De vogels nestelen weer

Het heeft er alle schijn van dat een koppeltje merels weer plannen heeft om een nestje te bouwen in onze tuin. Mevrouw merel scharrelde begin vorige week verschillende keren op en in de klimop aan de schutting rond …

Meneer merel zag ik een paar dagen later in de klimop aan de pergola duiken. Ook heb ik hem al een paar maal zien badderen in de vijver, maar daar heb ik nog geen foto van kunnen maken …

En weet je wie ook weer aan het nestelen zijn …? De zeearenden in Nationaal Park de Alde Feanen!

Al vier keer broedde de zeearend succesvol in de Alde Feanen, maar nog nooit hebben we het mogen zien. Elk jaar werden deze machtige vogels aan het begin van het seizoen al lastig gevallen door andere vogels, zoals de buizerd, haviken en nijlganzen. Het gevolg was dat ze steeds weer uitweken naar een ander nest. Ook in 2020 kozen de zeearenden voor een nieuwe locatie voor hun nest, waar ze twee jongen succesvol groot brachten. Dit is de plek waar dit jaar de nestcam hangt en de eerste beelden zijn veelbelovend!

Het verliefde koppel zit regelmatig samen op het nest en er worden nog dagelijks takken aangevoerd om het enorme nest verder uit te bouwen en te versterken. Het is een vermaak om te zien hoe lang ze af en toe bezig om een tak precies op de goede manier in het nest te verwerken.

Je kunt de lifestream hier volgen: zeearend de Alde Feanen
Het kan natuurlijk gebeuren, dat ze even niet thuis zijn wanneer jij komt kijken, totdat het eerste ei er is zijn er tenslotte nog genoeg andere zaken te doen dan broeden. In dat geval kun je je er altijd nog even vermaken met eerdere opnamen van dit jaar …

Klunen in de Jan Durkspolder

Vanaf de Headammen reden Jetske en ik een paar kilometers noordwaarts om te bekijken of er in de Jan Durkspolder ook iets van ijspret te zien viel. Dat viel niet tegen …

De ijsvlakte rond de grote vogelkijkhut lag er stil en verlaten bij. Normaal gesproken wordt hier door de IJsclub Lyts Begjin een baan uitgezet en worden er kluunbruggen gebouwd waar schaatsers de sloten en de weg tussen beide ijsvlakten veilig kunnen oversteken. De fundamenten van één van de kluunbruggen kun je op de meest rechtse foto hieronder zien …

Hoe ze het gedaan hebben, weet ik niet, maar nu er geen baan op de ijsvlakte was uitgezet, kwamen er schaatsers over het sneeuwijs in de sloot op de onderstaande foto deze kant op …

Daar moest bij gebrek aan tapijt op de weg op alternatieve manier gekluund worden. Terwijl Jetske en ik het groepje van beide kanten in beeld namen, zakte een schone blondine die de beschermhoezen van haar schaatsen niet bij zich had, vlak voor me door de knieën.
“Ga je me eindelijk een aanzoek doen …?” vroeg ik lachend. Dat bleek niet de bedoeling te zijn, lachend kroop ze naar de overkant van de weg, waar ze op haar vrienden wachtte …

Maar er waren meer schaatsers die van zuid naar noord wilden oversteken. De jongedame op de foto hieronder liet haar metgezellen verder schaatsen, terwijl ze zelf aanstalten maakte om over te steken …

Ze besloot eerst nog een stukje door de berm te lopen, daarna maakte ze de oversteek op een wel heel bijzondere manier. Alsof ze nooit anders had gedaan, kloste ze zo met het metaal van haar schaatsen over het ruwe asfalt.
“Wat tochtst, moarn taait it dochs …?” (“Wat dacht je, morgen dooit het toch …?”) riep ik haar na. Lachend ging ze aan de andere kant op in de drukte …

Na een laatste blik over de noordelijke ijsvlakte, stelde ik Jetske voor om nog even bij de Leijen te kijken …

– wordt vervolgd –

IJspret op de Headamsleat

Het is een wondere wereld. Toen ik vorige week zaterdagmiddag met Jetske op en rond het ijs stond te fotograferen kwam de maximumtemperatuur uit op -1,2 ºC. Vandaag wordt een maximumtemperatuur van ca. 15 ºC verwacht. Kortom: het lijkt wel voorjaar. Desondanks ga ik nog even door met de foto’s van die zonnige en gezellige ijsdag …

Tegen het middaguur kwamen we bij het ijs aan. En hier begint het allemaal mee als je als schaatsers eenmaal bij het ijs bent aangekomen: de schaatsen onderbinden …

Vanuit de richting van de Headamsbrug naderden af en toe groepjes schaatsers. Waar zij precies waren opgestapt werd me niet helemaal duidelijk. Wel moesten ze om verder te kunnen schaatsen richting Earnewâld een stuk klunen. Voor wie behoefte had aan een warme versnapering stond er een koek en zopie …

Terwijl we een stukje langs het ijs liepen, viel deze jongeman me op. Zo te zien had hij net nieuwe schaatsen en keek hij nog eens even of alles goed zat …

Zonder dat het over hem hadden gehad, hielden Jetske en ik hem enige tijd later allebei een tijdje in de zoeker, want was hij geconcentreerd bezig …

Maar niet iedereen was geconcentreerd en serieus bezig. Er werd niet alleen geschaatst, maar ook gezellig gewandeld op deze prachtige ijsdag …

Oud en jong gaf acte de présence, de één met een muts, de ander heel verstandig met een helm. Junior had de slag al goed te pakken op zijn moderne houtjes. Die is een volgende keer aan zijn eerste noren toe …

Zij leek in gedachten verzonken, maar ging met vaste tred voorwaarts …

Dat had hij misschien ook beter kunnen doen … Ik hield hem al een tijdje in de gaten, want ik zag al van verre aankomen wat er uiteindelijk zo ongeveer zou gebeuren …

Na enige tijd besloten we een stukje verderop te kijken, op naar de Jan Durkspolder en de Leijen. Maar dat kan nog een paar dagen duren. Morgen gaan we even spelen met licht en een ijzig handje in de tuin …

wordt vervolgd

Onderweg naar het ijs

Vorige week zaterdag heb ik samen met mijn fotomaatje Jetske een paar uurtjes op en rond het ijs doorgebracht. We besloten eerst maar eens bij de Headammen te kijken. Dat is de locatie die ik begin februari in het logje ‘Wachtend op de winter’ al omschreef, en waarvan ik verwachtte dat we er de eerste schaatsers zouden zien. Toen we bij Opeinde over de brug kwamen, zag ik dat alleen eenden en wat meeuwen zich op het ijs van het Opeinderkanaal waagden …

Op de Wolwarren maakten we een korte tussenstop om een paar foto’s te maken van de windmotor bij de ijsvlakte waar we 5 jaar geleden samen op de valreep een paar schaatsers hadden gefotografeerd. Nu was de maagdelijk witte vlakte leeg. Kijkend daar de stroom auto’s die ons tegemoet kwam, vermoedde ik dat dit de vroege schaatsers waren, die terugkeerden vanaf de Headammen …

Korte tijd later zagen we dat de gemeente Smallingerland het parkeren uitstekend had geregeld om een chaos op en langs de smalle weg te voorkomen. Nadat een vriendelijke verkeersregelaar ons een plekje had gewezen, gingen we te voet op weg naar het ijs …

Niet veel later bereikten we de Aldheadamsleat in Nationaal Park de Alde Feanen. Eenmaal voorbij het bordje ‘Rustgebied’ was het even gedaan met de rust. Maar wat was het een mooie – tijdelijke – verstoring van de rust …

wordt vervolgd

Territoriumstrijd in de Alde Feanen

Kort nadat ik de lepelaars uit het vorige logje had gefotografeerd, liep ik door de corridor van knotwilgen terug in de richting van de auto. Halverwege het pad zag ik ineens op enkele meters afstand naast me een grote zilverreiger staan. Zodra hij de klik van mijn camera hoorde, maakte hij dat hij weg kwam …

Een andere grote vogel heb ik zes jaar geleden niet ver hier vandaan eens heel aardig kunnen fotograferen. Die ‘vliegende deur’, zoals de zeearend ook wel wordt genoemd, bevond zich toen een stuk verder verder bij me vandaan dan de bovenstaande zilverreiger. Met zijn spanwijdte van ruim 2 meter is met afstand de meest indrukwekkende vogel die ik ooit heb gefotografeerd …

Sinds 2017 broedt er jaarlijks een zeearendskoppel hier in Nationaal Park de Alde Feanen. De afgelopen jaren zijn er in totaal 4 jongen groot gebracht. Ook dit jaar is het zeearendspaar weer teruggekeerd. Net als voorgaande jaren gaat dat echter niet van een leien dakje. Ook dit jaar wordt er weer heftig gestreden om het enorme nest. De zeearenden moeten hun territorium namelijk delen met o.a. een paar buizerds en een havikskoppel, die ook hun zinnen op dat nest hebben gezet …

Dat is allemaal te volgen via de webcam van It Fyske Gea en Vogelbescherming NL. De afgelopen dagen heb ik ons grootste liefdeskoppel al zien paren op de grote tak aan de ander kant van het nest. Maar ook een paar buizerds zijn er al eens neergestreken. Het meest lastig en agressief zijn ook dit jaar de haviken weer. Als ik het me goed herinner, zijn die vorig jaar uiteindelijk als winnaars en heersers van het nest uit de strijd gekomen. Hoe het dit jaar zal aflopen is nog volstrekt onduidelijk. Wat wel zeker is, is dat de webcam van de zeearenden met de terugkeer van het herfstachtige weer een aangename afleiding kan bieden …

TIP: wanneer het nest leeg is of wanneer er langere tijd een rustig vogel op het nest zit, laat ik beeld en geluid op een tabblad open staan, zodat ik zelf andere dingen kan doen. Als het niet te hard waait, klinkt er dan regelmatig gezellig gekwinkelier van vogels in de omringende bomen door de kamer. Zodra het weer interessant genoeg is om te kijken, laat één van de roofvogels dat over het algemeen luidkeels horen.   🙂

De earrebarre is der wer

Hoewel het zicht bepaald niet optimaal was, kon ik al van ver te zien dat er een ooievaar op het paalnest langs de Bolderen ten noordoosten van Earnewâld stond. Die was knap vroeg terug, bedacht ik me, toen ik daar donderdag langs reed … Ik vervolgde mijn rondje om eens te zien of er in de buurt van de grote gaswinningslocatie dichter bij Earnewâld ook al ooievaars terug waren. Het was onvoorstelbaar, maar vrijwel alle paalnesten – en dat zijn er zeker een stuk of 10 – waren al bezet. Verder zwierven er in de omgeving enige ooievaars rond, die vooral in hooi- en rietlanden hun kostje bijeen probeerden te scharrelen. Kortom: de ooievaar is terug, oftewel in goed Fries: de earrebarre is der wer

 

Eén zwaluw maakt nog geen zomer, zo luidt het gezegde. Dat geldt naar alle waarschijnlijkheid ook voor de ooievaar, zo valt in de volgende alinea te lezen. Maar nu er al zoveel ooievaars terug zijn op hun thuisbasis, zou je zeggen dat het voorjaar nooit ver meer kan zijn. Dit temeer omdat een krachtige westelijke stroming alles wat maar even op winter lijkt in zo ongeveer heel Europa van de kaart veegt. In tegenstelling tot 2012 wijst tot dusver niets op serieus winterweer …

In 2012 heb ik de eerste ooievaar in deze omgeving al op 14 januari gesignaleerd, maar dat bleek bij nader inzien niet zo’n handige keuze van die eigenwijze eenling. Er was op dat moment voor de lange termijn mogelijk winterweer in het vooruitzicht gesteld. En dat bleek in dat geval ook echt uit te komen. Na twee maanden uitermate zacht winterweer kwam er eind januari een omslag. Van 30 januari t/m 8 februari was er sprake van de 33e officiële koudegolf in ons land sinds 1901. Een mogelijke Elfstedentocht op de schaats deed vele harten zelfs even sneller kloppen. Mijn volledige verslag met foto’s en grafieken over de betreffende winterperiode valt te zien en te lezen op: Weerbeeld februari 2012

 

’t Grijze weer beu

Om toch af en toe wat anders te zien dan de tuin, heb ik gisteren weer eens een ritje gemaakt in de buurt van Oudega en Earnewâld. In fotografisch opzicht mocht ik niet mopperen, maar desondanks ben ik zo langzamerhand wel een beetje klaar met het grijze weer. En volgens mij dacht een fazant in stuk hooiland er ook zo over. Nadat ik de auto in de berm had laten uitrollen om een paar foto’s van hem te kunnen maken, bleef hij chagrijnig zitten waar hij zat. Uiteindelijk was ik degene die het eerst weer vertrok, en dat komt niet zo gek vaak voor bij fazanten …