Zwaluwen bij de hut

Nauwelijks zichtbaar deinden de waterlelie en de gele plomp vlak voor de nieuwe kijkhut ‘Blaustirns’ op en neer. Terwijl ik zo wat over het wateroppervlak zat te turen, bekroop me ineens het gevoel dat ik bekeken werd …

Een blik zijwaarts door de opening van de hut leerde me al snel dat dat ook wel klopte. Op een van de palen van de schutting aan het eind van het vlonderpad zat een boerenzwaluw naar me te kijken. Met in zijn snavel wat nestmateriaal, zat hij wat schuchter en afwachtend om zich heen te kijken …

Ik besloot me weer om te draaien en stilletjes te blijven zitten. Het duurde niet lang voordat ik achter me even wat zacht vleugelgeruis hoorde. Nadat ik even later buiten de hut gezellig gekwetter hoorde, besloot ik nog eens in de hut rond te kijken. Jawel, in een van de hoeken werd nog hard gewerkt aan een nestje …

– wordt vast nog wel eens vervolgd –

Een nieuwe vogelkijkhut

Groot was mijn teleurstelling toen ik in augustus 2016 ontdekte, dat de kijkhut aan het meertje de Leijen bij de Tike (in de volksmond vaak het prieeltje genoemd) was afgesloten. “Kijkhut ‘De Tike’ afgesloten wegens zwamgroei. Niet betreden in verband met instortingsgevaar …,” stond er op de dichtgetimmerde hut.
Toen ik er een jaar later weer was om te kijken of er al verandering in de situatie was gekomen, zag ik dat het prieeltje helemaal was afgebroken, allen het metalen onderstel restte nog …

Enkele weken geleden las ik in de lokale krant dat er inmiddels een nieuwe kijkhut is gebouwd. En dus ben ik begin juni voor het eerst sinds lange tijd weer eens naar Doktersheide gereden. Zodra ik het laatste deel van het vlonderpad betrad, zag ik de nieuwe hut staan. Het zag er op afstand helemaal niet verkeerd uit …

Dichterbij gekomen zag het er zo waar nog beter uit. In tegenstelling tot de oude situatie was het laatste deel van het pad nu afgeschermd met schuttingdelen. De hut heeft de naam “Blaustirns” gekregen, Fries voor zwarte stern. Nu heb ik daar in het verleden nog nooit een zwarte stern gezien, maar misschien hebben die zich inmiddels in de buurt gevestigd. De hut zelf is netjes afgetimmerd met prima bankjes en plankjes bij de kijkluikjes om de camera op te laten rusten …

Rond de hut viel op dat moment weinig te zien. Er hing een grijze deken over de Leijen. Zelfs het bomeneilandje in de verte lag er verlaten bij. Alleen een eendje dat wat ronddobberde tussen de waterlelies aan de voet van de kijkhut zorgde aan die kant voor wat afleiding …

– wordt vervolgd –

De purperreiger gespot

Bijna aan het eind van een ritje door De Weerribben, hadden mijn fotomaatje Jetske en ik gistermiddag net geconcludeerd dat we in fotografisch opzicht wel eens beter dagen hadden gehad, toen ik in een flits iets bijzonders meende te zien in het moerasland rechts van de weg …

“Stond daar nou een purperreiger …?” vroeg ik half luid eigenlijk meer aan mezelf dan aan Jetske. Jetske hield als chauffeur haar blik op de weg gericht, maar ze trapte wel meteen op de rem en zette de auto in z’n achteruit. En jawel, daar stond hij in al zijn pracht, Ardea purpurea, de purperreiger

Het overige verkeer raasde aan ons voorbij en een enkele nieuwsgierige passant toch wel even wilde weten waar wij zo geconcentreerd, maar hinderlijk voor het overige verkeer naar stonden te kijken. Wij deden intussen ons best om deze bijzondere verschijning zo goed mogelijk te vereeuwigen. Voor mij was het de eerste keer dat ik een purperreiger in het wild zag. En dat moment wilde ik toch wel even goed mee pakken. Het feit dat hij aan de rand van het bereik van mijn camera stond, maakte het er niet makkelijker op, maar ik ben wel blij en tevreden met het resultaat …

Terwijl we daar stonden, ging de grote vogel tweemaal kort op de wiek. De laatste van die twee keer is te zien in de korte onderstaande video, die ik tussendoor ook nog van deze mooie waarneming kon maken …

’t Riedeltje van de Rietzanger

Sinds enige tijd zit er regelmatig een vogeltje luidkeels te zingen in een struikje vlak bij de plaats waar ik mijn auto parkeer wanneer ik naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder ga. Een week of twee geleden ben ik hem maar eens op gaan zoeken. Afgaand op zijn uiterlijk en zijn zang, denk ik dat het een rietzanger is, die vanuit dit struikje zijn territorium overziet en bewaakt …

Tijdens de fotokuier die ik vorige week woensdag in de Jan Durkspolder maakte met mijn fotomaatje Jetske, zat hij ook weer op zijn plekje. Jetske was ook erg enthousiast over deze kleine zanger, zo valt vandaag op haar weblog te lezen in het logje “Rietzanger zing het hoogste lied”

Hoewel de wind het met zijn vrijwel altijd storende windgeruis en ferm heen en weer zwaaiende takjes en twijgjes niet echt gemakkelijk maakte, heb ik vanwege het fraaie lied van deze zanger toch maar even een filmpje gemaakt. Let er ook even op hoe hij zonder noemenswaardige onderbreking tussendoor even een smakelijk vliegje vangt …

Lepelaar met ’n mooie vangst

Woensdagmiddag heb ik samen met mijn fotomaatje enige tijd in de grote vogelkijkhut in de Jan Durkspolder gezeten. Het was er rustig. We deelden de hut met een in- en uitvliegende boerenzwaluw, die er een nestje had. Rond de hut waren in eerste instantie alleen wat eenden te zien, totdat er na enige tijd een lepelaar op het toneel verscheen …

Rustig rondstappend begon hij met zijn grote lepel over de bodem schrapend te foerageren. Het duurde niet lang, voordat hij zijn stap versnelde en zijn kop in hoger tempo van links naar rechts happend over de bodem draaide …

We wisten even niet wat we zagen. De lepelaar maakte er een prachtige show van. Al snel draafde hij min of meer dansend door het water. En niet alleen dat, met ferme vleugelslag zijn evenwicht bewarend, zocht hij ook de diepte op …

In fotografisch opzicht kwam het hoogtepunt voor mij net even later, toen de leppelbek weer ‘op normale wijze’ foeragerend voortschreed. Maar eerlijk is eerlijk: hoe mooi de vangst was, zag ik pas toen ik de beelden later op de middag op de pc bekeek. 🙂
Ik heb er maar weer een diashowtje van gemaakt …

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

De natuur is hard

Opdat huis en hond van de jeugd in goede handen waren, terwijl zij een midweekje in Zuid-Duitsland zaten, hadden wij begin mei weer een paar dagen oppasdienst op de rand van stad en platteland. Lekker op de steiger zitten was er helaas niet echt bij, want het was gemiddeld een graad of 5 kouder dan vorig jaar in dezelfde periode. Maar ook van achter de warme glazen pui lukte het wel om afleiding te vinden bij allerlei jong leven rond huis …

Dit dappere drietal bleef steeds in de buurt van het huis. Vermoedelijk waren er voor onze komst wel meer pulletjes geweest, maar dat weet ik niet. Bij dreigend onheil riep moeder haar kroost steevast bij zich, waarna ze ze onder de schijnbaar veilige steiger loodste …

Op de laatste dag van ons verblijf was alleen het gele pulletje nog in de buurt van de moedereend. Zou mama niet weten dat ratten en snoeken in tegenstelling tot reigers en kraaien van onderen opereren …?
Hoe dan ook, de natuur is hard … hard en wreed …