Een laagje ijs in de polder

Het verschil kan nauwelijks groter zijn nu regen en wind het weerbeeld weer bepalen, maar we gaan toch weer even terug naar de zonnige donderdagochtend. Nadat ik een tijdlang had genoten van de reeën, die in alle rust met zijn vijven in een weiland stonden te grazen, ben ik doorgereden naar de Jan Durkspolder. Daar stond bij aankomst een blauwe reiger aan de noordkant bij de Lytse Mar …

Ik parkeerde de auto en liep naar de grote vogelkijkhut. Ik had er alle ruimte, want ik was er alleen. In alle rust heb ik beurtelings aan alle drie de kanten een tijdje rond zitten kijken. Vogels waren er niet te zien, in de verte lieten alleen wat fluiteenden zich af en toe horen. Daarom heb ik rondgaand van west naar oost, alleen wat foto’s gemaakt van de prachtige ijsvlakte die de plas lag. ’t Is alleen wel jammer dat hij amper een centimeter dik was en intussen weer is verdwenen …

Ik sluit mijn rondblik over de Jan Durkspolder af met kijkje in noordoostelijke richting. Daar staat de windmotor aan de Westersanning als een baken over de ijzige vlakte te wuiven …

Twee bruine kiekendieven

Maandagmiddag stond er een harde wind, maar de zon scheen regelmatig vriendelijk tussen de wolken door. Omdat ik geen zin had om met die wind met de iLark op pad te gaan, werd het voor het eerst sinds langere tijd een autoritje naar de Jan Durkspolder en de Hooidammen. Toen ik bij de Hooidammen vandaan kwam, besloot ik onderweg naar huis nog even een tussenstop te maken bij de picknicktafel ter hoogte van de windmotor Barfjild aan de Wolwarren …

Al na een paar minuten werd mijn aandacht getrokken door een over het rietland vliegende bruine kiekendief in de verte. Eenmaal hoger in de lucht voegde zich een tweede kiekendief bij hem. Of het spel of strijd was, weet ik niet, maar een tijdlang ontspon zich een boeiend schouwspel in de lucht. Het viel niet mee om hun capriolen, die af en toe nog eens versneld werden door de harde wind, met redelijke zoom te volgen. Dit is een deel van het resultaat …

Langs ’t pontje van Jonen

Na de koffie zetten we onze vaartocht door de Wieden voort. Je zou je af en toe bijna schuldig voelen om de perfecte weerspiegeling verderop te verbreken, maar Jetske hield standvastig koers …

Typerende landschapselementen trokken in het rietland rondom aan ons voorbij, variërend van nog glanzende windmotors tot oude houten tjaskermolens ,,,

Vanaf de Cornelisgracht draaiden we na verloop van tijd linksaf de Walengracht op. Daar passeerden we even later het fietspontje van Jone. Voor € 1,30 kun je je hier over laten zetten, en dat scheelt al snel 17 km fietsen …

Op verschillende plaatsen zagen we dat een kleine, lichte trekker met brede banden een ponton op of af werd gereden. Deze trekkers worden gebruikt om de hooilanden tussen de rietvelden te maaien. Licht materieel is in dit natte gebied onontbeerlijk, en het zou in mijn ogen als voorbeeld en alternatief moeten dienen voor het zware materieel van de gemiddelde boer, om vernatting van het land mogelijk te maken …

Maar er wordt niet alleen hard gewerkt in Nationaal Park Weerribben-Wieden. Ook voor spelevaren is er alle ruimte in dit prachtige gebied, getuige de bootjes die her en der voor de wal lagen …

Een mistig begin

Mijn eerste fotokuier heb ik dit jaar net als in 2022 op 3 januari gemaakt in de Jan Durkspolder. Het grootste verschil was, dat het toen helder en zonnig was, terwijl er nu mist boven de polder hing …

Het leek me niet zinvol om in de vogelkijkhut te gaan zitten, daar zou waarschijnlijk weinig te zien zijn. Daarom maakte ik even een wandeling over de Westersânning (Google Maps)

Het was ook in dit mistige sfeertje weer een prima plekje om het jaar te beginnen. En ik was niet de enige die er zo over dacht …

Terugblik oktober 2022

Ik begin de terugblik op oktober in de wachtkamer van de afd. Neurologie in het plaatselijk ziekenhuis. Na een intakegesprek en een looptest in september was mijn nieuwe neuroloog bereid om me een relatief nieuw medicijn voor te schrijven. Daar plukte ik vanaf oktober de revenuen van. Er ging al na korte tijd zogezegd een wereld voor me open, omdat ik er vrijwel meteen een stuk stabieler mee kon lopen dan voordien …


Gaandeweg de maand heb ik geprobeerd mijn fotokuiertjes heel voorzichtig wat te verlengen. In de Jan Durkspolder lukte het o.a. om een torenvalk op de windmotor aan de Westersânning te kieken. Bij het Witte Meer bekroop me even de neiging om te onderzoeken waar het vlonderpad langs het Witte Meer uitkomt, maar dat leek me toch nog niet verstandig …

Verder ben ik weer eens van voor tot achter in de Ecokathedraal gekomen, en zelfs nog wat verder. Ook de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ bij de Leijen is weer binnen mijn bereik gekomen. Het is dan alleen wat jammer als je als derde in de kleine hut komt, terwijl de eerste twee niet bereid zijn om het mooiste plekje even te delen. Paddenstoelen waren wat dat betreft makkelijker onderwerpen, en daar heb ik dan ook veelvuldig gebruik van gemaakt in oktober en november …

Na een warme zomer volgde een zachte herfst, in de laatste week van oktober was het ronduit warm. In ons tuintje werd de hoogste temperatuur op 28 oktober bereikt: 19,2°C, in Eindhoven verscheen die dag 24,6°C op de thermometers. Afijn, onder het motto ‘Een kinderhand is gauw gevuld’ was ik al heel blij met die 19,2°C. De gemiddelde temperatuur kwam in oktober uit op 13,1°C, ca. 3 graden warmer dan het langjarig gemiddelde in oktober voor de periode 1971-2000. Met gemiddeld over het land 38 mm neerslag was het ook een erg droge maand. Dankzij ruim 20 mm regen op 1 oktober hadden wij aan het eind van de maand met in totaal 52 mm weer niks te klagen …

Een hoopvol wintertje

Zoals ik aan het begin van het wintertje een tussenstop aan de Wolwarren maakte, nadat ik de eerste schaatsers bij de Hooidammen had gezien, zo deed ik dat ook aan het eind van het wintertje …


Schaatsers waren hier niet meer te zien, maar dat had ik ook niet verwacht. Achter de Hooidammen en in de Jan Durkspolder lag nu meer en mooier ijs dan hier, en het was er nog gezelliger ook. Bij gebrek aan schaatsers liet ik nu de windmotor aan de Wolwarren en zijn veel grotere neef in de verte bij De Veenhoop figureren in het kille winterlandschap. Ook een mij welbekende boom mocht nog even meedoen …

Nog een laatste blik over de vlakte achter de wuivende rietpluimen. De glans van het ijs was onder invloed van de weersverandering al verdwenen en het KNMI beloofde weinig goeds voor de rest van het jaar. Intussen weten we maar al te goed dat die ‘belofte’ is uitgekomen. Zoals het nu lijkt, hebben we rond de jaarwisseling temperaturen in de dubbele cijfers. En de vooruitzichten stemmen somber, in de eerste helft van januari lijken we winterweer wel te kunnen vergeten nu de westelijke stroming stevig in het zadel zit …


En toch wil ik ook wat dit betreft maar weer optimistisch en hoopvol afsluiten. Dit vijfdaagse decemberwintertje heeft er in ieder geval voor gezorgd dat er in 2022 nog even op natuurijs geschaatst kon worden, want dat zat er in de winter van 2021-’22 niet in. En hoewel het er voor de eerstkomende twee weken niet goed uitziet, duurt de winter daarna nog tot eind februari. Dus we mogen in ieder geval blijven dromen …

Van Eagum naar Boazum

Na een dagje met zon en kleur hier in het noorden is het vandaag mistig en grijs. Tijd om ons ritje langs een aantal oude Friese kerken weer op te pakken.

Mijn fotomaatje en ik lieten Eagum achter ons en zetten via landelijke wegen koers naar ons volgende doel: de Sint-Martinuskerk of Sint-Martenstsjerke in Boazum (Bozum in het Nederlands). Onderweg passeerden we o.a. de Kleiterpstermolen (Google Maps), een maalvaardige Amerikaanse windmotor van het merk Hercules, zoals er ook één bij De Veenhoop staat …


Boazum is een oud dorp, dat ooit via een riviertje verbonden was met de oude Middelzee. Het dorp ligt op een grote terp, volgens sommige zou er zelfs sprake geweest zijn van twee terpen. In 1260 werd de plaats voor het eerst vermeld als Bosingum. In het tegenwoordige Boazum zocht Jetske een prominent plekje om de auto te parkeren, zo dicht mogelijk bij de kerk en voor de deur van een huis dat waarschijnlijk ooit is gebouwd voor een lokale notabele …


Jetske heeft op haar blog het verhaal achter dit mooie huis uiteengezet: ‘De Sint-Martinuskerk in Boazum’. Vanaf het Altaplein liepen we langs de vijver die tussen het bovenstaande huis en de kerk ligt. Jetske dook nog snel even de ‘notaristuin’ in om de kerk mooi weerspiegeld vast te leggen. Ik stelde me tevreden met de onderstaande beelden bij het naderen van de kerk …

Het eerste wat me opviel zodra we voorbij het hek waren, was dat deze kerk toch wel een maatje groter lijkt te zijn dan de middeleeuwse Kleastertsjerke in Kortehemmen of de Sint Hippolytuskerk in Olterterp …


De Sint-Martinuskerk is een van de oudste romaanse kerkgebouwen in Fryslân uit de 12e eeuw …

De kerk is toegankelijk door een sierlijk poortje in de zuidmuur. De ingang van baksteen en bergsteen, is geflankeerd door zogenaamde korintische pilasters die een hoofdgestel dragen, waarin een opschrift en het jaartal 1700. De letters FGP staan voor Fransiscus Gellides, Predicant

De deur bleef ook hier weer gesloten voor ons. Jammer, want het interieur met o.a. plafondschilderingen die bij een restauratie in 1941 tevoorschijn kwamen, schijnt ook zeker de moeite waard te zijn. Forceren leek me weinig doeltreffend in dit geval …


  • morgen meer