Vanaf de Headammen reden Jetske en ik een paar kilometers noordwaarts om te bekijken of er in de Jan Durkspolder ook iets van ijspret te zien viel. Dat viel niet tegen …
De ijsvlakte rond de grote vogelkijkhut lag er stil en verlaten bij. Normaal gesproken wordt hier door de IJsclub Lyts Begjin een baan uitgezet en worden er kluunbruggen gebouwd waar schaatsers de sloten en de weg tussen beide ijsvlakten veilig kunnen oversteken. De fundamenten van één van de kluunbruggen kun je op de meest rechtse foto hieronder zien …
Hoe ze het gedaan hebben, weet ik niet, maar nu er geen baan op de ijsvlakte was uitgezet, kwamen er schaatsers over het sneeuwijs in de sloot op de onderstaande foto deze kant op …
Daar moest bij gebrek aan tapijt op de weg op alternatieve manier gekluund worden. Terwijl Jetske en ik het groepje van beide kanten in beeld namen, zakte een schone blondine die de beschermhoezen van haar schaatsen niet bij zich had, vlak voor me door de knieën.
“Ga je me eindelijk een aanzoek doen …?” vroeg ik lachend. Dat bleek niet de bedoeling te zijn, lachend kroop ze naar de overkant van de weg, waar ze op haar vrienden wachtte …
Maar er waren meer schaatsers die van zuid naar noord wilden oversteken. De jongedame op de foto hieronder liet haar metgezellen verder schaatsen, terwijl ze zelf aanstalten maakte om over te steken …
Ze besloot eerst nog een stukje door de berm te lopen, daarna maakte ze de oversteek op een wel heel bijzondere manier. Alsof ze nooit anders had gedaan, kloste ze zo met het metaal van haar schaatsen over het ruwe asfalt.
“Wat tochtst, moarn taait it dochs …?” (“Wat dacht je, morgen dooit het toch …?”) riep ik haar na. Lachend ging ze aan de andere kant op in de drukte …
Na een laatste blik over de noordelijke ijsvlakte, stelde ik Jetske voor om nog even bij de Leijen te kijken …

– wordt vervolgd –
Er zat niets anders op dan mijn tocht naar achteren maar gewoon voort te zetten. Misschien zou ik verderop een droog plekje kunnen vinden waar ik even zou kunnen gaan zitten. En dus ging ik tussen de twee massieve torens door om over het lange rechte pad naar achteren te lopen …
Af en toe draai ik me even om, zodat ik de hoge, op Inca-tempels lijkende tempels van beide kanten in beeld kan nemen. Zo vaak ligt er geen fotogenieke laag sneeuw, dus dat moet weer even goed worden gedocumenteerd …











Vanuit de richting van de Headamsbrug naderden af en toe groepjes schaatsers. Waar zij precies waren opgestapt werd me niet helemaal duidelijk. Wel moesten ze om verder te kunnen schaatsen richting Earnewâld een stuk klunen. Voor wie behoefte had aan een warme versnapering stond er een koek en zopie …
Zonder dat het over hem hadden gehad, hielden Jetske en ik hem enige tijd later allebei een tijdje in de zoeker, want was hij geconcentreerd bezig …
Oud en jong gaf acte de présence, de één met een muts, de ander heel verstandig met een helm. Junior had de slag al goed te pakken op zijn moderne houtjes. Die is een volgende keer aan zijn eerste noren toe …






Zoals de meeste volgers inmiddels weten, is de Ecokathedraal door het jaar heen altijd al één van mijn favoriete plekjes om foto’s te maken. Maar met wat sneeuw wordt het er nog veel mooier. Vaak geven sierlijke sneeuwrandjes de gestapelde bouwwerken extra cachet.Maar kom, we gaan op pad.
Van feeërieke sneeuwrandjes zoals ik ze hier in het verleden wel heb gezien, is na de sneeuwjacht wat minder sprake. De wind heeft meer dan anders bepaald waar sneeuw zich mocht ophopen en waar het voortdurend werd weggeblazen …
Even een kijkje van dichterbij, want de tussen de spleten geblazen sneeuw levert hier wel sierlijke dunne randjes op, zoals ik ze graag zie …