Mijn week van de grutto (5)

Niet veel verderop zag ik nog een grutto op een dampaal staan. Ook deze skries – zoals de grutto in Fryslân wordt genoemd – bleef fier op zijn plek aan de linkerkant van de weg staan, terwijl ik langzaam dichterbij kwam …

Hij hield me wel goed in de gaten, dat was duidelijk. Omdat ik toch al aan de rechterkant van de weg in de berm liep, ben ik daar achter de eerste de beste bos fluitenkruid gekropen. En zo kreeg ik de kans om nu eens een grutto in een bloemrijke omlijsting vast te kunnen leggen …

Grutte rinkelbel en de wetterpinksterblom

Nadat ik mijn collectie orchisfoto’s weer had aangevuld met voldoende verse exemplaren, besloot ik rustig terug te scharrelen naar de auto. Dat duurde toch nog weer wat langer dan ik had ingeschat. Onderweg ontdekte ik al snel een plant waar ik een week eerder tevergeefs naar had gezocht …

De Grutte rinkelbel of Grote ratelaar liet zich net als de orchis tot voor kort gemakkelijk vinden en fotograferen langs het pad waar eind 2016 een bankje is geplaatst. Ik ben blij dat ik ze weer heb gevonden, want ze zijn in de loop der jaren echt bij mijn voorjaarsbeleving gaan horen  …

Intussen was ik in de buurt van de sloot beland. Boven het wateroppervlak leken leken talloze witte sterretjes te zweven. Van enige afstand lijkt de Wetterpinksterblom of Waterviolier maar zo’n onooglijk bloemetje …

Van dichtbij bekeken zijn het echter prachtige bloemetjes met fijne kleurnuances. Daar schuilt ook meteen het probleem in, want het valt niet mee om er dicht bij te komen zonder te water te raken. Aan echte macro’s heb ik me daarom veiligheidshalve maar niet gewaagd …

Terug naar ’t Skar

Had ik al verteld, dat ik een week nadat ik er met mijn fotomaatje was, nog eens terug ben gegaan naar het Weinterper Skar? Op 20 mei konden we er maar met moeite enkele orchissen vinden. Een week later waren ze als paddenstoelen uit de grond geschoten …

Het veld waar ze van oudsher in grote aantallen stonden te pronken, zag er nog steeds dor en doods uit. In het veld naast de parkeerplaats kon je echter nauwelijks een stap tussen de boterbloemen zetten zonder een brede orchis te raken …

Een kleine vrijage

Al ruim 25 jaar sieren de wilde witte voorjaarsbloeiers van de grote muur de rechteroever van het stroompje dat uitmondt in onze vijver. Nou ja, uitmondde eigenlijk, want het stroompje is onder invloed van de klimaatverandering een aantal jaren geleden helaas drooggevallen. Maar de grote muur deed het desalniettemin elk voorjaar nog even mooi. Zo zag het er vorig jaar uit  …

Elk jaar verscheen er een mooie witte deken van bloemetjes aan de achterkant van de vijver. Tot dit jaar …
Er verschenen veel minder knoppen en veel meer dan pakweg 25 bloemetjes zijn er de afgelopen periode helaas niet tot bloei gekomen. Onze kleine grote muur dreigt het slachtoffer te worden van de droge lentes die we de afgelopen jaren hebben gehad …

Een groot deel van de bloemetjes liet het kopje al snel hangen. De regen lijkt ook dit jaar weer te laat te komen. Maar er is altijd hoop, zo ook hier … Op een zwoele namiddag was ik getuige van een kleine vrijage van twee bloemen. Ze lijken er alles aan te doen om stand te houden …   😉

Terug naar de Blaustirns

In de zon en uit de wind werd het rond het middaguur flink warm op en rond het bankje aan de oostkant van het Weinterper Skar. Daarom stelde ik na verloop van tijd voor om voor het tweede deel van onze dag een wat frisser plekje op te zoeken. Na kort overleg besloten we weer eens een kijkje te nemen bij de vogelkijkhut de ‘Blaustirns’ op de oever van de Leijen bij Doktersheide …

Onderweg sprak ik het vermoeden uit dat de kijkhut best eens gesloten zou kunnen zijn i.v.m. het coronavirus. Eenmaal ter plekke bleek dat inderdaad het geval te zijn. Maar het hek naar het toegangspad stond open en dus besloten we in elk geval die kant even op te lopen. Ook al zouden we aan het eind van het vlonderpad alleen maar even van het uitzicht kunnen genieten …

Langs het pad konden we onze camera’s meteen weer laten klikken. Een uurtje eerder hadden we de echte koekoeksbloem voor de lens gehad, hier zorgde de dagkoekoeksbloem voor roze tinten tussen het riet. Slechts enkele meters verderop stond de gele lis. Hij zat ruim onder allerlei klein grut, zoals diverse vliegen en kevers. Wat daar op die rechter knop zit, kan ik niet goed thuis brengen. ’t Lijkt op een pas uitgeslopen libel, maar daarvoor is het volgens mij te klein. Kortom: wie het weet, mag ’t zeggen …

We vervolgden onze weg langs het rietveld waar het eerder dit jaar gemaaide riet weer frisgroen omhoog reikte. Langs de oever van de Leijen en rond de tweedelige boom waar de koekoek kort zat te roepen, was een mooi oud rietkraagje blijven staan …

Uiteindelijk bereikten we het vlonderpad, we naderden ons doel. Nog een paar meter …, zodra we het bosje voorbij waren, zouden de hut in beeld krijgen …

– wordt vervolgd –

Niet meer wat ’t was

Als je goed je best doet, dan lukt het in deze tijd van het jaar nog wel om een mooi kleurrijk, maar virtueel veldboeket samen te stellen in het Weinterper Skar …

En als je geluk hebt, dan vind je misschien nog wel een paar brede orchissen ook. Kijk maar eens naar de eerste twee foto’s hieronder. Maar het is niet meer wat ’t was. Kijk maar eens naar de derde foto uit begin juni 2013 …

Tot 2016 kon je hier eind mei – begin juni vaak geen stap zetten zonder een orchis te raken. Zo zaten Jetske en ik woensdag wat te mijmeren over de teloorgang van ons eens zo geliefde Weinterper Skar …

Want voor de echte koekoeksbloemen geldt al precies hetzelfde. Misschien waren we net wat aan de vroege kant, maar ook de koekoeksbloemen waren bijna op één hand te tellen. Hoe anders was dat op de 3e foto uit 2015 …

Op dit moment ziet het er dor en doods uit, zoals te zien was op de eerste foto in het logje ‘In de pluisjes’. En zeg nou zelf, dit koppel had er in 2015 toch een sprookjesachtig mooi plekje voor hun bruidsreportage aan …

* Wie wil weten hoe ik tegenwoordig mijn macrofoto’s maak, kan terecht bij mijn fotomaatje Jetske. Zij heeft zojuist haar eerste serie over onze fotokuier van woensdag gepubliceerd: ‘Brede orchis in het Weinterper Skar’.

 

In de pluisjes

Terwijl Jetske zich nog enige tijd met de brede orchissen vermaakte, nam ik even plaats op het eerste echte Afanja-bankje langs het pad. Terwijl ik de omgeving nog eens in me opnam, kwam ik opnieuw tot de conclusie dat het tegenwoordig eigenlijk maar een dooie boel was in het Weinterper Skar. Waar je enige jaren geleden de insecten bij wijze van spreken van je af moest slaan, moest je ze tegenwoordig zoeken …

Een loopje naar het begin van het pad leverde dan ook weinig meer op dan wat uitgebloeide paardenbloemen. Omdat je er altijd het beste van moet zien te maken, streek ik even bij een paar pluizenbollen neer …

Ik heb het in de loop der jaren al vaker geschreven, maar ik vind de paardenbloem nog altijd één van de meest ondergewaardeerde bloemen van ons land. Zeker wanneer je er eens goed voor gaat zitten, zijn ze in alle fasen het bekijken waard

Intussen had mijn fotomaatje blijkbaar haar fotosessie met de orchissen afgerond, want terwijl ik geconcentreerd bezig was om wat van de pluisjes te maken, zag ik haar ineens weer in beeld verschijnen …