We staan nog steeds bij de Schouwstrasluis (Google Maps) in Nij Beets. Op de onderstaande foto kijken we in noordoostelijke richting langs het Polderhoofdkanaal …
Dit is ook de plek waar de dichtregels vandaan komen die ik hier zondag al liet zien. Ze staan op een kunstwerk van golvend cortenstaal, dat hier in 2016 is geplaatst ter gelegenheid van de heropening van het kanaal en de sluis …
‘Tijd en ruimte’ is een gedicht van de Friese dichteres Baukje Koolhaas …
En speciaal voor mijn volgers die de Nederlandse taal niet machtig zijn een vertaling:
Nadat ik onlangs een kort fotokuiertje in De Deelen had gemaakt, heb ik op de terugweg bij Nij Beets (Google Maps) een tussenstop gemaakt bij de sluis …
Aan de overkant van de Nieuwe Vaart staat in de verte het wiekloze restant van een in 1856 gebouwde poldermolen …
Als ik vanaf een iets ander standpunt uitzoom, komt aan deze kant van de Nieuwe Vaart het Zuidergemaal in beeld. Het Zuidergemaal, of het Sudergemaal is een poldergemaal dat in 1924 is gebouwd en tegenwoordig de status van rijksmonument heeft. Het gemaal is momenteel in gebruik als museum- en expositieruimte …
We staan hier bij een in 2015 gerestaureerde sluis. Deze restauratie vond plaats in het kader van de heropening in dat jaar van het Polderhoofdkanaal tussen Nij Beets en De Veenhoop voor de recreatievaart …
Na de heropening van het Polderhoofdkanaal voor de recreatievaart, werd de gerestaureerde zuidelijke sluis genoemd naar een vroegere sluiswachter, Klaas Schouwstra …
Onder de noemer ‘WOODlandart’ verschenen er in het voorjaar van 2018 op verschillende plaatsen rond Drachten van natuurlijk materiaal gemaakte kunstwerken in het landschap. Voor de kunstwerken werd onder andere kweekwilgen en restmateriaal van boerenbedrijven gebruikt, zo werd gezegd. Aan de rand van de Kraanlannen (Google Maps) waren een paar baltsende kraanvogels te zien …
Begin oktober kwam ik er onderweg naar de Deelen weer eens langs. Deze keer heb ik de auto maar weer eens even in de berm gezet om er opnieuw een paar foto’s van te maken. De kraanvogels hebben hun pluimen en veren intussen afgelegd. Er resten nog slechts twee geraamten van nogal onnatuurlijk aandoend metaal …
Na 48 blogjes over drie dagen in de Waddenregio is het tijd om weer eens wat andere onderwerpen voorbij te laten komen. Terug naar normaal dus eigenlijk. Zoals te doen gebruikelijk was, kan dat weer van alles zijn. Zo zal er weer wat vaker een landschapje uit mijn eigen rayon te zien zijn …
Maar ook beestjes zullen er wel weer voorbij komen. Wat te denken van die hele grote slak, die ik samen met het allerkleinste slakje ooit kon fotografeerde. Of gewoon eens een neergedwarreld herfstblad in de tuin…
Als het zo uitkomt, kun je hier zelfs enige dichterlijkheid in herfsttinten aantreffen …
Wetend dat november in diverse opzichten vaak niet mijn beste maand is, heb ik voor alle zekerheid wel een ruime collectie ‘dijkzichten’ uit de periode 2003-2021 bijeengezocht in mijn digitale archief. Die houd ik voorlopig achter de hand. Want hoe het jullie vergaat, weet ik niet, maar zelf ben ik nog steeds niet uitgekeken op die streek …
Nu het met Corona weer helemaal de verkeerde kant op gaat en onze premier nog steeds alleen met holle woorden kan regeren, sluit ik zelfs niet uit, dat ik zo af en toe eens met wat modder ga gooien …
Op weg naar de kwelder bij Westhoek waren we al langs de Oudebildtdijk nr. 1229 gekomen, dat is het hoogste nummer aan de Oudebildtdijk. Onze weg terug naar huis begon die middag tegen vieren bij nr. 1222 in Westhoek …
De Oudebildtdijk is met een lengte van ruim 12 km één van de langste straten van ons land. De basis voor de Oudebildtdijk is al omstreeks 1200 gelegd, in 1505 kreeg de dijk zijn huidige hoogte. Nadat noordelijker daarvan de Nieuwe Bildtdijk was aangelegd, verloor de Oudebildtdijk in de 17e eeuw zijn beschermende functie. Door de aanleg in de 20e eeuw van de huidige zeedijk verloor ook de Nieuwe Bildtdijk zijn beschermende functie …
Langs de noordzijde van de Oudebildtdijk werden in de loop der eeuwen veel klein arbeidswoninkjes gebouwd. om te voorkomen dat ze bij een dijkdoorbraak zouden onderlopen, werden ze hoog tegen de dijk aan gebouwd. In de tweede helft van de vorige eeuw begon de leegloop van de Oudebildtdijk. Voor de vroegere agrarische bevolking was als gevolg van de mechanisering geen werk meer en veel van de huisjes kwamen leeg te staan. Dit zijn een paar van de oudste optrekjes die ik 2005 nog heb kunnen fotograferen aan de Oudebildtdijk …
Sloop van de meeste van die huisjes bleek niet nodig. Vanuit de Randstad werd interesse getoond voor de Oudebildtdijk. Vooral nadat de woningen op de dijk op het rioleringsnetwerk werden aangesloten waren de huisjes aantrekkelijk voor kunstenaars, artiesten en ander kleurrijk volk. Voor weinig geld kochten ze een huisje in een gebied waar rust en ruimte sleutelwoorden zijn. Intussen zijn de meeste huisje opgeknapt of opnieuw opgetrokken …
Vooral aan de zuidzijde van de dijk werden in de 17e eeuw mooie, grote boerderijen opgetrokken. Hieronder een paar voorbeelden, de boerderij op de eerste twee foto’s dateert uit 1819, de tweede heeft bouwjaar 1768. Waar boerderijen zijn, daar zijn ook weilanden of akkers. Hier langs de Oudebildtdijk zijn het intussen voor een belangrijk deel lege akkers. In de herfst verandert de sfeer van deze in voorjaar en zomer zo mooie en frisgroene streek …
Om de zaken draaiend en het licht brandend te houden, staan er aan de Oudebildtdijk t.b.v. de elektriciteitsvoorziening ook nog een paar transformatorhuisje. We vonden er drie, allemaal van hetzelfde ontwerp, maar dit huisje met nr. 1166 en op de achtergrond nog een stukje van de Waddenzeedijk bood het mooiste plaatje. De foto’s zijn naar je onderweg, Sjoerd …
We zijn doorgereden tot het begin van de Oudebildtdijk, want we wilden toch ook de laagste nummers nog even bekijken. Op de onderstaande foto’s zie je nr. 2. Ik heb er eens even wat rondgekeken, en ik moet zeggen, dat viel niet tegen. Je kunt evt. zelf hier kijken …
Aan de overkant van de Oudebildtdijk en de Ouwe Faart staat een prachtig huis met nr.1 van bouwjaar 1930. Daarmee hebben we de ruim 12 km lange Oudebildtdijk beginnend bij nr. 1229 en eindigend bij nummer 1 van eind tot begin gereden …
Ze waren mooi, maar ook behoorlijk hinderlijk, die uitgebloeide zeeasters. Ik zat al snel onder de pluisjes die aan mijn kleren plakten, terwijl Jetske in haar speciale natuurtenue nergens last van had …
Hoe dan ook, voor die pluisjes waren we niet voor gekomen. Vol goede moed zoomde Jetske nog maar eens in op de verte …
Ja warempel, daar waren ze … in de verste verte zagen we de kluten en hier en daar een andere Wadvogel zitten. Te ver om er echt iets mee te kunnen, maar Jetske had ze nu in lek geval kunnen zien …
Wat er verder vooral ook was, was het gebulder van F-35’s. In het logje ‘Stilte versus geluidsoverlast’ vertelde ik al dat er twee F-35’s laag over vlogen, terwijl wij op de kruin van de dijk stonden. Die waren op weg naar de vliegbasis Leeuwarden, daardoor zwakte het geluid relatief snel af.
Op de dag waarop Jetske en ik op de kwelder zaten, kregen we ze niet te zien. Maar wat we deze dag boven het Wad hoorden was vele malen erger. Je kon regelmatig minuten lang het sonore gebulder van de JSF’s horen. Echt gruwelijk! En dat gaat dagelijks zo door boven het Waddengebied, ons grootste stiltegebied en UNESCO Werelderfgoed nota bene. Het is om te janken. Enfin, luister en huiver …
Omdat de vogels ondanks het aanhoudende gebrom bleven waar ze waren, besloten wij uiteindelijk maar te gaan. Nadat we onze spulletjes bij elkaar hadden gezocht, liepen we terug naar de dijk. Zelfs de schapen waren daar intussen verdwenen …
Update:
Momenteel is het relatief rustig in de lucht. Acht van de 13 JSF’s die in Leeuwarden gestationeerd zijn, zitten met 165 man aan grondpersoneel een week of zes in de V.S. voor specifieke trainingsdoeleinden.Vliegbasis Leeuwarden is in principe gesloten, maar toestellen van de vliegbasis Volkel blijven hier wel hun oefenrondjes maken.
Daar had ik dus even geen rekening mee gehouden, en Jetske als iets meer ervaren vogelaar blijkbaar evenmin … laag water …
Er was zelfs in de verte geen vogel te zien. Van lieverlee richtte Jetske haar camera maar eens op de pluisjes van de uitgebloeide zeeasters en op het waddenslik.
Nou ja, één vogel liet zich wel even mooi zien …
Deze vogel kwam even in een mooie passage voorbij. Ik denk, dat het een bruine kiekendief is …