Beter weer

Nadat ik een bezoekje had gebracht aan de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder, zag ik ze al van ver aankomen, een drietal amazones en hun begeleider op zijn scootmobiel …

Ik zette de auto bij een dam in de berm. Nadat ik was uitgestapt, begon ik wat foto’s te maken van de omgeving en de gestaag naderende groep viervoeters en die ene vierwieler. Vriendelijk groetten we elkaar terwijl ze passeerden …

Ze hadden er beter weer bij dan de vorige keer dat ik ze hier trof. Dat was vorig jaar eind juli, midden in die maar aanhoudend natte zomer, die zomer voor echte bikkels

Bij de koolmezen

Dat we voor de tweede keer dit jaar jonge merels in de tuin hebben, had ik al verteld. Sinds vorige week hebben we echter ook jonge koolmeesjes in de nestkast in de hazelaar. De afgelopen dag ben ik eens een paar keer bij die nestkast gaan zitten om wat plaatjes te scoren …

In navolging van de merels vliegen ook de koolmezen sinds kort de hele dag af en aan om hun piepende jongen te voeden en te laten groeien …

Ze lijken de aanvoer van vers voer goed op elkaar af te stemmen. Wanneer pa met verse hapjes op de nestkast landt, wacht hij tot het vrouwtje is vertrokken voordat hij zelf naar binnen gaat …

Lang zitten de jonkies nooit alleen in de nestkast. Kijk, daar duikt alweer een staartje naar binnen …

Wat er in gaat, moet er ook weer uit. Naar mate de jongen groter groeien, zie je een van de ouders vaker met een pakketje ontlasting naar buiten komen …

Pimpel vermaakt zich wel

Het wordt gezellig druk in onze tuin de laatste tijd. Een dag of wat geleden ontdekte ik, dat er toch koolmezen in de voor hen bedoelde nestlast getrokken zijn. En ze hebben al jonkies in ook …

Daarnaast zijn er regelmatig pimpelmeesjes te zien de laatste dagen. Vorige week streek er eentje neer op een van de lisdodden achter in de tuin. Nadat hij de situatie in ogenschouw had genomen, dook hij in het houten vogelbad tussen witte bloemetjes van de grote muur en een paar boshyacinten …

Veel tijd voor het bad gunde hij zich niet, al snel stond hij op de rand om zich al schuddend en wapperend met zijn vleugels wat te laten drogen …

Terwijl hij zo wat om zich heen zat te kijken, ontdekte hij een nog veel mooier plekje … hoog en droog op de lange snavel van onze grutto …

Zodra hij wat was opgedroogd vloog hij naar de uitbloeide boom van buurvrouw 9. Daar begon hij op zijn gemak, langzaam heen en weer wiegend in de wind, aan de laatste restanten van de bloesem te peuzelen …

Opnieuw jonge merels

Met de grutto’s mag het dan slecht gaan, met de merels in onze tuin gaat het uitstekend. Nadat op 5 april de jonge merels in de pergola boven de vijver hun nest verlieten, zijn er een maand later op 4 of 5 mei opnieuw kleine mereltjes in hetzelfde nestje uit hun ei gekropen …

Het was me al enige tijd duidelijk dat de merels daar opnieuw zaten te broeden. Maar sinds enkele dagen vliegen ze weer af en aan om hun kroost, dat met de dag luider piept, te voeden …

Bij terugkomst in de tuin gebruiken ze één van de schuttingen of de hazelaar om even te kijken of de kust veilig is. Daarna gaan ze in scheervlucht naar de pergola, waar ze vanaf deze tak nog eens om zich heen kijken …

Het nestje zit veilig boven de vijver, rechts van het midden in de pergola. Dat nestje is de noeste arbeid van vorig voorjaar dubbel en dwars waard geweest, want dit is in twee jaar al het vierde broedsucces op dat plekje …

Een ‘vergeten’ ramp

Op 3 februari 1945 reed de tram van de NTM (Nederlandsche Tramweg Maatschappij) in bedaard tempo vanuit Olterterp-Beetsterzwaag in de richting van Drachten. Aan boord was een lading boomstammen en een aantal passagiers. Het waren dwangarbeiders uit Groningen, die door de Duitsers in de bossen van Beetsterzwaag te werk waren gesteld om hout te kappen. Dat hout werd gebruikt voor verdedigingswerk in de stad Groningen …

De Groninger mannen reisden dagelijks met de Drachtster tram naar de bossen. Op die noodlottige 3e februari 1945, had één van de arbeiders zijn 9-jarige zoontje Gerrit meegenomen. Het zou een leuk uitje zijn voor de jongen. Maar dat pakte heel anders uit …

Terwijl de tram over It Súd (Google Maps) reed, werden de stoomlocomotief en de tram plotseling onder vuur genomen, vermoedelijk door een of twee Spitfires van de Engelse luchtmacht. In de nadagen van de oorlog schoot de geallieerde luchtmacht op bijna al het gemotoriseerd verkeer om de Duitsers dwars te zitten …

De gevolgen waren verschrikkelijk. De hete stoom spoot vanuit de kapot geschoten locomotief naar buiten. De arbeiders zochten in paniek dekking en de 9-jarige jongen werd door zijn vader uit de tram gezet. Gewonden werden bij de aanwonende boeren in huis gebracht en zo goed en zo kwaad als het ging verzorgd. Uiteindelijk vertrokken enkele boerenkarren met de slachtoffers naar het ziekenhuis in Heerenveen …

De nu 94-jarige Jan Talsma was een 17-jarig ventje uit de streek en zag het bloedbad met eigen ogen. “Ik hoorde de salvo’s, zag de vliegtuigen en de kogels die opspatten van de stenen in de straat. Mijn vader leerde mij dat ik in dat soort gevallen in een greppel moest duiken, maar het had gevroren de greppels waren ijskoud, dus ik ging achter een boom staan. Toen ik in de wagon ging kijken, zag ik een enorm bloedige toestand. Gewonde mannen, mannen die uit de wagon waren gesprongen, geraakt waren en mannen zonder ledematen, het was afschuwelijk,” weet Talsma zich nog goed te herinneren …

Er waren uiteindelijk 7 doden te betreuren, onder wie de vader van Gerrit. De gewonden herstelden voor een deel, maar de psychische schade was groot …

Vreemd genoeg is er nooit enige moeite gedaan om deze schokkende gebeurtenis vast te leggen. Voor Tjitske en Jan van der Horst, die een Bêd & Brochje (B&B) runnen op de plek des onheils, is het onbegrijpelijk dat er geen enkel monument of een herinnering aan die gebeurtenis bestond. ‘Alsof die tramramp in de doofpot is gestopt’, zegt Van der Horst. Het echtpaar wist samen met de historische vereniging ruim 75 jaar na dato een monument op te richten met daarop de namen van de gevallenen en een korte tekst over de toedracht van de ramp.

Meer hierover: RTV Noord


Vanavond om 20:00 uur is het in het kader van de Nationale Dodenherdenking twee minuten stil en herdenken wij allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties. Opdat jong en oud deze en vergelijkbare gebeurtenissen nooit vergeten …

Terug naar de Koude Oorlog

In januari van dit jaar werd bij RTV Drenthe een documentaireserie getiteld ‘Het mysterie van Darp’ uitgezonden. Nadat Jetske me daarover had getipt, heb ik die serie gevolgd. Behalve dat er boeiende verhalen werden verteld over zaken die zich in de periode 1961-1990 rond de ‘Atoomsite’ bij de Amerikaanse basis bij Havelterberg hebben afgespeeld, zagen Jetske en ik er ook iets in wat we er tijdens ons bezoek in 2014 niet hadden gezien …

Onze nieuwsgierigheid was gewekt en dus trokken we vorige week opnieuw naar Havelterberg. We hadden er een goeie dag voor gekozen. Er hing een grijs wolkendek en het was kil. Voeg daarbij dat de kans op het gebruik van kernwapens sinds de Cuba Crisis niet meer zo groot is geweest, dan is duidelijk dat we nauwelijks een beter moment hadden kunnen kiezen. Nadat we de ge- en verboden aangaande het betreden van militair oefenterrein in ons hadden opgenomen, passeerden we de slagboom. Op het punt waar het pad zich in drieën splitst kozen we opnieuw voor het middelste pad …

Zodra we de zandvlakte betraden, zagen we de oude wachttoren in de zuidwestelijke hoek staan. De toren was omgeven door een roestig hekwerk. Wat zeg ik? Toen we dichterbij kwamen, zagen we dat het zelfs een dubbel hek is met bovenop een rol prikkeldraad. Het is nog net geen NATO-prikkeldraad, maar afschrikwekkend is het wel. Zoals hier in de actieve tijd van de site sprake was van een dubbele bewakingsring om het hele complex heen, zo is dat nu bij de laatste wachttoren het geval …

Het geheel zag er meteen een stuk minder vriendelijk dan zonder de hekken. Als het de bedoeling is dat de hekken het verhaal achter dit bijzondere relikwie van de Koude Oorlog sterker maken, dan is dat wat mij betreft wel geslaagd. De hekken lijken daarnaast een uitstekend middel te zijn tegen verdere bekladding van de toren, want er is in de afgelopen 8 jaar zo te zien weinig of geen graffiti meer bij gekomen …

Met toch wat een kil Koude-Oorlog-gevoel liepen we over de zandvlakte terug naar de auto. We hadden geen spijt van ons tweede bezoek aan dit teken des tijds. Laten we hopen dat de kernwapens die momenteel elders nog in omloop zijn, in hun bunkers blijven liggen en tijdig voorgoed gedemonteerd en onschadelijk gemaakt worden …