De gaai bij de buren

Sinds enige tijd wordt de buurt weer onveilig gemaakt door een gaai, die regelmatig luid krijsend of krassend overvliegt om vervolgens ergens neer te strijken waar wat te bikken valt. Vanuit de warme woonkamer lukte het vorige week donderdag om voor het eerst een paar foto’s van hem te maken. Dit is één van die foto’s …

Hoewel de meeste reacties luidden dat het mooie foto’s waren, was ik er zelf niet helemaal tevreden over. Voor mijn gevoel gaan er toch wat details verloren door het HR++ glas in de schuifpui. Daarom besloot ik aan het eind van dat logje om de strijd aan te gaan, ten einde hem buitenshuis te kunnen verrassen. Henk Jonkvorst liet nog even subtiel weten, dat het dan toch wel mooier zou zijn om zo’n vogel staand op een tak te vereeuwigen dan hangend aan een voedernetje. Kortom: ‘the game was on …’

Vanaf dat moment ging ik regelmatig even naar buiten om een tijdje rustig tegen de muur van de bijkeuken leunend het voederhoekje achter in de tuin in de gaten te houden. Zo ook zaterdagmiddag even na tweeën, amper 3 uur nadat Henk zijn suggestie had gedaan. Veel interessants viel er ook op dat moment weer niet te zien, maar de aanhouder wint …

Ik voelde het eerder dan dat ik het zag …, een beweging in één van de bomen bij de buurvrouw scheef achter ons. Zodra ik hem zag, richtte ik mijn camera in die richting. Daar stond de gaai op de tak van een boom. Eerst nog met de kop zijwaarts van me afgewend, maar vrijwel meteen richtte hij zich op en draaide met iets in zijn snavel parmantig mijn kant op. De foto hierboven en twee hieronder zijn de eerste 3 van een serie van 8. Daarna vloog hij weg, mij gelukkig achterlatend ,,,

Volgende oefening: ‘vang’ de gaai op een boomtak met een mooiere achtergrond.   🙂

De earrebarre is der wer

Hoewel het zicht bepaald niet optimaal was, kon ik al van ver te zien dat er een ooievaar op het paalnest langs de Bolderen ten noordoosten van Earnewâld stond. Die was knap vroeg terug, bedacht ik me, toen ik daar donderdag langs reed … Ik vervolgde mijn rondje om eens te zien of er in de buurt van de grote gaswinningslocatie dichter bij Earnewâld ook al ooievaars terug waren. Het was onvoorstelbaar, maar vrijwel alle paalnesten – en dat zijn er zeker een stuk of 10 – waren al bezet. Verder zwierven er in de omgeving enige ooievaars rond, die vooral in hooi- en rietlanden hun kostje bijeen probeerden te scharrelen. Kortom: de ooievaar is terug, oftewel in goed Fries: de earrebarre is der wer …

 

Eén zwaluw maakt nog geen zomer, zo luidt het gezegde. Dat geldt naar alle waarschijnlijkheid ook voor de ooievaar, zo valt in de volgende alinea te lezen. Maar nu er al zoveel ooievaars terug zijn op hun thuisbasis, zou je zeggen dat het voorjaar nooit ver meer kan zijn. Dit temeer omdat een krachtige westelijke stroming alles wat maar even op winter lijkt in zo ongeveer heel Europa van de kaart veegt. In tegenstelling tot 2012 wijst tot dusver niets op serieus winterweer …

In 2012 heb ik de eerste ooievaar in deze omgeving al op 14 januari gesignaleerd, maar dat bleek bij nader inzien niet zo’n handige keuze van die eigenwijze eenling. Er was op dat moment voor de lange termijn mogelijk winterweer in het vooruitzicht gesteld. En dat bleek in dat geval ook echt uit te komen. Na twee maanden uitermate zacht winterweer kwam er eind januari een omslag. Van 30 januari t/m 8 februari was er sprake van de 33e officiële koudegolf in ons land sinds 1901. Een mogelijke Elfstedentocht op de schaats deed vele harten zelfs even sneller kloppen. Mijn volledige verslag met foto’s en grafieken over de betreffende winterperiode valt te zien en te lezen op: Weerbeeld februari 2012 …

 

’t Grijze weer beu

Om toch af en toe wat anders te zien dan de tuin, heb ik gisteren weer eens een ritje gemaakt in de buurt van Oudega en Earnewâld. In fotografisch opzicht mocht ik niet mopperen, maar desondanks ben ik zo langzamerhand wel een beetje klaar met het grijze weer. En volgens mij dacht een fazant in stuk hooiland er ook zo over. Nadat ik de auto in de berm had laten uitrollen om een paar foto’s van hem te kunnen maken, bleef hij chagrijnig zitten waar hij zat. Uiteindelijk was ik degene die het eerst weer vertrok, en dat komt niet zo gek vaak voor bij fazanten …

Een gaai in de tuin

Sinds enkele dagen hebben we regelmatig een gaai op bezoek …

We zijn nog geen vrienden, want ik hoef maar naar de achterdeur te wijzen of hij is alweer weg …

De foto’s heb ik vanuit huis gemaakt en daar ben ik niet echt tevreden mee …

Dat kan beter en dat moet beter. Er zit niks anders op dan de strijd maar aan te gaan om hem te verschalken …

Zaaddoosjes

Zeker met het zachte weer krijg ik er steeds meer lol in om wat in de tuin rond te scharrelen met de camera. Voor wie het wil en kan zien, valt er eigenlijk altijd wel iets te fotograferen …

En dat hoeft niet eens altijd leuk en levendig groen of anderszins kleurig leven te zijn. Ook dood materiaal kan erg mooi zijn. Zondagmiddag viel mijn oog op een paar fotogenieke zaaddoosjes …

Mos beter bekeken

Nadat ik zondagmiddag wat foto’s had gemaakt van het mos in de aardbeienpot op de regenton, heb ik me gisteren op een deel van het mos bij de vijver gericht. Daar groeien her en der ook diverse mossoorten. De onderstaande foto’s heb ik gemaakt op de grens van vijver en terras …

Om te beginnen groeit daar vrij veel mos. Maar het is vooral ook de best bereikbare plek om eens diep door de knieën te gaan voor dit laag-bij-de-grondse plantje. Om mos goed te kunnen bekijken, moet de macro(voorzet)lens eraan te pas komen. Hoe klein de meest interessante delen van mos zijn, kun je op de foto rechtsboven goed zien. Daar kun je in de hoek linksonder wat kleine roodbruine puntjes in het groene mos zien, dat zijn de zogenaamde sporendoosjes. Vergelijk die nu eens met het formaat van de hazelnoot die rechtsboven in beeld te zien is …

We hebben het hier over gewoon dikkopmos, een van de meest voorkomende mossoorten in ons land. Het is makkelijk herkenbaar aan de kleine roodbruine sporendoosjes die als bloemetjes bomen het groen uittorenen. In die doosjes zitten de sporen. Aan het eind van de winter gaan die doosjes open, waarna de sporen zich door de wind laten meenemen, op zoek naar nieuwe groeiplekjes. De doosjes zitten nu nog dicht, en dan vind ik ze het mooist. Door de macrolens laten ze zich goed bekijken, zelfs op een donkere dag als gisteren kun je zien hoe fijn en hoe kleurig dit kleine spul is opgebouwd. Nog regelmatig vol verwondering, raak ik daar eigenlijk nooit op uitgekeken …

 

Mosculturen in een pot

Ooit droeg hij rondom vrolijk blozende zomerkoninkjes …

Die tijd is echter al lang voorbij. Tegenwoordig huisvest de voormalige aardbeienpot op onze regenton voornamelijk mosculturen. Wat minder kleurrijk, maar goed bekeken toch niet minder mooi …