Bevrijdingsdag in beperkte vrijheid

Alles is raar dit jaar. Zelfs onze 75e Nationale Bevrijdingsdag zullen we dit jaar zoveel mogelijk in eigen huis en tuin moeten vieren. Het wordt een viering in beperkte vrijheid. Geen festivals, geen optochten met oude legervoertuigen en geen vuurwerk. Van alle evenementen die dit jaar niet door kunnen gaan, steekt dit eigenlijk nog het meest. Niet zozeer omdat dit voor mij persoonlijk de belangrijkste feestdag van het jaar is, maar vooral vanwege het feit dat het mogelijk/waarschijnlijk een definitieve streep door de rekening is voor de laatste geallieerde veteranen die nogmaals over zouden komen voor de feestelijke viering van de vrijheid …

Ik vier Bevrijdingsdag hier vandaag op bescheiden wijze met een paar vrolijke oranje bloemen. De foto’s van de goudsbloemen hierboven heb ik onlangs in de tuin van mijn fotomaatje gemaakt. De klappertjes hieronder staan momenteel zachtjes wiegend in de wind in onze tuin te pronken …

Ondanks alle beperkingen wens ik jullie allen een fijne Bevrijdingsdag. Laten we het op waardige wijze vieren. En wat mij betreft doen we allemaal mee met het initiatief van Claudia de Breij, dat intussen ook is omarmd door het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Om 16:55 uur (vijf voor vijf) laten we met ramen en deuren open allemaal ‘Zing, Vecht, Huil, Bid, Lach, Werk en Bewonder’ van Ramses Shaffy uit de luidsprekers klinken …

De achttien dooden

Vandaag, 4 mei, is de Nationale Dodenherdenking in Nederland. Alle burgers en militairen die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (10 mei 1940) in oorlogssituaties of bij vredesoperaties in Nederland of waar ook ter wereld zijn omgekomen worden vandaag herdacht. De herdenking zal er als gevolg van de Coronamaatregelen anders en vooral leeg uitzien. Maar ook in deze Coronatijd nemen we om 20:00 uur twee minuten stilte in acht.

Het lied ‘De achttien dooden’ is een gedicht dat Jan Campert (1902-1943) schreef naar aanleiding van de executie van achttien verzetsstrijders die op 13 maart 1941 plaatsvond op de Waalsdorpervlakte. Het is een bekend gedicht geworden over het Nederlands verzet in de Tweede Wereldoorlog …

Bij het voormalig kamp Westerbork staat een monument ter nagedachtenis aan de journalist, dichter, schrijver en verzetsman Jan Campert. Campert heeft rond de twintig joden naar België helpen ontsnappen. Op 21 juli 1942 werd hij samen met zijn helper, de Bredase journalist Martien Nijkamp, vlak over de grens bij Baarle-Nassau gearresteerd, toen ze de 21-jarige jood Frans van Raalte naar België probeerden te smokkelen. Van Raalte pleegde nog dezelfde dag in gevangenschap zelfmoord …

Campert zat enige tijd gevangen in Breda, in kamp Haaren en in kamp Amersfoort. Uiteindelijk kwam hij via concentratiekamp Buchenwald in november 1942 in het Duitse concentratiekamp Neuengamme terecht. Volgens de officiële verklaring in zijn medische dossier is hij daar op 12 januari van dat jaar op veertigjarige leeftijd overleden aan borstvliesontsteking …

‘De achttien dooden’ werd in maart of april 1943 door de Utrechtse student scheikunde Geert Lubberhuizen uitgebracht als rijmprent met een tekening van Fedde Weidema. Het pamflet werd in ruime kring verspreid en verkocht, en kreeg tijdens kort na de Tweede Wereldoorlog grote bekendheid. Weidema tekende onder het pseudoniem Coen van Hart een compositie van een dode te midden van de symbolen van Nederland. Een vlinder, bloemen, de zon en het silhouet van een stad; met de ruïnes van de oorlog en het prikkeldraad van de onderdrukking …

De bovenstaande prent heeft in mijn tienerjaren lang op mijn slaapkamer op zolder gehangen.

Over zon gesproken …

Nog nooit was april zó zonnig, en nog nooit was de lucht in april zoveel dagen achtereen zó blauw …

En wat gebeurde er gisteren, uitgerekend op de dag waarop onze zonnepanelen werden geïnstalleerd …

Jawel, het was voor het eerst in april de hele dag bewolkt en regenachtig …

Onze tuin en natuur & landbouw kunnen eerst nog wel wat regen gebruiken, maar vanaf volgende week mag de zon wat mij betreft weer volop schijnen. Wij zijn er klaar voor …

Uitgelicht verval

Door een noodlottige samenloop van omstandigheden zit ik sinds enkele dagen met het rechter pootje omhoog om een gekneusde enkel en een steriele ontsteking op mijn scheenbeen tot rust te brengen.
Hoe dat precies is gekomen …? Uit vrees dat haar schuldgevoelens dan nog groter worden, heeft Aafje liever dat ik daar niets over vertel …

Deze week ben ik dus nog wat meer aan huis en tuin gekluisterd dan ik sinds het begin van het coronatijdperk toch al was. Maar gelukkig kan ik in noodgevallen altijd terugvallen op mijn rijk gevulde archief. Op die manier lukt het in dit geval ook prima om mijn korte serie over licht en schaduw voort te zetten. Vandaag doe ik dat onder de titel ‘Uitgelicht verval’, want dat gaat in feite zowel op voor mijn voet als voor deze oude boerderij …

Onoverzichtelijke wirwar

Als het leven voor mij met mijn 1.95 m de laatste tijd al zo’n onoverzichtelijke wirwar is … Hoe moet dat dan voor deze vreemde vogel zijn, zo laag bij de grond te midden van al dat struweel …?

Op en in de blauwe druifjes

Nadat ik woensdagavond een telefonisch exit-consult had gehad met de pijnpoli m.b.t mijn acnesklachten, besloot ik gistermiddag de bloemetjes eens op kleinschalige wijze buiten te zetten. En waar kun je dat in april nu beter doen dan bij de blauwe druifjes …?

Uitgerekend op het moment dat ik daar even met de camera neerstreek, besloot een klein insect hetzelfde te doen. Een tijdlang kroop het beestje van het ene bloemetje naar het andere. Steeds ging hij even naar binnen om even later met weer wat meer stuifmeel naar buiten te komen. Een prima bestuivertje, lijkt me …