Zilverreiger aan de lunch

Omdat er weinig vaart zat ik het bergingswerk bij de gaslocatie, heb ik tussendoor maar even een rondje gereden ten noordoosten van Earnewâld …





Vlakbij de plek waar ’s ochtends op de Bolderen een blauwe reiger doodgemoedereerd over de weg kuierde, spotte ik ditmaal een grote zilverreiger …





Ik was net op tijd om vast te kunnen leggen dat hij een hapje wegwerkte, zo te zien was het een mol, maar het kan ook een vette muis geweest zijn …





Kijkend naar de manier waarop hij even later zijn weg vervolgde, zag het er naar uit dat zijn honger nog niet was gestild. Dat heb ik echter niet meer afgewacht …




Terug bij de rietsnijders

Na onze tussenstop aan de mistige waterkant vervolgden Jetske en ik onze weg naar de rietsnijders. Het viel nog niet eens mee om ze te vinden, en dat lag niet aan de mist. Daar waar we ze hadden verwacht, waren ze in geen velden of wegen te bekennen, zodat het mobieltje er aan te pas moest komen. Na kort telefonisch overleg wist Jetske waar we de mannen konden vinden. Een kwartiertje later liepen we door een weiland naar het rietveld …





Kijkend naar de lading riet op de wagen, hadden de mannen deze ochtend al flink hun best gedaan. Voorbij de tractor moesten we over een paar ‘dansende’ planken de sloot oversteken …





We kwamen mooi op tijd, want een van de rietsnijders had net rookpauze. Dat spreekt mij altijd wel aan, want samen roken is toch altijd net wat prettiger dan alleen roken …





Na de pauze namen de mannen hun werkzaamheden weer op. Jetskes’ neef Bert richtte zich weer op het kammen van het riet. Daarmee wordt het afval uit de kleine rietbosjes gekamd …





Collega rietsnijder Klaas Jan was bezig om het afval op kleine hoopjes te verzamelen, zodat straks de fik erin kan …





Intussen kwam het opperhoofd der rietsnijders ook terug op de werkplek. Jetskes’ zwager Klaas had de lunch gehaald voor de mannen. Bij het grote rietveld waar Jetske en ik vanochtend eerder waren, nuttigen de mannen hun meegebrachte boterhammen meestal in de schaftkeet waar ze daar over kunnen beschikken …





Vandaag stond er voor de verandering patat met een gehaktbal en/of een kroket op het menu. Het was weliswaar mistig, maar echt koud was het niet, zodat de mannen het er op en rond de kleine tractor even lekker van namen …





Jetske en ik benutten de lunchpauze om even verderop in het rietveld rond te kijken …

– wordt vervolgd –

Weerbeeld maart 2013

Voor het eerst in ruim een maand is er afgelopen nacht en vanmorgen eindelijk weer eens regen van betekenis gevallen. Op dit moment zit er 10 mm in de regenmeter, en daar zal vandaag en morgen nog wel wat bij komen. Dat kan allemaal helemaal geen kwaad, want landbouw en natuur waren hard aan wat vocht toe.

Nu nog wat hogere temperaturen, want daar zijn me zijn allen ook hard aan toe na een erg koude maart. En dat terwijl maart zo veelbelovend van start ging. Na een paar grijze dagen met ’s nachts lichte vorst liepen de maximumtemperaturen op 5 en 6 maart op tot ruim 15 graden, in het zuiden van het land werd het zelfs ruim 18 ºC. Samen met mijn fotomaatje heb ik op 6 maart dan ook voor het eerst dit jaar lekker in de buitenlucht in het rietland zitten lunchen …





Daarmee hadden we de warmte meteen gehad voor de rest van de maand. De temperaturen daalden pijlsnel naar waarden die veel meer aan winter deden denken dan aan voorjaar. In totaal heb ik 25 vorstdagen (minimumtemperatuur lager dan 0,0 °C) kunnen noteren, normaal zijn dat er in maart ca. 9. Wat vrijwel nooit voorkomt in maart, zijn ijsdagen (dagen waarop de maximumtemperatuur niet boven het vriespunt komt), in de afgelopen maand deed dit fenomeen zich tweemaal voor …





Door de krachtige tot stormachtige oostenwind was het vooral voor het gevoel bijzonder koud. Tussen 22 en 26 maart lagen de gevoelstemperaturen ook overdag veelal tussen -10 en -15 graden, waarden die eind maart zelden voorkomen. De laagste werkelijk gemeten temperatuur was -13,3 graden op 13 maart in het Limburgse Ell. In ons tuintje was de laagste temperatuur in maart -6,4 °C …





Volgens het KNMI is maart sinds 1987 niet zo koud geweest. De laatste decade was de koudste in ruim honderd jaar sinds de meetgegevens bekend zijn. In De Bilt kwam de gemiddelde temperatuur uit op 2,5 °C, tegen normaal over de periode 1971-2000 ca. 5,8 °C. In ons tuintje was het in maart gemiddeld 1,0 °C tegen normaal ca. 5,0 graden. Kortom: ons gevoel heeft ons niet bedrogen, het was ècht koud in maart. Kijk maar eens naar de gemiddelde maarttemperaturen in ons tuintje sinds 2003 …





Behalve koud was maart ook droog. Normaal valt er in maart ca. 60 mm neerslag, in de afgelopen maand viel er slecht 25 mm, waarvan de helft op één dag viel. Zaterdag 9 maart was een gedenkwaardige dag, in het hele land regende het zonder onderbreking 24 uur aaneen. Niet eerder, sinds het begin van deze metingen in 1930, heeft het zo langdurig geregend volgens het KNMI. De weinige neerslag die er in de rest van de maand viel, viel meestal in de vorm van sneeuw of natte sneeuw. Op 11 en 12 maart viel in het zuiden van het land plaatselijk zo’n 15 cm. Dat bleef ons in het noorden gelukkig bespaard …





Het meest opmerkelijke beeld van de afgelopen maand vond ik toch wel de bevroren vlakte van de Leijen. Op 26 maart was het meer voor de tweede keer dit jaar bevroren zo ver het oog reikte …





Het was één van die dagen waarop een ijskoude noordoostenwind over de vlakte blies, met gevoelstemperaturen van -10 tot -15 graden tot gevolg. Lang hielden mijn fotomaatje en ik het dan ook niet uit bij het prieeltje aan de westkant van de Leijen, de temperaturen van 5 en 6 maart liggen ons toch beter …





Was het dan alleen maar kommer en kwel in maart? Nee hoor, voor het eerst sinds jaren zaten er in de afgelopen weken regelmatig wat sijsjes in ons tuintje. Bij gebrek aan vrolijke voorjaarsbloeiers gaven zij de maand hier voor een belangrijk deel kleur, daarom morgen nog wat sijsjes tegen een vriendelijk blauwe lucht in de hazelaar …