Wat aalscholvers en ’n kievit

Nadat we uitgebreid met zijn drieën hadden bijgepraat met koffie en koek, stapte Aafje tegen het eind van de ochtend op de fiets om boodschappen te gaan doen. Fotomaatje Jetske en ik stapten in de auto om een ritje door de omgeving te maken. Jetske stelde voor om eerst maar even bij de Leijen te kijken, misschien zouden de baardmannetjes zich daar nu wel willen laten zien …

Ongeacht of we liepen of stil bleven staan, er was geen vogel te horen of te zien, terwijl we langs het rietland in de richting van de vogelkijkhut liepen. Diep in de kraag weggedoken kwamen we bij de vogelkijkhut aan. Behalve grijs was het ook echt waterkoud. Warmer dan 4°C was het zeker niet …

De enige vogels die we vanuit de hut te zien kregen, waren enkele aalscholvers die in de laatste boom zaten die nog rest van het eilandje midden in de Leijen …

We hadden het al snel bekeken in de hut. Terug bij de auto besloten we eerst onze broodjes maar eens op te eten. Meestal leven we tijdens onze tochtjes op water en (goed belegde) broodjes. Gisteren verraste Jetske me met een beker vers geperst sinaasappelsap. Daarna besloten we nog maar even naar de Jan Durkspolder te rijden. Jetske kreeg bij Earnewâld nog een zeearend in beeld …

Ik stelde me een 3 km verderop tevreden met een kievit, die in een weiland langs de Alle om Slachte stond. Het zal een noorderling zijn, die hier hoopt te kunnen overwinteren. Als je goed kijkt, kun je bij gebrek aan zon nog net iets van de glans van zijn verendek zien …

– wordt vervolgd

Windmotor met weerspiegeling

Ik ontdekte nog een paar zonnige foto’s uit eind oktober. Nadat het ’s ochtends grijs en bewolkt was, brak de lucht halverwege die middag nog even open …

Ten noorden van Earnewâld heb ik op dat moment even een korte tussenstop gemaakt om een paar foto’s te maken van de windmotor aan de Hooiweg met zijn weerspiegeling …

Mossen en korstmossen

Het was zwaar bewolkt toen ik maandagochtend na de koffie in de auto stapte om even een ritje te maken. Even weer de horizon zien en wat frisse lucht opsnuiven. Ik besloot eerst even naar de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen te rijden …

Het was stil rond de hut, heel stil. In de verte zaten een paar aalscholvers in de top van de laatste boom van het eilandje de Kninepôle, daarmee was het gezegd voor wat betref de vogels ter plekke.

Om toch wat foto’s te maken, heb ik de camera eens gericht op de rijkelijk met mossen en korstmossen begroeide zijkanten van het vlonderpad …

Nadat ik deze mosculturen in beeld had gebracht, besloot ik terug te lopen naar de auto. Ruim voorbij het vlonderpad, hoorde ik vanuit het bijna manshoge riet een groepje vogels zingen. Toen Merlin Bird ID me even later wist te vertellen, dat het baardmannetjes waren, was ik meteen attent. Hoe goed ik ook keek, ik kreeg ze niet te zien. Zodra ik in beweging kwam, begonnen zij te vliegen en te zingen …, bleef ik stilstaan, dan doken zij stil het riet in …

Dat spel hielden zij langer vol dan ik …

Bij de Duurswouderheide

Een plekje waar ik als het even kan elk najaar een korte fotokuier maak, is de zuidkant van de Duurswouderheide. Aan de andere kant van de heide is het met mooi weer vaak te druk, maar aan deze kant is het eigenlijk altijd lekker rustig …

Vanaf het wandelpaadje krijg je al snel zicht op het grote ven aan de zuidkant van de heide, de Waskmar. Er naar toe lopen gaat niet, want met uitzondering van een pad halverwege de heide is het heide- en vennengebied omgeven door prikkeldraad …

Jarenlang heb ik er een gewoonte van gemaakt om hier tamme kastanjes te zoeken. Het was vaak een pijnlijk klusje om de kastanjes uit hun ruwe bolster te halen. Maar dat leed was alweer vergeten, zodra ik de eerste gepofte kastanjes had geproefd. Ditmaal had ik helaas geen plastictas bij me, daarom heb ik nu eens alleen wat foto’s gemaakt van de kastanjes. Toch jammer dat ik er niet wat van mee kon nemen …

Omdat ik na mijn gymnastische oefeningen om de kastanjes te fotograferen weer redelijke makkelijk overeind kwam en de benen nog goed aanvoelden, besloot ik nog even door te lopen tot voorbij de rij boompjes links van het pad …

Mooi dat ik weer aan het berkje op de oever van de Waskmar toe kon komen. Daar heb ik nog even genoten van het uitzicht over het ven en de leegte van de overwoekerde heide daarachter. Daarna was het tijd om terug te gaan …

Honderd jaar Louis le Roy

Vandaag is het honderd jaar geleden dat Louis le Roy (1924 – 2012) werd geboren. Hij was een tuinarchitect, beeldend kunstenaar, schrijver, professor honoris causa en leraar tekenen. Hij noemde zichzelf een ‘ecotect’. In Heerenveen en omgeving werd hij ook wel ‘de wilde tuinman’ genoemd. Hij is de grondlegger van de Ecokathedraal die hij bouwde bij Mildam …

In Museum Heerenveen wordt van 26 oktober 2024 t/m 2 februari 2025 de tentoonstelling ‘100 jaar is niets!’ georganiseerd. De tentoonstelling gaat over leven, werk en nalatenschap van Le Roy. De tentoonstelling vertelt het verhaal van het ecokathedraaldenken op een vernieuwende manier aan een breed publiek om samen de wereld een beetje mooier te maken …

Zijn pleidooi voor een duurzame creatieve interactie tussen planten, dieren en de mens rekt niet alleen de grenzen van de kunst op. Louis le Roy liep ook vooruit op het ecologische denken van vandaag. Centraal in zijn ideeën staat dat de mens de natuur niet moet beheersen, maar samen moet werken met haar groeikracht om zo de hoogste graad van complexiteit te bereiken. Deze complexiteit vereist niet een korte periode, maar een langdurige interactie tussen mens en natuur. Vandaar de titel: ‘100 jaar is niets’

Deze foto’s heb ik allemaal gemaakt tijdens mijn eerste bezoek aan de Ecokathedraal in november 2002. Dwalend tussen steen en natuur werd me al snel duidelijk wat Le Roy bedoelde wanneer hij het had over ‘Het begint met chaos, maar alles krijgt een plek.’ In het voorste deel van het stuk bos lagen grote bergen steen en beton, hoe verder ik naar achteren liep, hoe imposanter de door Louis le Roy zelf gestapelde bouwwerken werden. Hier had hij op dat moment al ruim 30 jaar aan gewerkt …

Toen ik uiteindelijk na een lange zwerftocht terugkwam in het voorste deel, werd ik daar opgewacht door de mooie muisgrijze poes, die eerder die middag mijn pad ook al had gekruist. Hij kwam letterlijk en figuurlijk poeslief bij me op schoot zitten, toen ik lekker op een muurtje ging zitten. Terwijl ik mijn eerste toch wel overdonderende kennismaking liet bezinken, bleef de poes nog geruime tijd lekker bij me zitten …

Het was liefde op het eerste gezicht. Gelukkig niet voor die poes, want die heb ik later nooit meer teruggezien, maar wel voor de Ecokathedraal. Wat een bijzonder plek!

Ik sluit af met deel 1 van mijn serie ‘Ecokathedrale fotokuiers’. Er zouden nog talloze volgen, 40 van die fotokuiers staan hier op YouTube

De honderdste geboortedag van Louis le Roy wordt o.a. gevierd met een

Paddenstoelen langs ’t pad

Nadat ik een tijdje lekker op één van de bankjes bij het Witte Meer had zitten genieten van het uitzicht, werd het tijd om de terugweg te aanvaarden …

Links en rechts om me heen kijkend, zag ik onderweg nog heel wat paddenstoelen langs de paden staan. Geen namen, geen bijzondere standpunten, alleen foto’s …

Toen ik enige tijd later terug was op de parkeerplaats, zag ik deze kleine witte paddenstoel vlak achter de auto staan. Het was een mooi slot van een lekker, maar toch weer pittig fotokuiertje …

Naar het Witte Meer

Behalve bij Heidehuizen ga ik in het najaar ook graag even het bos in bij de parkeerplaats aan de Poostweg bij Olterterp. Toen ik er vorige week dinsdag was, kleurden de beuken aan de Scherpschutterslaan nog vooral groen. De kruinen waren al goeddeels kaal, een teken van achteruitgang van de bomen …

Terwijl ik even later over een zijpad naar het Witte Meer liep, glinsterden de natte takjes en twijgen vrolijk tussen gekleurde herfstbladeren in het zonlicht …

Een etage lager lagen duizenden druppels in het tegenlicht op het mos te fonkelen als kleine diamantjes …

Al snel naderde ik de materiaalcontainer van de ijsclub op de oever van het Witte Meer. Deze prachtig gelegen plas in het bos fungeert namelijk in echte winters als de ijsbaan van Beetsterzwaag. Ik heb daar twee jaar geleden al eens wat over geschreven: ijsbaan de Wite Mar

Ik heb een tijdlang lekker op het bankje op de eerste foto hieronder gezeten. Afgezien van een paar passanten die over het vlonderpad wandelden was ik er helemaal alleen …