We zijn onderweg naar het achterste deel van de Ecokathedraal. Je kon het gisteren al door het fluitenkruid zien schemeren, hier is Louis le Roy ooit begonnen met bouwen. Vele vrachtwagens met stenen werden hier gedumpt. Stuk voor stuk gingen de stenen door Le Roy zijn handen om er de eerste bouwwerken mee te stapelen …
Het pad voert de bezoeker hier normaal gesproken tussen de bouwwerken door naar boven. Terwijl Aafje hier op mij blijft wachten, verlaat ik het gebruikelijke pad om buitenom langs een hoge wand helemaal naar achteren te lopen …
Aan het eind van de wand volg ik het paadje naar rechts. Daar sta ik aan de voet van de hoge bouwwerken aan het eind van het grondgebied van de Ecokathedraal. De wand is goeddeels bekleed met klimop en aan de voet liggen enkele deels vergane boomstammen …
Mijn hoofd in de nek leggend kan ik ook het hoogste punt zien. Laten we dat bouwwerk gemakshalve maar even de donjon noemen, dan weten we straks waar we het over hebben, want we komen daar straks nog terug …
Als ik me omdraai, sta ik voor het slootje dat de Ecokathedraal begrenst. Een geïmproviseerde, waarschijnlijk clandestien aangelegde oversteekplaats leidt naar de overkant. Maar avontuurlijker geesten kunnen natuurlijk ook gebruik maken van de boombrug …
Om te voorkomen dat Aafje ongerust wordt, besluit ik na enige tijd de terugweg te aanvaarden. Terug om de hoek, zie ik haar een stuk verderop al staan. Kun je nagaan hoeveel stenen alleen al in dit deel van de Ecokathedraal zijn verwerkt …
We lopen nu via het gebruikelijke pad naar boven en komen uit aan de achterkant van de donjon. Even ter oriëntering: zowel matroos Beek als oma Baard kwamen hier tijdens hun rondgang door de Ecokathedraal in tegengestelde richting naar beneden …
Nadat ze zich door het bos van de grote berenklauw heeft geslagen, staat Aafje op de foto hieronder naast de donjon op het hoogste punt van de Ecokathedraal. Zowel op de middelste foto hierboven als op de foto hieronder is trouwens goed te zien hoe de donjon aan de binnenzijde afbrokkelt …
Ik sluit af met een blik in de diepte. Daar bij die boompjes in de diepte stond ik eerder om de foto’s van de achterwand en de donjon boven me te maken …
Vandaag en morgen neem ik jullie weer even mee naar de Ecokathedraal. Op een wisselend bewolkte dag was ik er onlangs om Aafje kennis te laten maken met de frisse voorjaarsdracht van de Ecokathedraal …
Aafje had hier en daar het gevoel dat ze zich in de wildernis bevond, waar ze zich een weg door het fluitenkruid moest banen en de klauwen van de grote berenklauw moest zien te ontwijken. Maar het was de moeite waard …
Morgen neem ik jullie mee naar een verborgen plekje in de Ecokathedraal …
In de bijna 15 jaar waarin Jetske en ik regelmatig samen een fotokuier maken, hebben we ons maar zelden laten weerhouden door de weersomstandigheden. Daarom zijn we ondanks de stormachtige wind en de buien die over het land werden geblazen ook gisteren samen op pad gegaan …
Ons eerste doel werd het Weinterper Skar, want Jetske wilde ook dit jaar graag weer een paar wilde orchideeën fotograferen. Dat viel nog lang niet mee ditmaal, ontdekte ze. Om te beginnen stonden er nog steeds maar weinig orchissen, maar het was ook erg nat. De vuilniszak, de Jetske bij zich had om droog neer te kunnen knielen, was tegen deze nattigheid niet opgewassen. Maar uiteindelijk kon Jetske toch met een paar orchissen op de foto terug naar huis …
Eigenlijk was het met die harde wind natuurlijk helemaal geen weer om macro-opnamen te maken. Het zou er nu moeten zoemen van de insecten en fladderen van de vlinders, maar niks van dat alles. Veel verder dan enkele pogingen om een paar Pinksterbloemen nog enigszins acceptabel te vereeuwigen ben ik niet gekomen. Verder heb ik me vooral gericht op het veelkleurige bloementapijt onder de voortjagende grijze wolken …
Nadat we tussendoor thuis een paar boterhammen hadden gegeten, besloten we nog even naar de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen te rijden. Het was er een stuk minder gerieflijk dan toen ik hier op 11 mei was. Maar we hadden het slechter kunnen treffen, want we konden de kijkluikjes open hebben zonder te worden weggeblazen …
Sterns en de boerenzwaluwen lieten zich alleen zien terwijl ze in hoog tempo het luchtruim doorkliefden. De roerdomp liet zich weer horen, net als de rietzanger die ons vlak naast de kijkhut op een mooi concertje trakteerde. Hoe we ook zochten, we kregen ze niet te zien. Daarom hielden we ons verder vooral bezig met de dreigende wolkenpartijen en de woelige baren. Na verloop van tijd verschenen er aan de andere kant van het meer een paar windsurfers, die nog voor wat afleiding zorgden …
Toen we een klein uurtje later huiswaarts keerden, was ik de enige die een vogeltje op een takje in beeld had kunnen vangen. Deze rietzanger liet zich onderweg naar de auto heel even zien, om daarna snel weer in de diepte van takken en bladeren te verdwijnen. Maar het allerbelangrijkst was, dat we weer terug konden kijken op een paar gezellige en geslaagde fotokuiertjes …
Om te beginnen dank voor alle reacties en complimenten op de ‘Druppelstudies’ van gisteren en maandag. Nu kijk ik nog meer uit naar een periode met droog weer. Want ik ben met de druppels zo langzamerhand op het punt aangekomen, dat het moeilijk wordt om mezelf met de beschikbare middelen nog te verbeteren …
Gelukkig hadden we vooruitlopend op een langere periode met droog weer dinsdagmiddag al dusdanig veel zon, dat we in ieder geval weer eens even in de tuin konden zitten. Daar streek na enige tijd een vuurjuffer voor me op het terras neer. Het was de eerste dit jaar. Vanuit fotografisch oogpunt had hij wel een mooier plekje kunnen uitzoeken, maar hij liet zich wel even heel netjes van alle kanten portretteren …
Lang hoefde ik niet te lopen voordat ik bij de splitsing van paden kwam. De dobbe aan het pad naar rechts zou duidelijk te ver zijn vandaag, daarom nam ik het pad naar links. Terwijl ik langs het blauwgrasland liep, keek ik uit naar een paar van de beschermde planten die het Weinterper Skar in deze tijd van het jaar kleur horen te geven …
Al snel zag ik een paar Brede orchissen staan. Ze stonden te ver van het pad om er macrofoto’s van te kunnen maken, maar met behulp van de zoomlens heb ik ze toch redelijk in beeld kunnen vangen. De Brede orchis (frouljustriennen – ‘vrouwentranen’ in het Fries) staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als vrij zeldzaam en sterk afgenomen. Maar gek genoeg is de soort volgens Wikipedia sinds 1 januari 2017 niet meer wettelijk beschermd …
Intussen was ik aangekomen bij één van de twee ‘Afanja-bankjes’, die hier eind 2016 geplaatst zijn als goedmakertje voor het verdwijnen van de Nije Heawei. De bankjes maken mijn mobiliteit niet groter, maar het zijn wel fijne plekjes om even rust in acht te nemen en te genieten van de omringende natuur. En zo lang de lucht het bij dreigen hield, besloot ik daar even gebruik van maken …
Vanaf het bankje liet ik mijn blik over het blauwgraslandje voor me glijden. Ineens ontdekte ik de tweede beschermde plant waar ik naar had uitgekeken, het Heidekartelblad (heiderinkelbel in het Fries). Nog niet zo gek lang geleden moest je de minuscule bloemetjes met zorg zoeken, omdat er slechts enkele planten op of vlak naast het pad stonden. Nu lijken er veel meer te staan dan ik er in voorgaande jaren ooit heb gezien. Ook het heidekartelblad staat als zeer zeldzaam en zeer sterk in aantal afgenomen op de Nederlandse Rode lijst van planten. In het Weinterper Skar doet het heidekarteblad het op dit moment duidelijk erg goed …
Intussen bleef de lucht dreigen. Ik had mijn fotografische buit eerst wel weer binnen, daarom begon ik aan de terugweg naar de auto. Het ziet er niet naar uit dat we in mei nog echt warmer en standvastig weer krijgen, toch hoop ik binnenkort nog eens op een zonnig dagje wat langer in het Weinterper Skar rond te kijken …