenden spleten en kieren in de Ecokathedraal huizen. Toen ik even wat aan één van de stenen morrelde zag ik nog net een pissebed wegglippen …





Nadat ik verderop nog even had rondgeneusd bij de gevallen zuilen en de kardinaalsmutsen, ben ik via de koepel teruggegaan naar voren. Daar heb ik nog even lekker in de zithoek gezeten, voordat ik via ommelandse wegen terug naar huis ben gereden. Ik had nog wel verder naar achteren kunnen dwalen, maar het leek me verstandiger nog wat kracht over te houden voor de volgende dag. ook dan leek het namelijk nog goed weer te blijven …

Via Akkrum en De Veenhoop vervolgden we onze weg terug richting Drachten. Terwijl we bij de Veenhoop op de Kraanlânswei reden, vroeg Jetske of ik mijn camera bij de hand had. Ze had een buizerd gespot, die prinsheerlijk op één van de van wilgentenen gemaakt kraanvogels** stond …

Natuurlijk had ik mijn camera bij de hand! Rustig zette Jetske de auto op enige afstand stil. Omdat de vogel aan de rechterkant van de weg zat, kon ik er een paar foto’s van maken door het geopende raam aan de passagierskant …



Jetske had minder geluk. Nadat ik mijn eerste foto’s had gemaakt, opende zij voorzichtig het portier aan haar kant. Hoe voorzichtig ze ook deed, zodra mijn fotomaatje naar buiten probeerde te stappen, ging de grote vogel er vandoor. Voor mij was dat weer een gelukje, want de vogel vloog mooi op afstand langs de auto, zodat ik er ook nog een paar foto’s in volle vlucht van kon maken …



De buizerd vloog om een grote wilg heen en verdween daarna uit beeld. Voor mij was het een prachtige afsluiting van een toch al mooie dag …

** De kraanvogels aan de Kraenlânswei bij De Veenhoop zijn hier in 2018 geplaatst in het kader van LF2018, Leeuwarden Culturele Hoofdstad van Europa. Onder de noemer ‘WOODlandart’ zijn er indertijd meer kunstwerken in het landschap verschenen.
Met uitzonderling van enkele marginale uitstapjes kom ik al sinds eind juni niet meer aan mijn fotokuiertjes toe. Ik had me erop verheugd om er vandaag weer eens uit te kunnen vliegen met mijn fotomaatje. Maar met het oog op de warmte durf ik het ook vandaag weer niet aan …

Zo lang ik binnen bij de airco blijf, gaat het prima. Zodra ik naar buiten ga, wordt het al snel een stuk minder. Op het warmst van de dag lukt het me net om een keer heen en weer te lopen in de tuin, daarna vinden mijn onderdanen het welletjes. En dat vind ik te weinig om er vertrouwd op uit te kunnen gaan. Ik zal nog even moeten wachten op enige afkoeling. Maar een daling tot ca. 15°C als maximumtemperatuur, die voor eind volgende week wordt voorspeld, is ook meteen weer wat teveel van het goeie. Afijn, dat fotokuiertje zal nog even moeten wachten …


Midden in het meertje de Leijen staat een eenzame boom. Het is het laatste restant van ‘de Kninepôle’, ook wel het Tike-eilân genoemd. Het eilandje ligt op ongeveer 230 m afstand van de vogelkijkhut de Blaustirns aan de westkant van de Leijen. Jarenlang was het een beeldbepalend landschapselement …

In de jaren 70 was het een eiland van zo’n 40 bij 60 meter. Maar door de wind en stroming waaide en dreef er meer en meer zand weg. Daardoor is er bijna niets meer van de Kninepôle over. Een aantal bewoners van De Tike heeft onlangs het plan opgevat om het eilandje te herstellen. De omwonenden krijgen er 18.000 euro voor uit het Iepen Mienskipsfûns …



Om ervoor te zorgen dat het eiland na het herstel niet meteen weer ‘wegwaait’, is het plan om eerst stenen te storten. Die stenen moeten het nieuwe zand bij elkaar houden. Dat zand komt uit de Leijen zelf, van plekken in het meer die bijna droogvallen. Ook moet er ter bescherming van het eilandje meer begroeiing om het eiland heen komen. En dat is dan ook weer goed voor de biodiversiteit …

De uitbreiding van de Kninepôle is volgens de initiatiefnemers een mooi begin van het herstellen van de natuur en de biodiversiteit van de Leien. “Als wij, Wetterskip Fryslân en Staatsbosbeheer allemaal ons best doen, dan kunnen we hier echt een stuk andere natuur krijgen. Met schoner water, met meer waterdieren en andere vissen …”



Behalve waarde voor de natuur heeft het eilandje ook historische betekenis voor de dorpen eromheen, vooral voor De Tike. In de oorlog is het namelijk veelvuldig gebruikt als vluchthaven als de Duitsers een razzia hielden. De initiatiefnemers vinden het ook daarom belangrijk dat de plek blijft bestaan, helemaal omdat volgend jaar 80 jaar bevrijding wordt gevierd. “Dan willen we niet bij Doktersheide staan huilen dat het eiland weg is, maar staan te juichen dat we het hebben behouden …”



Bron: Omrop Fryslân
Terwijl ik enige tijd geleden op het terras zat, landde er een huismus op de heidemat-schutting. Daar bleef hij rustig om zich heen kijken alsof hij de hele tuin in zich opnam …

Even liet hij zich afleiden door een andere mus, die even snel een bad nam. Daar had ik vanuit mijn hoekje helaas geen zicht op …


In verband met de late vakanties hier in het noorden kwam de jeugd zaterdagmiddag nog even langs voor koffie en taart. Tijdens een rookpauze op het terras gingen alle ogen in de richting van de bloemen in de hoek, toen ik mijn camera daarop richtte …

Het duurde even, voordat de anderen ook zagen wat ik daar zag. Een houtpantserjuffer* was neergestreken op één van de bloemetjes van de ijzerhard. Lang bleef hij daar niet zitten …


Al snel verhuisde hij naar een stokje dat in de zinken tobbe was blijven staan, nadat het in voorjaar en vroege zomer de blauwe irissen had ondersteund. Prima, want dat leverde me uiteindelijk een mooie rustige achtergrond op …

* Op 17 augustus schreef ik hier al dat ik hem nog verwachtte. 😉