Aan de andere kant van het pad staat iemand iets aan de blinde achtermuur te bekijken. Dat maakt dan toch nieuwsgierig, nog maar even een stukje verder dan …
We lopen hier overigens over de Pieter Hakvoortstraat. De verklaring voor de naam vinden we op het affiche aan de muur waar de man op de eerste foto naar stond te kijken …
De geschiedenis speelde zich af in en onder het gebouw aan de linkerkant op de onderstaande foto. Op deze website wordt het ‘Onderduikhuis op Urk voor het voetlicht’ gebracht …
We vervolgen onze weg, waarbij ik even onder het eerste poortje door loop om daar vandaan een foto van het tweede poortje te maken …
De rest van de achter de poortjes verder lopende Pieter Hakvoortstraat moet maar wachten tot een volgend bezoek. Voor nu leek het me beter om het pad naar rechts langs de werf te volgen …
Nadat ik een kijkje had genomen bij de ijsvlakte achter de Hooidammen, heb ik nogmaals een tussenstop gemaakt aan de Wolwarren. Daar heb ik in de schaduw van de windmotor mijn medicijnen genomen en een boterham gegeten …
De volgende halte was de Jan Durkspolder, daar lag op de beide plassen een mooi laagje ijs. De vaart de Alde Geau lag nog deels open, maar ook daar lag verderop al zoveel ijs, dat een kraai er op kon staan …
Onderweg naar de Leijen zag ik langs het Nonnepaed een paar grote groepen kieviten in de weilanden staan. Waarschijnlijk zijn het Scandinavisch klimaatvluchtelingen, die op de vlucht waren voor de sneeuw in Zweden en Denemarken. Minder opzienbarend waren de vele honderden ganzen, die hier hun toevlucht hadden gezocht …
Het meertje de Leijen lag zoals verwacht nog volledig open. Maar het was de moeite waard om te zien wat voor ijzige vormen en structuren er door het tegen riet en hout klotsende water werden gecreëerd …
En dan waren er ook hier weer de voortdurend wuivende rietpluimen, steeds weer van kleur veranderend. Ik zal eens kijken of ik daar een dezer dagen nog eens een videootje van kan maken …
Teruglopend naar de auto zag en hoorde ik in de vaart naast het pad dunne laagjes ijs, die werden opgestuwd door de wind, over elkaar heen schuiven …
Halverwege een ritje naar de Veenhoop en terug heb ik de iLark even in de schaduw gezet bij het Noordergemaal (Google Maps). Bij een eerdere rit had hij in de zon gestaan, waarna de batterij-indicator op het dashboard op slechts één streepje bleef staan, toen ik hem opnieuw startte. Nadat ik een paar minuten onderweg was, kwam de juiste stand wel terug, maar het duidt wel op een vorm van temperatuurgevoeligheid zoals ik die zelf ook heb, lijkt me …
Zelf ging ik aan de andere kant van de weg bij de picknicktafel zitten. Het was in de week voordat de echte hitte hier losbarstte. De wind zat op dat moment nog in noordoosthoek, een verkoelend briesje zorgde ervoor dat het in de zon en aan het water goed toeven was …
Na enige tijd werd mijn aandacht getrokken door een visdiefje dat naarstig op jacht was naar een lekker visje. Omdat de beloning uitbleef, droop hij op zeker moment af om op zoek te gaan naar een beter visstekje …
Na de fotosessie met de Kempense heidelibellen liepen we in alle rust in de richting van de parkeerplaats. Jetske stond als eerste bij de auto. “Kom je nog …? We hebben meer te doen vandaag …,” zei ze met een brede lach …
“Zorg er eerst maar voor dat ik weer voldoende hoofdruimte heb …,” antwoordde ik op mijn beurt met een knipoog. De kofferruimte opende zich, waarna het dak zacht zoevend open schoof en netjes werd opgeborgen. Zo waren we er helemaal klaar voor om onze weg op deze zoveelste stralende zomerdag te vervolgen …
Jetske had nog een tweede verrassing in petto die dag, maar voordat we daar aan toe waren koersten we eerst in bedaard tempo naar Kuinre. Daar zochten we in de buurt van de Oude Haven van Kuinre eerst een plekje in het bos voor de lunch. Terwijl we in de schaduw van de bomen onze broodjes aten bij een picknicktafel, passeerden er een paar amazones, voor het overige was het er heerlijk rustig …
Waar wat naar binnen gaat, moet af en toe ook wat naar buiten. Om het anders uit te drukken: ik was na de broodjes toe aan een sanitaire stop. Gelukkig wist Jetske ook hier wel raad op. Zonder dralen dropte ze me korte tijd later bij de enige pizzeria in de wijde omgeving, terwijl ze zelf de auto parkeerde op het pleintje tegenover de pizzeria. Zodra ik koffie voor ons op het terras had laten aanrukken, repte ik me naar boven. Opgelucht was ik net terug, toen een koetsje met een tweespan strak langs ons tafeltje reed …
We hadden een fijn plekje in de schaduw en het was er goed toeven, maar er stond meer op het programma. Daarom reden we na de koffie toch maar terug naar we vandaan kwamen, de Hopweg ten westen van Kuinre. Daar presenteerde Jetske wat mij betreft het fotografisch hoofdgerecht van de dag …
Waar zon is, is schaduw, zo ook bij de lampionnetjes. Ook deze tweede serie heb ik tijdens de kerstdagen gemaakt. Ditmaal heb ik de camera vooral gericht op lampionnetjes, die al wat verder in verval geraakt waren. Dat was niet zo moeilijk, want in totaal hangen er nu nog steeds 28 lampionnetjes in verschillende stadia. Die doorzichtige lampionnetjes zijn met dat ‘omhulsel van kant’ niet alleen zelf mooi, ook hun schaduw mag er zijn …