Grote zilverreiger steelt de show

Sta je op een mooie woensdagmiddag in juni in alle rust foto’s te maken van twee foeragerende lepelaars, komt er ineens heel parmantig een grote zilverreiger het beeld in stappen …

Doodgemoedereerd schreed hij voort, terwijl één van de lepelaars een vluchtige blik in zijn richting wierp …

In tegenstelling tot de naarstig naar voedsel op zoek zijnde lepelaars, leek de zilverreiger geen honger te hebben …

Op statige wijze vervolgde hij zijn weg, niets leek hem te kunnen storen …

Even stonden we nog oog in oog met elkaar …

Daarna beende hij resoluut weg …

Lepelaars in De Weerribben

Na de lunch stelde Jetske op die mooie woensdag in juni voor om even een ritje door De Weerribben te maken …

In de buurt van Wetering-West zag ik vlak naast de weg een lepelaar door het water waden …

Jetske wist meteen wat haar toe doen stond …, enkele seconden later stond de auto rechts van de weg in de berm …

Zelf zochten we een plekje in de berm aan de linkerkant van de weg aan de rand van het water …

Twee lepelaars gaven ons ruim de tijd om foto’s te maken terwijl ze aan het foerageren waren …

Tussen de juffertjes

Kijkend naar de reacties die ik de laatste dagen heb gekregen, heeft niemand er enig bezwaar tegen om zo eind november, terwijl regen of hagel af en toe luidruchtig tegen de ruiten tikken, nog te kijken naar foto’s van voorjaar of zomer. Dat treft dan, want voorlopig ga ik daar ook nog rustig mee door, want van actuele fotokuiers komt het met de TENS nog steeds niet …

De afgelopen tien, elf jaar ben ik niet eerder zo laat in het jaar op pad gegaan voor een fotokuier met Jetske in de Kop van Overijssel. Het was half juni, toen ik me daar op een mooie dag aan de rand van de vijver de koffie kon laten smaken. De foto-onderwerpen dienden zich al snel aan, want het krioelde er niet alleen in het water, maar ook erboven van het leven. Om te beginnen zag ik deze pas uitgeslopen, nog bleke waterjuffer naast zijn oude jasje zitten om op te drogen en uit te harden …

Een stukje verderop zat op de rand van het rechtop staande blad van een waterlelie een lantaarntje mooi te zijn …

Op een ander lelieblad zaten twee mooie blauwe waterjuffers – waarschijnlijk azuurjuffers – lekker in het zonnetje …

Hieronder lijkt het ene juffertje het andere te willen verleiden …

Ja, en dan komt van het een het ander en moeten er eitjes worden afgezet …

En tot slot het ene juffertje dat door zijn rode kleur wat uit de toon viel, de vuurjuffer …

Galgaten, de Drentse Soarremoarre

Zoals ik de omgeving van Soarremoarre (Google Maps) als favoriet fûgeltsjelân heb, zo heeft boerin Hendrika haar favoriete vogeltjesland aan de Galgaten (Google Maps) Daar wilde ze me op deze mooie middag in mei graag even kennis mee laten maken. En dus tuften we na de lunch in bedaard tempo over Drentse dreven naar ‘Galgaten, de Drentse Soarremoarre …’   😉

Al snel reden we over een smalle met fluitenkruid omzoomde weg tussen kruidenrijke weilanden door. Hendrika had niets teveel gezegd, het was er prachtig. Zodra ik de auto op een geschikt lijkend plekje in de berm had laten uitrollen, werden we vanaf een oude dampaal luidkeels begroet door een grutto …

Blijkbaar herkende hij al snel goed volk in ons, want hij bleef mooi op zijn fotogenieke plekje staan en dat leverde even later een veel mooiere foto op dan de eerste …

Ook in het lange kruidenrijke gras rondom ons konden we al snel verschillende grutto’s gewaarworden. Verderop, helaas te ver voor onze camera’s, liep een koppel wulpen over een pas gemaaide strook gras …

Ik sluit deze serie Drentse logjes en foto’s af met een foto van een hek in de verte. Jawel, het is weer een wringe. Daarmee is het verhaal echt rond, want ik begon deze serie immers ook met ‘Een wringe in Drenthe’. Rest me nog te vermelden dat er ook nog een klein, op deze foto nauwelijks herkenbaar toetje op dat mooie oude hek staat: een gele kwikstaart …

Vanuit Fryslän nogmaals bedankt voor de gastvrije ontvangst en het mooie ritje naar jouw fûgeltsjelân, Hendrika. Een hartelijke groet ook aan meneer de Boer.

Weerzien op de boerderij

Na de cultureel-historische tussenstops bij de ‘GreenArtSpot Driftplein’ en de voormalige joodse begraafplaats van Dalen restte me nog een kort ritje naar de boerderij van collega-blogger boerin Hendrika en haar eega. Onder het genot van een bak koffie even bijpraten met de boer en de boerin, en dan even een rondje over het erf en door de stallen om de vertrouwde geur en sfeer van de boerderij op te snuiven …

Een deel van de dames deed zich tegoed aan een pas opgediende maaltijd. Verderop in de stal lagen koeien lekker uitbuikend te herkauwen op hun ruime plekken, waar ze onlangs nieuwe, nog wat gerieflijker matten hadden gekregen met een verse laag strooisel …

De Joodse begraafplaats bij Dalen

“Het is een plek waar je af en toe de stilte kunt horen,” schreef boerin Hendrika gisteren in reactie op ‘Kunst achter de wringe’. Dat is mij indertijd eerlijk gezegd niet echt opgevallen. Slechts enkel honderden meters verderop aan dezelfde weg was dat die dag wel zeker het geval. Bij de voormalige Joodse begraafplaats van Dalen werd de stilte slechts verbroken door het gekwinkelier van vogels en het geritsel van bladeren aan de omringende bomen en struiken …

Toen zich in het begin van de achttiende eeuw enkele joodse gezinnen in Dalen gevestigd hadden, kochten zij buiten het dorp een stukje grond voor de aanleg van een eigen begraafplaats. In verband met de door Ezechiël uitgesproken profetie (Ezechiël 37!), dat alle overleden joden eens lijfelijk uit hun zouden worden opgewekt om naar Israël terug te keren, was het zeer belangrijk, dat de graven de eeuwen door onberoerd zouden blijven. Vandaar de verwerving van de begraafplaats in eigendom …

Toen de joodse gemeente van Coevorden in 1768 de beschikking kreeg over een eigen synagoge met begraafplaats, bezochten de Daler Joden hier voortaan de diensten en werden er ook begraven. De Daler begraafplaats raakte hierdoor buiten gebruik, maar bleef in overeenstemming met de joodse regels tot op de dag van vandaag onaangetast aanwezig …

Het aantal joden in Dalen was nooit groot. In 1942 bedroeg het 16 personen, waarvan er dertien werden weggevoerd en vermoord. Hun namen zijn te lezen op het bovenstaande plaquette op een gedenksteen bij de begraafplaats …

Vanaf 1997 werd gewerkt aan de restauratie van de oude begraafplaats. Dat jaar werd een gedenksteen geplaatst (zie foto). Met het plaatsen van een hek was in juli 2001 de restauratie voltooid.
Op de begraafplaats staat slechts één grafsteen, die van Samuel Visser. Hij overleed in 2001 en werd dus pas na de restauratie van de begraafplaats begraven. Hoeveel mensen hier in totaal zijn begraven en wat er met de andere grafstenen is gebeurd, is niet bekend …



Informatie: Wikipedia en online begraafplaatsen

Kunst achter de wringe

De ‘wringe’, het hek dat ik hier gisteren liet zien, is in het Nederlands een wringhek. In het Drents is het volgens boerin Hendrika ook een wring(e) of draaihek. Op de site van ‘De Hekkerij‘ staat over het wringhek:

“De Hekkerij ontwerpt, maakt en plaatst eikenhouten wringhekken. De hekken worden op maat gemaakt en hebben een landelijke uitstraling. Elk hek is uniek. Dit karakteristieke hek stond van oudsher op plaatsen die niet dagelijks geopend werden, zoals bij de ingang van weilanden en percelen. Het wringhek of boerenhek heeft als kenmerk dat de bovenligger bestaat uit een bezaagde en gedisselde inlands eikenhouten boomstam met een natuurlijke vorm. Deze bovenligger steekt aan beide zijden over. Aan de ene kant als contragewicht en aan de andere kant als handvat en sluiting. De zwaarste kant rust op een eiken draaipaal die aan de bovenzijde is voorzien van een rond draaipunt. Deze draaipaal bestaat uit één geheel, dus geen ingeslagen houten pen of ijzeren pen waar de paal uiteindelijk zwakker van wordt. De dunne kant rust in de gaffelpaal die een natuurlijke en karakteristieke Y-vorm heeft …”

Achter deze wringe bij het Drentse Dalen gaat een project schuil van Natuurkunst Drenthe – een kunstwerk op het platteland – GreenArtSpot Driftplein. Het betreft een aantal rechtlijnige ontwerpen van het Rotterdamse kunstenaarscollectief Observatorium

Van het intussen flink toegetakelde informatiepaneel werd ik niet veel wijzer. Wat ik wel weet, is dat het geheel tot stand is gekomen in overleg met omwonenden. Toevallig ken ik één van die omwonenden: boerin Hendrika. Zij heeft van 17 maart tot 19 juni 2014 op haar weblog uitgebreid verslag gedaan van de totstandkoming van ‘GreenArtSpot Driftplein‘, zoals het project uiteindelijk is gaan heten. In deel 1 van haar reeks over de geboorte van het kunstwerk schrijft boerin Hendrika: …

“GreenArtSpots zijn kunstprojecten die zich laten inspireren door de locatie en omgeving en/of er een dialoog mee aangaan. Dat kan een ingreep in het landschap zijn, een toevoeging of verwijdering van onderdelen. Het doet iets met de cultuurwaarden van de locatie (van het heden, de toekomst of de historie), versterkt dit of staat er juist mee in contrast. De kunstenaar is vrij om zijn of haar eigen invalshoeken te kiezen waarbij ook de sociale, culturele, economische of politieke context van de locatie mee kunnen spelen. GreenArtSpots laat je door de kunstprojecten anders naar de omgeving kijken. Je kunt het van afstand aanschouwen, maar je er ook in of bij verplaatsen. Beleving ter plekke is essentieel. Daarnaast is de fysieke houdbaarheid van het kunstproject van minimaal tien jaar een voorwaarde.”

De drie driehoeken stellen drie gebouwen uit de directe omgeving voor. Het hoogste gebouw stelt een grote amusementshal voor (Plopsaland Indoor Coevorden), de laagste een vakantiewoning op een bungalowpark (Center Parcs de Huttenheugte) en de middelste een van de boerderijen in het aangrenzende beekdal. Er zijn drie materiaalsoorten gebruikt: hout, staal en beton. Afijn, wandel maar even wat rond …

Mijn oordeel: het heeft wel wat. De robuuste materialen passen wel in de omgeving en de bouwwerken zijn voor mij wel herkenbaar. Ik vind het alleen jammer dat het geheel dicht bij de omringende bomen staat. Dat gaat ten koste van het strakke lijnenspel en vooral het stalen bouwwerk valt goeddeels weg tegen de bomen.