Nadat ik in de zomermaanden af en toe nauwelijks 50 meter kon lopen, omdat de warmte alle kracht uit mijn door MS geplaagde lichaam leek te zuigen, kom ik sinds vorige week langzaam maar zeker weer wat tot mezelf. De lagere temperaturen rond de 20°C van de afgelopen week deden me duidelijk goed. Het is alleen zo jammer dat de temperaturen nu meteen weer doorslaan naar de andere kant. Want met de maxima van 10-13°C dit weekend kan ik ook weer niet echt uit de voeten.
Afijn, een langeafstandsloper zal ik wel nooit meer worden, maar ik ben al lang blij, dat ik afgelopen week weer eens op mijn gemak een paar fotokuiertjes kon maken op vreemd terrein, zoals bij de oude begraafplaats. Dat biedt weer wat hoop voor de toekomst, en daar had ik in de zomer wel eens zo mijn twijfels over …
Verder ben ik onlangs weer eens bij de neuroloog geweest. Dat was om meerdere redenen al langere tijd geleden. Daarom heb ik nu een herstart gemaakt met een nieuwe neuroloog en een nieuwe ms-verpleegkundige. Met beide heb ik inmiddels een goed eerste gesprek gehad. Een vraag van mij om een bepaald medicijn te mogen proberen, dat direct gericht is op het loopvermogen, viel in goede aarde bij de neuroloog. De beoordeling daarvan is intussen gestart. Binnenkort mag ik eerst weer eens een uurtje in MRI liggen, dan zien we op basis daarvan wel verder.
Het beeld op de bovenstaande foto zal ik in de wachtkamer bij de afd. Neurologie de komende tijd nog wel vaker zien. Maar dat is prima, het belangrijkste is dat ik voorlopig hopelijk weer verheugd licht bergop voort kan gaan, al zal het evenwicht wel wankel blijven …
Dat het een warme en droge zomer was, is intussen een open deur. Nu ik alle cijfertjes op een rij heb gezet en daar wat grafiekjes van heb gemaakt, weet ik nu heel aardig hoe de zomer in ons tuintje ongeveer is verlopen. Om te beginnen het meest eenvoudige temperatuurgrafiekje, hierin staan per maand en daarnaast over de hele zomer de gemiddelde temperaturen. Rood staat voor de gemiddelde temperatuur in ons tuintje in 2022, blauw staat voor de gemiddelde temperaturen in onze tuin over de periode 1971-2000. Iedere zomermaand verliep dit jaar duidelijk warmer dan normaal. De gemiddelde temperatuur kwam in ons tuintje uit op 18,6°C. Daarmee was deze zomer hier 3 graden warmer dan de gemiddelde zomer in de periode 1971-2000 …
In de tweede grafiek zijn de maximumtemperaturen per dag te zien. Daaruit valt te leren dat we hier deze zomer 75 warme dagen (20°C of warmer) hadden, over de periode 1971-2000 telde de zomer gemiddeld ca. 49 warme dagen. We hadden 22 zomerse dagen (25°C of hoger), tegen ca. 15 in de periode 1971-2000. Tot slot heb ik in ons tuintje 7 tropische dagen (30°C of hoger) kunnen noteren, tegen ca. 3 in de periode 1971-2000. De warmste dag was 19 juli met de absolute recordtemperatuur van 35,6°C …
Dus ja, het was warm. Hoe warm? Wel, in mijn meetreeks van 2003-2022 is de zomer van 2022 met gemiddeld 18,6°C met stip binnengekomen op nr. 2. Alleen de zomer van 2018 was met 18,8°C warmer. En dat geldt niet alleen voor ons tuintje, ook volgens het KNMI in De Bilt was de zomer van 2018 net wat warmer …
Van de temperaturen stappen we over op de neerslagcijfers. Van 1 juni tot 1 september viel er maar 166 mm regen in onze tuin. In de periode 1971-2000 was dat gemiddeld ongeveer 200 mm. Hoewel het een droge zomer was, hadden we hier in het noorden nog het geluk dat juni met 101 mm een relatief natte maand was. Maar intussen zijn we wel weer aan een buitje toe …
Het volgende grafiekje laat per dag de neerslagcijfers in onze tuin zien. De natste dag was 6 juni, toen er ruim 28 mm regen viel. Daarna werd ’t geleidelijk droger. In Fryslân hebben we nu een neerslagtekort van ca. 200 mm …
Het laatste grafiekje toont de jaarlijkse neerslagcijfers over de periode 1971-2000. Alleen in de zomers van 2003, 2018 en 2019 viel er minder regen in ons tuintje …
Persoonlijk slotwoord
Tot zover de cijfers, waar afgezien van misschien een tik- en rekenfoutje weinig op af te dingen valt. Ik sluit af met een wat meer persoonlijke noot. Wat die warmte met mij doet, is niet meetbaar. Maar laat ik ervan zeggen dat het voor mij echt veel te warm was. Het was weer een flink tikkie erger dan in de horrorzomer van 2020. MS en warmte zijn geen vriendjes. Dat wist ik al, toen we na de diagnose in 2004 van de neuroloog het advies kregen om in de vakanties maar niet meer af te reizen naar Zuid-Frankrijk. Dat hebben we sindsdien ook niet meer gedaan. Maar de warmte van Zuid-Frankrijk lijkt sindsdien echt ieder jaar dichterbij te komen, en vluchten kan niet meer.
De warmte heeft deze zomer voor het eerst echt een langdurige verlammende en doodvermoeiende werking op mijn hele lijf gehad. En dat is nog steeds niet voorbij. Aanvoer van drie maanden warmte zal zeker een maand met temperaturen rond de 20°C of lager vergen om die warmte weer te laten afvloeien, schat ik. Terugkomen op het niveau van voor de zomer, zal zeer waarschijnlijk niet meer lukken, tenzij de neuroloog nog nieuwe mogelijkheden ziet. We gaan het zien. Intussen blijf ik, zoals ook in de afgelopen zomer, mijn best doen om te blijven bewegen en fotograferen. Ik zal wat vaker een greep in mijn archief doen en de tuin zal hopelijk inspiratie en mogelijkheden blijven bieden, zoals dat zelfs op de warmste dag van het jaar het geval was met de onderstaande foto’s …
Pas nadat ik de foto van de pootje badende hooglanders gisteren had gepubliceerd, herinnerde ik me dat er nog een verhaal achter die foto zit.
De foto is net als die van vandaag gemaakt op 14 september 2006. Het was een warme dag, maar desondanks besloot ik voor het eerst eens een fotokuier te maken bij de Dellebuursterheide (Google Maps). Ter plekke ontdekte ik, dat ik eerst bijna een kilometer over een lang recht pad moest lopen, voordat ik op de heide was. Dat was een tegenvaller, maar gelukkig kon ik die afstand toen nog vrij makkelijk hebben. Eenmaal op de heide bleef ik het pad langs de heide een stuk volgen, totdat ik een bankje in de schaduw vond. Daar ging ik even lekker zitten om van het uitzicht over de heide te genieten. Na enige tijd hoorde ik vlak achter me plotseling een krakend en snuivend geluid. Toen ik me omdraaide, sloeg de schrik me even om ’t hart, Ineens zat ik oog in oog met de onderstaande gedaante …
(Door op de één of andere manier op de foto te klikken, kun je hem op bijna angstwekkend groot formaat bekijken)
Het kan net zo goed 10 tellen als een volle minuut hebben geduurd, maar op enig moment besloot ik de bovenstaande foto van hem te maken. Hij snoof nog eens en daarna liep hij langs mij en het bankje om rustig sjokkend zijn weg in de richting van een ven op de heide te vervolgen.
Toen ik even later langs het ven liep, heb ik een serie foto’s van de hooglanders in het verkoelende water gemaakt. Op dat moment zag ik ook de auto van It Fryske Gea naderen, waarvan de medewerker bezig was geweest met het opnemen van de waterstand op diverse plaatsen in het gebied. Omdat onze paden elkaar een stuk verderop zouden kruisen, zette ik de stap er even goed in om hem een lift naar de weg te kunnen vragen.
Het ritje naar de weg was mijn geluk die dag. Ruim een kilometer naar de parkeerplaats lopen zou een enorme klus geworden zijn. Voor zover ik me herinner was het de eerste keer sinds de diagnose MS twee jaar eerder, dat ik mezelf flink tegen ben gekomen bij warm weer. Sindsdien ben ik een stuk voorzichtiger geworden. Bij temperaturen van 25°C of hoger begin ik niet meer aan fotokuiertjes, zeker niet in mijn eentje.
Bij de Dellebuursterheide ben ik sindsdien niet meer geweest, het is een prachtig gebied, maar dat lange rechte pad van bijna een kilometer is tegenwoordig ook zonder warmte al een onoverkomelijke hindernis.
Aan het begin van de middag trok er gisteren een heel klein buitje over onze tuin. Toen ik op het terras probeerde om daar wat foto’s van te maken, kwam ik bedrogen uit. De druppels verdampten vrijwel meteen op de warme terrastegels. Dat leverde dus nog geen enkele verkoeling op. Omdat de temperatuur vandaag intussen ook alweer is opgelopen tot ruim 26°C, heb ik voor vandaag mijn geheime wapen uit het archief tevoorschijn gehaald …
Blootsvoets door de sneeuw …
Wie hier al wat langer meeleest, weet dat ik dit ’s winters graag even doe als er wat sneeuw ligt. Het brengt dan altijd een aangename sensatie in mijn voeten en benen teweeg. Zoals ik er eerder in deze serie naar verlangde om weer eens op het ijs te kunnen staan, zo is dat tijdens deze hittegolf niet minder het geval bij een kort blootsvoets kuiertje door de sneeuw …
En nu maar hopen, dat de temperatuur morgen zo ver is gezakt, dat ik weer eens een blogje om kan en weer een ‘gewoon’ blogje kan plaatsen. 🙂
Op 19 juli schreef ik hier: “Gistermiddag bleef de maximumtemperatuur hier steken bij 29,7°C. Vandaag lijken we ook hier in het noorden de tropische 30°C flink te gaan overschrijden …”
Gisteren werd het hier opnieuw met 29,7°C net niet tropisch. Zo zal het vandaag en de komende dagen echter niet blijven. Mijn weigerachtige onderdanen hebben de afgelopen dagen intussen alweer dusdanig aan kracht ingeboet, dat ook de kijkhut in de Jan Durkspolder eerst weer even buiten mijn bereik ligt. Daarom gooi ik er nog maar eens wat (aanklikbare) virtuele koelte uit Fryslân tegenaan.
Zicht op het IJsselmeer vanaf het Oudemirdumer Klif (Google Maps), 1 februari 2010 …
De warmte heeft mijn onderdanen de laatste tijd weer geen goed gedaan. Sinds de tropisch dagen is hun draagvermogen teruggebracht tot een meter of vijftig. Aan twee, drie keer in de tuin heen en weer lopen heb ik momenteel wel even genoeg. Van fotokuiertjes in de natuur komt daarom al geruime tijd niets terecht. Voorlopig is de tuin mijn domein …
Gelukkig valt daar zo af en toe ook nog wel eens wat te beleven en te fotograferen. Zo’n spannende safari als vorige week vrijdag beleef ik er echter maar zelden. Die avond klonken er tegen middernacht weer eens tamelijk ondefinieerbare geluiden op achter in de tuin …
Twee weken eerder dan vorig jaar trof ik er opnieuw een paar heftig grommende, snuivende en/of blazende egels aan. Mijn aanwezigheid werd duidelijk niet op prijs gesteld, want op zoek naar privacy trokken ze zich vrijwel meteen terug in de richting van de bamboe …
Nadat ik mijn poriën gisterochtend vroeg om te beginnen eens lekker had gekieteld met een flink warme douche ben ik de (voorlopig) warmste dag van het jaar goed doorgekomen. Na de douche heb ik een tijdlang lekker koffie zitten drinken op het terras. Een hommel bezocht daarbij de intussen volop bloeiende kogeldistel …
Tegen de tijd dat ik op het punt stond om naar binnen te gaan, omdat het stilaan flink warm werd op het terras, streek er een jonge pimpelmees op een van de roestige lisdoddes neer …
Al snel vloog hij naar het grote houten vogelbad. Daar zat hij eerst een tijdlang om zich heen te kijken, terwijl hij zich af en toe even voorover boog om een slokje water te nemen. Uiteindelijk kon hij de aantrekkingskracht van het water niet weerstaan …
Tussendoor ging er een dagpauwoog op een paar bladeren van de lampionplant zitten. Hoe lang ik ook wachtte, hij verpofte het om zijn vleugels even te openen …
Een koolwitje wilde dat even later ook niet doen, maar daar stond tegenover dat hij zich wel even mooi in het tegenlicht wilde laten portretteren …
Aan het eind van deze eerste tropische dag heb ik me voor het eerst met op elke trapleuning een hand omhoog moeten trekken, omdat mijn onderdanen volkomen krachteloos waren. Voeg daarbij dat de luchtvochtigheid een stuk hoger is dan gisteren, dan belooft dat weinig goeds voor vandaag, want op dit moment is hel al twee graden warmer dan gisteren rond dit tijdstip. Ik had gehoopt vandaag even een ritje naar de ijsvogels te kunnen maken, maar ze moeten nog maar even wachten. Ik heb tenslotte de afgelopen maanden al zo vaak en lang op hen zitten wachten …
Als jullie me vandaag zoeken: ik zit vanochtend vooral in mijn computerhoekje en vanmiddag lig ik languit voor de Tour de France. Ik wens jullie een mooie dag, en je weet het: hou ’t hoofd koel.