Er was al hard gewerkt langs de Geau, toen Jetske en ik maandag tegen het eind van de ochtend naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder liepen. Dat zei ik dan ook tegen de benjamin van het groepje vrijwilligers. Hij vertelde dat ze de wilgen langs het pad voor de helft knotten, zodat er weer meer ruimte is op de paden. De dikste takken worden elders weer gebruikt bij de aanleg van een scherm …
Ook de schermen langs het paadje naar de vogelkijkhut waren flink onder handen genomen. Dat was ook wel nodig, want het groeizame zomerweer had de wilgen aan alle kant flink laten uitlopen. Ook aan het paadje zelf was gewerkt. Nadat in de afgelopen winter en het voorjaar de kade rond de grote plas was verhoogd, was nu ook de toegang tot het paadje verhoogd. Dat was netjes afgewerkt met betonnen platen …
Eenmaal in de hut kwamen we al snel tot de conclusie dat er weinig leven te bespeuren viel rond de hut. In de lucht was mooi te zien dat er vanuit het zuidwesten ander weer op komst was. De eerste bewolking deed een poging om de zon af te dekken. Dat lukte nog niet echt, maar het zonlicht tekende wel een mooie schaduw van een vliegtuigstreep op het dunne wolkendek eronder …
Al jarenlang hebben de kabouters geen vriendjes meer in het dorp die ze af en toe eens wat helpt om hun stukje bos wat op te ruimen. Of iemand die ze eens wat opfleurt met een kwastje verf. Daarom gaat het kabouterpad sluiten, tenzij iemand het beheer ervan wil overnemen …
Helaas verdwijnt er steeds meer gemeenschapszin in onze gejaagde, zelfzuchtige maatschappij. Ik zou verschillende voorbeelden kunnen noemen, maar ik vind dit kleine voorbeeld treffend en triest …
Op weg terug van de vogelkijkhut naar de auto hoorde ik iets verderop met korte stoten het geronk van een motorzaag. Bijna terug bij het pad kon ik ook mannenstemmen horen …
Een aantal vrijwilligers en een betaalde kracht van de Friese natuurbeschermingsorganisatie ‘It Fryske Gea’ waren een stukje verderop bezig met het knotten van de wilgen daar. Nadat ze eerder de wilgen langs het pad al onder handen hadden genomen, waren nu de wilgen in het rietland aan de andere kant van de sloot kennelijk aan de beurt …
Dus denk bij het passeren van zo’n oude knotwilg niet dat het maar een oude dode boom is, waarvan de gaten als prullenbak bedoeld zijn. Nee, die voor ons landschap zo kenmerkende oude knotwilgen zijn in de loop der jaren vaak met zorg gevormd in een hechte samenwerking van moeder natuur en een legertje hardwerkende krasse knarren …
Waar zouden we zijn zonder alle actieve vrijwilligers?
Ik vrees dat er zeer grote problemen zouden ontstaan op het vlak van natuur, cultuur, sport, verenigingswerk, zorg & welzijn, politiek, wijk- en buurtwerk, sociale hulpverlening, onderwijs & scholing. Ik durf de stelling wel aan dat onze samenleving goeddeels in zou storten zonder vrijwilligerswerk.
Februari 2019 ging van start met een klein winters nabrandertje. Er viel wat lichte sneeuw en er volgden een paar nachten met lichte vorst. Met een laagste temperatuur van -1,2 ºC stelde het opnieuw niks voor. Nadat de tuin even weer een licht winterse aanblik had gehad, was het gedaan met de winter van 2018-2019.
Met een gemiddelde temperatuur van 6,4 ºC tegen 2,3 ºC normaal was februari record-warm. Met 26 mm neerslag tegen normaal 41 mm was het ook een droge maand …
Naar mate de tijd verstreek, stegen de temperaturen die maand tot uitzonderlijk hoge waarden. Op 25 februari zag ik bij Oudega de eerste koeien buiten lopen. De hoogste temperatuur van de maand verscheen twee dagen later op de thermometer in onze tuin: 18,8 ºC. Die dag maakten Jetske en ik voor de tijd van het jaar opvallend luchtig gekleed een fotokuier in de Jan Durkspolder. Op het pad naar de grote vogelkijkhut raakten we in gesprek met enkele vrijwilligers van It Fryske Gea, die de wilgen aan het knotten waren ….
Deze week neem ik jullie weer eens mee op een dwaaltocht door de Ecokathedraal bij Mildam. Ik ben daar tenslotte niet voor niets twee keer naar toe geweest in oktober. De eerste keer was ik er – zoals meestal – alleen. De tweede keer werd ik vergezeld door twee fotograferende dames. Kijk, daar komen ze net aan, mijn fotomaatje Jetske en haar zus Anna …
Al toen Anna mij in juli 2017 had meegenomen naar een plekje waar de uiterst zeldzame grote vuurvlinder zich liet zien, beloofde ik als wederdienst om haar op mijn beurt eens mee te nemen naar de Ecokathedraal. Zoals de vaste volgers weten, gooide de uiterst pijnlijke kwaal Acnes sindsdien regelmatig roet in het eten bij het maken van uitstapjes. Zo ook hiermee. Nu ik langzaam maar zeker weer de oude begin te worden, stelde Jetske onlangs voor om eens met z’n drieën naar de Ecokathedraal te gaan. Zo gezegd, zo gedaan …
Nadat we onder de ‘Porta Celi’ waren door gewandeld, richtten we ons eerst op het meest recente grote bouwwerk in de Ecokathedraal: de betonnen iglo. Deze iglo is net als de ‘hemelpoort’ en alle andere bouwwerken in de Ecokathedraal opgebouwd uit los op elkaar gestapelde betonnen stoeptegels en ander bestratingsmateriaal …
Omdat ik de iglo intussen al van binnen en van buiten ken, heb ik hem ditmaal maar eens wat hogerop bekeken. Er waren nu tenslotte twee vrouwen bij de hand die me na een val eventueel naar de weg zouden kunnen slepen. Nadat ik weer veilig met beide voeten op de bosbodem stond, nam Jetske de gelegenheid te baat om de iglo eens van binnen te bekijken …
Gisteren stond er weer een fotokuier met Jetske op het programma. Terwijl ik rond tien uur door het grijze landschap naar Overijssel reed, bedacht ik me dat een fotokuier in de eeuwig ruisende rietvelden in de Kop van Overijssel me in de koude wind niet echt aantrekkelijk leek, daarom bedacht ik een alternatief. Toen we even later aan de koffie zaten, stelde ik voor om weer eens een kijkje in de Ecokathedraal bij Mildam te nemen, daar zouden we in elk geval geen last hebben van de wind. Omdat we daar samen nog maar één keer waren geweest, stemde Jetske meteen in met dat plan.
Zelf was ik voor het laatst op 31 maart in de Ecokathedraal geweest. Toen werd er nog hard gewerkt aan een nieuwe toegangspoort, die er toen zo bij stond …
Zodra we gisteren aan het begin van de middag aan de Van Aylvalaan bij Mildam uit de auto stapten, zag ik dat de nieuwe poort intussen klaar is. Daarmee is de klus toch eerder afgerond dan de bouwers vooraf hadden gedacht. Toen in oktober 2013 met de bouw werd begonnen, spraken ze de verwachting uit dat ze er mogelijk twee jaar mee bezig zouden zijn …
Elke dinsdagochtend komen zes mannen in de Ecokathedraal bijeen om samen verder te bouwen aan het project, dat in de jaren zeventig is gestart door filosoof/’ecotect’/landschapsarchitect Louis le Roy (1924-2012). Zonder plan of tekening en zonder te metselen worden stenen en tegels opgestapeld tot indrukwekkende bouwwerken. Zodra een bouwwerk is afgerond, mag de natuur zijn gang gaan om het bouwwerk weer min of meer op te eisen …
In het programma “Hea” van Omrop Fryslân TV was onlangs een 4 minuten durend item te zien over de vrijwilligers die wekelijks in de Ecokathedraal aan het bouwen zijn. In deze opnamen is te zien hoe bijna de laatste hand wordt gelegd aan de poort, en tijdens een kleine rondgang door het complex wordt e.e.a. over de filosofie achter de Ecokathedraal verteld. Het item start op 4:00 in het filmpje over de Ecokathedraal en het is ook voor niet-Friestaligen goed te volgen …
Goed, genoeg gepraat …, het wordt tijd om door de “Porta Celi” te lopen, een naam die door een van de vrijwilligers wordt vertaald als “Hemelpoort”, zodat we verderop in de Ecokathedraal kunnen bekijken hoe de natuur en de oudere bouwwerken zich tot elkaar verhouden …
Voordat we het terrein verder verkennen, bestudeert Jetske de achterkant van de poort nog eens even goed …
De vakantietijd is nu ook hier voorbij. Aafje is vanmorgen weer met frisse tegenzin op de fiets gestapt om haar werk weer eens op te zoeken. Ook voor mij als bloggende MS-er is het tijd om het normale levensritme weer op te pakken. Hoewel ik de afgelopen weken wel rustig ben blijven bloggen, merk ik, dat ik de laatste tijd te weinig beweging heb gehad. Het is tijd om mijn dagelijkse fotokuiertjes weer op te pakken. En dat is vandaag meteen goed gelukt.
Tot het reguliere levensritme behoren ook de kuiers met mijn fotomaatje Jetske. Zij troonde me vandaag in twee etappes mee De Wieden in. Ik begin nu eens een keer met het mooiste en meest vermoeiende tweede deel: een kuier bij het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten bij St. Jansklooster. Een paar jaar geleden hebben Jetske en ik hier het Vlonderpad eens gelopen. Vandaag stond het Laarzenpad op het programma. Om dat Laarzenpad te bereiken, moesten we met een wankel trekpontje een vaart oversteken. Een schilderes had dit plekje uitgezocht om het landschap in aquarel vast te leggen …
Eenmaal aan de overkant liepen we een tijdlang door niets dan ruisend riet. Na enige tijd werd het geruis overstemd door een of ander machinaal geluid, en nog weer even later de bron ervan zichtbaar …
Bij de volgende vaart die het Laarzenpad kruist, was een aantal vrijwilligers van Natuurmonumenten aan het werk. We zijn even blijven staan om het werk in ogenschouw te nemen en wat foto’s te maken …
De mannen waren bezig met het vervangen van de walbeschoeiïng op de plaatsen waar het trekpontje aan wal kwam. Het was alleszins duidelijk dat het een pittige klus was. Vooral het lostrekken van de oude palen was zwaar werk …
Maar met vereende krachten lukte het toch om de oude palen aan de linkerkant op de wal te krijgen. Aan de rechterkant werd intussen het nieuwe houtwerk voor de walkant aan die zijde uitgeladen …
Nadat één van de mannen ons behulpzaam was geweest om het pontje hier naar toe te trekken, en vervolgens ook nog een helpende hand toestak bij het opstappen, vervolgden we onze weg aan de overkant van de vaart. Nou ja … ‘weg’ is hier een groot woord. Het trilveen deinde op verschillende plaatsen heerlijk onder onze voeten op en neer. Dat maakte het lopen er niet echt makkelijker op, integendeel, het begon al snel extra kracht van mijn benen te vergen. Gelukkig stond er na verloop een bankje naast het pad.
Daar hebben we een tijdje gezellig zitten keuvelen over ditjes en datjes. Over het riet heen turend trachtten we een inschatting te maken hoe het pad verder zou lopen, en hoe lang het ongeveer zou zijn. Na rijp beraad besloten we op safe te spelen, want mijn onderdanen maanden me tot voorzichtigheid. En dus stonden we een uurtje later weer bij het pontje waar de vrijwilligers nog steeds hard aan het werk waren …
We hadden best rond kunnen lopen, zei één van de mannen toen we de overkant weer droog hadden weten te bereiken. Ik vertelde dat ik het genoeg vond bij het bankje. Volgens één van de mannen waren we bij het bankje op de helft van de rondgang, maar dat vertrouwde ik eerlijk gezegd niet helemaal …
Het werk dat door deze mensen overal in het land op vrijwillige basis in de natuur wordt verricht kan wat mij betreft niet genoeg worden gewaardeerd. Zonder deze harde werkers zouden veel natuurgebieden niet of op zijn minst veel minder toegankelijk zijn. Hulde daarom voor deze vrijwilligers …
Bijna terug bij de auto hebben we het informatiebord bij de ingang van het bezoekerscentrum maar eens even bekeken … Toen zagen we dus dat het Laarzenpad 3 km lang is. Dat red ik zelfs niet als ik in topvorm ben. Misschien moet ik er toch maar ’n gewoonte van maken om eerst zo’n informatiebord eens te bekijken … 😉
Enfin, ik weet in elk geval weer dat mijn onderdanen het nog doen, en dat het best eens zou kunnen, dat ze morgen recht hebben op een eerste snipperdag na de vakantie. Het was de vermoeidheid weer dubbel en dwars waard, want het was een prachtige kuier …
Tot slot nog even een opmerking t.b.v. de betreffende vrijwilligers: mochten jullie belangstelling hebben voor één of meerdere foto’s in groter formaat, stuur dan maar even een mailtje, dan komt het helemaal voor elkaar.