In het Lauwersmeergebied

Dirk van het weblog ‘Fotografie als een rode draad door mijn leven had me voorafgaand aan hun vakantie ook gevraagd of ik hem en zijn vrouw Hilda iets kon laten zien van de overvloed aan vogels waar Fryslân bekend om staat. Dat zou wel eens lastig kunnen worden, want begin mei is niet de beste tijd om grote groepen vogels bijeen te zien …


Het Lauwersmeergebied leek me nog de beste kans te bieden, en dat werd bevestigd door mijn fotomaatje, die zoals bekend net wat meer vogelaar is dan ik. Toen we op de afgesproken dag bij het Uitkijkpunt Ezumakeeg Noord (Google Maps) arriveerden, waren er zoals min of meer verwacht maar weinig vogels te zien. De zoomlens kwam eraan te pas om in de verte wat vogels te kunnen zien …

Alleen een kuifeend, die verwoede pogingen leek te doen om zijn verwaaide kuif in de plooi te houden, kwam even wat dichterbij …

De fotograferende Vlaamse medeblogger leek zich ondanks het gebrek aan vogels prima te vermaken. Ik had gehoopt dat hij wel getroffen zou worden door de bijna oneindige ruimtelijkheid in dit gebied. Hier kun je het landschap in feite heel snel terugbrengen tot één enkele lijn, de horizon …

De vrouwen vermaakten zich overigens ook wel. Ook zij genoten van het landschap en ze hielden het wel pratend, toen ze even later op een van de riante banken met uitzicht neerstreken …

– wordt vervolgd

Vogelvaria

Nadat ik onlangs het filmpje over de ijsvogels had gemaakt, bedacht ik me dat ik in 2022 nog meer video-opnamen van vogels had gemaakt. Dat leidde ertoe, dat ik afgelopen weekend een filmpje over wat vogelvaria heb gemonteerd.

‘Vogelvaria 2022’ is een videografisch overzicht van vogels die ik in 2022 voor de lens heb gehad. Met achtereenvolgens smienten, merels, een koolmees, klepperende ooievaars, parende ijsvogels, een nijlgans met een kuiken, een jonge lepelaar die de kolonie ontvlucht, twee juveniele kiekendieven in de bomen en in het water, een paar foeragerende witgatjes, badderende mussen, een onbekende eend, pootjebadende kieviten, gakkende grauwe ganzen, een meeuw en een blauwe reiger bij een karkas in de polder …

Bij een broekbos

Na enige tijd hadden we het bij de Uitkijkpunt Ezumakeeg wel gezien. De meest interessante vogels zaten te ver weg voor onze camera’s …


We besloten nog een stukje verder te rijden om nog wat meer rond te kijken. Al snel kwamen we bij een soort broekbos terecht waar de bomen met hun voeten diep in het water stonden. Aan de rand daarvan bevonden zich vooral bergeenden en wilde eenden …

Jetske meende intussen aan de overkant van de weg iets boven het veld te zien vliegen …


Wat ze daar zag, weet ik niet, maar een lekker fleurig en kruidenrijk veld was het zeker …

Een met een wijde boog om ons heen vliegend visdiefje trok de aandacht na enige tijd op natuurlijke wijze weer terug naar het water …


Verderop in het water waren enkele foeragerende kemphanen en een paar slapende bergeenden te zien. Ook hier zaten de vogels eigenlijk weer net wat te ver weg. Een passerende kievit bracht daar verandering is. Met die kievit open ik morgen het laatste deel van deze serie over ons ritje door het Lauwersmeergebied …

Bij Uitkijkpunt Ezumakeeg

Na afloop van onze kuier bij Dokkumer Nieuwe Zijlen besloten we nog even een stukje Nationaal Park Lauwersmeer in te rijden. Bij het afleveren van haar pakketje had Jetske namelijk op de valreep nog een tip gekregen over een uitkijkpunt niet veel verderop …

En dat bleek ook inderdaad te kloppen. Korte tijd later stonden we ca. 5 km noordelijker bij het Uitkijkpunt Ezumakeeg Noord (Google Maps). Bij Dokkumer Nieuwe Zijlen was de jas niet nodig geweest, maar vanwege de straffe noordelijke wind die er over de vlakte blies, kon hij hier wel aan …

Je kunt hier naar verluidt veel verschillende vogels zien, waaronder ook dwaalgasten, die hier komen om te foerageren of om te overnachten. Er zijn veel steltlopers en eenden zijn te vinden, maar ook een keur aan andere vogels. Met een beetje geluk maak je zelfs kans om er een zeearend te spotten …

Wij kregen er op dat moment vooral zwanen, ganzen en diverse eenden te zien. In de verte stonden wat kluten en grutto’s te foerageren. Het was vooral de wind die ons die dag parten speelde. Daar hadden wij niet alleen last van, maar ook voor de vogels was het niet prettig, vermoed ik …

Of het daarmee een mislukte missie was? Nee hoor, integendeel, want het weidse open landschap van het Lauwersmeergebied is ook zonder spectaculaire vogelfoto’s zeker de moeite waard. Morgen wat meer daarvan …

Honderden smienten

Na de fotosessies met de reeën en het spel van zon, wind en wolken reden we naar het eind van de weg, waar fotomaatje Jetske de auto parkeerde. Daarna liepen we naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder…

Vooral wolken en water bepaalden in eerste instantie het beeld. In de verte dobberden enkele honderden smienten op het water. Meestal zitten ze helemaal aan de zuidkant van de plas, ver weg van gluurders in de kijkhut. De zuidwestelijke wind voerde ze die dag echter steeds verder in onze richting …

De smienten, die ook wel fluiteenden worden genoemd, brengen hier de winter door. In het vroege voorjaar trekken ze naar hun broedgebieden in Scandinavië en Siberië. Waarom ze ook wel fluiteenden worden genoemd, ontdekten we even later …

Op het moment dat we ze net wat beter konden bekijken, ging het hele spul luid fluitend op de wiek. Ze vlogen een klein stukje naar het zuiden en landden daar weer op het water. Zodra ze opnieuw te dicht bij ons dreigden te komen, vlogen ze weer op. Dat spel herhaalde zich een aantal keren, en dat leverde vooral tegen de achtergrond van de boerderij en de windmotor mooie beelden op …

Brilduikers in de polder

Het eerste ritje van dit jaar bracht me op 3 januari meteen weer naar de Jan Durkspolder. Sinds een jaar of vijf vind ik de streek ten noorden van Drachten aantrekkelijker dan de zuidelijke regio. Rond de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder valt eigenlijk altijd wel iets te zien …

De laagstaande zon maakte het die dag niet gemakkelijk om vanuit de vogelkijkhut over de plas uit te kijken. In eerste instantie leek er niets noemenswaardigs te zien. Dat veranderde gelukkig na een minuut of vijf. Een paar kleine eendjes trotseerden de straffe tegenwind en kwamen vanaf de oostkant in beeld …

Het waren mooi zwart-wit getekende eenden, maar van de soortnaam had ik geen idee. Op dat moment stak de voorzienigheid me een handje toe. Een viertal wandelaars betrad de hut. Terwijl drie van hen aan de westkant gingen zitten, kwam de vierde bij het kijkvenster naast mij staan. Daar haalde hij een compacte verrekijker tevoorschijn …

“Niet veel te zien, hè …,” zei één van de drie. “Nee, alleen wat brilduikers,” antwoordde de man naast me. Kijk, dat soort mensen, daar heb je wat aan. “Dankjewel,” zei ik, “ik had ze al gespot, maar ik kende ze niet van naam.” Brilduikers dus, een soort die op de rode lijst staat, heb ik nadien ontdekt. De vier wandelaars hielden het meteen weer voor gezien en verlieten na een vriendelijke groet de hut om hun wandeling naar Earnewâld te vervolgen …

Nadat een slobeend nog even mooi voor mijn positie langs flitste, vond ik het ook welletjes. Mijn dag was met het vastleggen van de brilduiker als nieuwe soort en deze fraaie passage van de onderstaande slobeend (ook al een vogel die op de rode lijst staat) alweer helemaal goed …